Verdwijnwoordenboek legt 1500 verloren woorden vast.

home

door Deborah Jongejan

Het mooie van taal is dat het een komen en gaan is van woorden, vindt Ton den Boon, hoofdredacteur van de ’Dikke van Dale’. Al is het wel jammer dat sommige woorden in de vergetelheid raken. Daarom heeft Den Boon van ruim vijftienhonderd woorden het stof afgeblazen en met taalpublicist Julius ten Berge het Verdwijnwoordenboek samengesteld.

Kwipsch betekent ziekelijk. Het is zo’n woord waarvan Den Boon het zonde vindt dat we het niet meer kennen in onze taal. ,,Ik kan me nog herinneren dat mijn grootmoeder het gebruikte. Ik zou graag willen dat kwipsch weer opnieuw zou ontstaan.’’

Het Verdwijnwoordenboek is echter niet bedoeld om oude woorden weer in onze taal te introduceren. Het is er om het fijne gevoel van nostalgie op te wekken. Zoals bij het woord flessenkeldertje, dat stond voor een ’klein koffertje met vakken om flesschen te bevatten’. Het is inmiddels vergane glorie. ,,Grote veranderingen in de werkelijkheid hebben invloed op de woordenschat, maar ook kleine’’, zegt Den Boon. Neem de komst van pakken melk en yoghurt. Die hoeven niet meer leeggeschraapt te worden, zoals vroeger met de flessen zuivel werd gedaan. Het woord ’flessenschraper’ is daarom overbodig geworden. ,,Dat zo’n woord verdwijnt, is niet tegen te houden. Maar zolang we het ons blijven herinneren, kan het nog de bijbehorende tijd voor de geest toveren. Zo wekt het woord soms een nostalgisch, weemoedig gevoel op naar een tijd die voorgoed voorbij is.’’

De verdwenen woorden hebben Den Boon en Ten Berge teruggevonden in een van de eerste Nederlandse woordenboeken uit 1864. In het Verdwijnwoordenboek worden de woordenlijsten afgewisseld met columns over begrippen die soms vijftig jaar geleden nog heel gewoon waren, maar in de loop der tijd verloren zijn gegaan. ,,Zoals het woord hokken voor ongehuwd samenleven’’, vertelt Den Boon. ,,In de jaren zeventig was dat niet algemeen geaccepteerd. Men vond het bij de beesten af en noemde het daarom hokken of zelfs kooien.’’

,,Woorden verdwijnen nu eenmaal met maatschappelijke verschijnselen. Zoals bij samenwonen. Op een gegeven moment is het geaccepteerd en de negatieve bijklank kwijtgeraakt. Woorden verdwijnen ook met de zaken. Zo heb ik als kind nog met blokken op de trappers gefietst, zodat ik bij de trappers kon. Tegenwoordig kun je fietsen verstellen. ’Blokken op de trappers’ zal dus op een gegeven moment uit het woordenboek verdwijnen.’’

,,Daarnaast zijn we door de ontkerstening veel woorden kwijtgeraakt. Dat zal nu ook gebeuren door de Nieuwe Bijbelvertaling. Veel mensen zijn opgegroeid met de bijbelse uitdrukking ’ijdelheid der ijdelheden’ uit Prediker. Dat staat niet meer in de Nieuwe Bijbelvertaling, dus jongeren zullen de uitdrukking straks niet meer kennen.’’

,,Het is natuurlijk jammer dat sommige woorden voorgoed verdwijnen. Ze zullen nog wel bewaard worden in boeken, maar alleen wetenschappers kijken daarin. Bepaalde woorden wilden we daarom voor het voetlicht brengen. Elk woord in het boek roept wel een vorm van verbazing op.’’

Opvallend veel woorden in het Verdwijnwoordenboek zijn ontleend aan het Frans, zoals delivreren, verlossen. Ten tijde van het woordenboek uit 1864 was de Franse tijd net achter de rug. Nu heeft vooral Engels invloed op onze taal. ,,De aanwas van het Engels is wel verdergaand dan het Frans. De Angelsaksische wereld blijft namelijk woorden aanleveren, doordat het de belangrijkste leverancier is van nieuwe technologie. Technische ontwikkelingen hebben veel invloed op de taal. In 2001 ging het bijvoorbeeld economisch wat minder goed en werd er minder in technologie geïnvesteerd. Je zag meteen minder Engelse woorden in onze taal.’’

,,Zo zijn er veel agrarische woorden verdwenen, doordat we nu een heel andere samenleving hebben. Ook zijn er de afgelopen veertig jaar veel namen voor gereedschappen verloren gegaan. Vele zijn vervangen door de automatisering.’’

,,Het is wat woorden betreft net de survival of the fittest. In het Verdwijnwoordenboek staat bijvoorbeeld het woord ’floddervos’, terwijl we het nu als sloddervos kennen. Waarschijnlijk bestonden die woorden een tijdje naast elkaar en is er op een gegeven moment één verdwenen.’’

Onze taal heeft nu te maken met twee soorten spellingregels: de Groene en de Witte Spelling. Kunnen we daardoor nog woorden kwijtraken? ,,Er zullen geen woorden door verdwijnen, denk ik. Misschien dat we een tijdje een dubbelspelling krijgen, waarbij beide mogelijkheden correct zijn. Uiteindelijk zal er één spelling gekozen worden. Ik denk niet dat het goed is voor het Nederlands dat we twee spellingen hebben, maar de taal zal het wel overleven. De taal is zo sterk en dynamisch. Het is heel levend, elke dag komen er nieuwe woorden bij.’’ Vandaag heeft Den Boon alweer een nieuw woord genoteerd: ijsmummie. Nu maar afwachten of het de tijd doorstaat.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie