Veel ging mis, maar wie heeft schuld?

home

ANALYSE | NICO DE FIJTER

© anp

Het was de eerste vraag die aan het einde van de persconferentie over de schietpartij in Alphen aan den Rijn werd gesteld: Of de korpschef had overwogen op te stappen? Er was immers een fout gemaakt. Bij de toewijzing van de wapenvergunning voor Tristan van der V. had de politie informatie uit haar eigen systeem over het hoofd gezien dat de jongeman gedwongen opgenomen was geweest.

Was dat wel opgemerkt dan had Van der V. op z'n minst met een verklaring van een arts of psychiater moeten komen die iets zou vertellen over zijn psychische problematiek. Of hij dan alsnog een wapenvergunning had gekregen, is niet te zeggen. 'Politie had schietpartij in Alphen kunnen voorkomen', kopte een van de kranten desalniettemin.

Zoals altijd na dramatische gebeurtenissen is er ook nu, na de presentatie van de onderzoeken naar 'Alphen', een sterk verlangen om een schuldige aan te wijzen. Maar naming and shaming is in de zaak-Tristan zo eenvoudig niet. De politie, de GGZ-instanties, de ouders van Tristan, de schietvereniging - over allemaal valt wel iets op te merken. Maar dat maakt ze nog niet schuldig. Meerdere instanties, vertelde het Openbaar Ministerie, wisten van Tristans psychische problemen en zijn fascinatie voor wapens. Eén man wordt vervolgd, omdat hij geweten zou hebben van Tristans plannen.

De schietvereniging wist niets van de psychische problemen van Van der V. De vader van Tristan, die ook lid was van de schietvereniging, heeft er nooit iets over verteld. Iemand die lid wil worden van een schietvereniging krijgt, zo schrijft de richtlijn van de schuttersbond voor, een proefperiode van minstens een maand. In die periode voert de vereniging gesprekken met het aspirant-lid over bijvoorbeeld zijn thuissituatie of eventuele relatieproblemen. Het is onduidelijk of die gesprekken met Van der V. zijn gevoerd. Had de vereniging geweten van zijn psychische problemen, dan had Van der V. in ieder geval nooit lid kunnen worden. En wie geen lid is van een schietvereniging, krijgt ook geen wapenvergunning.

De ouders van Tristan namen in 2006 het initiatief voor de gedwongen opname van hun zoon: hij had een afscheidsbrief geschreven. Twee jaar later, zo bleek gisteren, uitten ze bij GGZ Rijnstreek hun zorgen over hun zoon en zijn wapenbezit. Aan de politie - die de wapenvergunning afgeeft - meldden de ouders dat niet. Maar al hadden zijn ouders van de schietplannen geweten, aansprakelijk kunnen ze daar niet voor worden gesteld: de wet biedt bloedverwanten verschoningsrecht, zij hoeven geen belastende verklaringen over elkaar af te leggen.

De GGZ-instelling, waar Tristan tot begin dit jaar onder behandeling stond, deed niets met de melding van de ouders van Tristan. Hoe die behandeling eruit zag, is niet bekend. Of er fouten zijn gemaakt en de behandelaars aan de bel hadden moeten trekken evenmin. De GGZ-instanties die zich met hem hebben beziggehouden, beriepen zich op hun beroepsgeheim toen het Openbaar Ministerie vroeg om de medische dossiers van de schutter. De inspectie voor de gezondheidszorg doet onderzoek naar het handelen van de GGZ-instelling.

Een schuldige, kortom, laat zich niet zomaar aanwijzen. Vast staat dat Tristan van der V. een ernstig gestoorde man was, die leed aan paranoïde schizofrenie en depressies. En het was die stoornis, zei ook het OM eerder deze week, die hem ertoe bracht zes mensen te doden, zestien mensen te verwonden en een einde aan zijn eigen leven te maken.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie