Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Utrechtse musicoloog herkent de meester aan zijn 'nette kleding'

Home

Van onze kunstredactie AMSTERDAM - De herdenking van het vijfhonderdste sterfjaar van de componist Johannes Ockeghem gaat gepaard met een opmerkelijke ontdekking van de Utrechtse musicoloog, prof. Willem Elders. Hij weet aannemelijk te maken dat de muziekwereld de verkeerde persoon op een miniatuur uit circa 1530 aanziet voor de destijds befaamde Zuid-Nederlandse muziekmeester van de Franse koningen in de tweede helft van de vijftiende eeuw.

Elders ontwikkelt zijn stelling in nummer 2 uit de lopende jaargang van het Tijdschrift voor Oude Muziek, waarin wordt vooruitgekeken naar het programma van het Festival Oude Muziek. Dat wordt tussen 29 augustus en 7 september voor de zestiende keer gehouden in Utrecht; tot de speciale aandachtspunten behoren de composities van Ockeghem die een klein maar invloedrijk gebleken oeuvre naliet: tien volledige missen, negen misdelen, een requiem (de oudste overgeleverde meerstemmige uitwerking van de 'mis voor de overledenen'), circa zes motetten en ruim twintig chansons, zo somt Elders op.

Ze werden gemaakt door een musicus, geboortig uit Henegouwen (men dateert hem rond 1420), als twintiger werkzaam als zanger aan de Onze Lieve Vrouwekerk (nu kathedraal) te Antwerpen, achtereenvolgens in dienst van de hertog van Bourbon en van de koningen van Frankrijk als 'maistre de la chapelle de chant du roi'.

Na zijn dood werden er vijf gedichten aan hem gewijd; één ervan vermeldt dat hij 'de parel van de muziek werd genoemd'. Beroemd werd de treurzang 'Nymphes des bois' op muziek van Josquin des Prez die besluit met: 'Trekt uw rouwgewaad aan, Josquin, La Rue, Brumel, Compère, En weent hete tranen: Gij hebt uw goede vader verloren'. De genoemden, bekende componisten, waren hoogstwaarschijnlijk leerlingen van Ockeghem. Ten teken van rouw schreef Josquin de noten met zwarte inkt.

Het was in een verzameling 'koninklijke gezangen' dat werk werd opgenomen van Ockeghem, en verlucht met een 31 bij 20 centimeter grote scène waarop zangers rond een standaard staan waarop een groot muziekblad. Dominant in de groepering van negen mannen in lange mantels is een zwaarlijvige zanger met een grote capuchon op, waaronderuit grijze kruilen puilen. Op zijn getekende, nog plompe gezicht valt een fors getekende knijpbril op met glazen die doen denken aan flessenbodems.

De muziekwetenschap heeft deze prominent en gedetailleerd weergegeven figuur (hij houdt een brillenkoker in de linkerhand) altijd aangezien voor Johannes Ockeghem. Er is nog een zanger die een capuchon draagt, midden achter staand, de hand aan de muziekstandaard, net naast het blad waarop het begin van het 'Gloria in excelsis Deo' (de lofzang uit de latijnse mis) staat geschreven. Deze zanger draagt een rode mantel. En het is deze man die door Willem Elders wordt aangewezen als de ware Ockeghem.

Hij schrijft in zijn artikel: “Niet alleen is het logischer dat de kapelmeester zich vlakbij de muzieklessenaar bevindt, maar ook dat hij zich van de andere zangers onderscheidt door de kleur van zijn toga. Een tekst in de rekeningen van het koninklijke hof lijkt deze veronderstelling te bevestigen. In het jaar 1456, waarin Ockeghem tot kapelmeester werd benoemd, gaf de koning buitengewone giften aan 'plusieurs dames, seigneurs, chevaliers, estrangiers et autres'. Zo ontving 'Maistre Jehan Okeghan' 'het bedrag van 77 Tourse ponden voor een rode toga, gevoerd met grijs, om er beter en netjes uit te zien in zijn gezelschap en dienst' aldus de vertaalde Franse tekst.

Elders vindt die uiterlijke verschijning overeenkomen met een beschrijving uit 1477 van een Italiaans musicus, Francesco Florio, die Ockeghem in Tours ontmoette en over hem onder meer schreef: 'zozeer schittert hij door de wijsheid van zijn gewoonten, en ook door zijn elegance.' Elders concludeert: “Meer ook dan het geval is van de man met de brillenkoker lijkt de zanger in de rode mantel de elegance te bezitten die Florio in Ockeghem heeft geprezen.” Zo nieuw is Elders' stelling dat het Festival van Vlaanderen op de buitenkant van zijn brochures voor de grote Ockeghem-manifestatie in Antwerpen van 23 tot en met 30 augustus nog de-man-met-de-bril als blikvanger-Ockeghem heeft afgedrukt.

Elders gaat in zijn artikel ook in op de vernieuwingen die Ockeghem ontwikkelde in zijn componeren en op zijn complexe techniek, en op zijn belang in de muziekgeschiedenis. Het recente nummer van het Tijdschrift voor Oude Muziek gaat ook uitvoerig in op een ander, en nieuw thema in het komende Festival, dat van de barok-muziek in Zuid-Amerika, geïmporteerd vanuit Spanje naar zowel de hoven van de vice-koningen als naar de Indianen in het stroomgebied van de Amazone en de Paraguay-rivier. Het Tijdschrift is verkrijgbaar bij de Stichting Oude Muziek Utrecht, tel. 030-2362236.

Liefhebbers van Ockeghem en zijn tijd kunnen op 29 juni terecht in het historische complex van de Landcommanderij Alden Biesen in Belgisch Limburg, waar de 14e Internationale Dag van de Oude Muziek aan de 'parel van de muziek' is gewijd; aanvang 10 uur.

Deel dit artikel