Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Tussen zelfmoord en zelfdoding bestaat een nuanceverschil

Home

TON DEN BOON

Naar aanleiding van de zelfverkozen dood van schrijver Joost Zwagerman werd gisteren op Twitter druk gediscussieerd over de term zelfmoord. Sommigen vinden dat woord 'te hard' en willen het 'uitbannen'. Suïcide en zelfdoding zijn de vaakst genoemde alternatieven.

Beide alternatieven zijn nog vrij jong. Suïcide was aanvankelijk een medische term, die pas in het midden van de 20ste eeuw bij een breder publiek courant werd. Het woord staat pas sinds 1961 in de Dikke Van Dale. Het Nederlands heeft het direct ontleend aan het Frans, maar uiteindelijk gaat suïcide terug op de Latijnse taalvorm sui (zelf) en het achtervoegsel -cide (doder), een afleiding van het werkwoord caedere (doden).

Zelfdoding, het andere alternatief voor zelfmoord, werd in de jaren zeventig populair omdat zelfmoord 'een ongunstig waardeoordeel' zou impliceren. Van Dale nam het woord op in de editie van 1970 en omschreef zelfdoding als 'door sommigen gebruikt voor zelfmoord, omdat moord hier een eigenlijk niet passend begrip is'.

Een paar jaar geleden inventariseerde de Volkskrant de woorden die lezers liever niet in de krant willen lezen. Een daarvan is zelfmoord. De krant zocht uit of er een grond voor was om zelfmoord systematisch te vervangen door zelfdoding, maar concludeerde dat er in de praktijk een nuanceverschil tussen beide woorden is dat dit belemmert. Anno 2015 is dat nuanceverschil er nog steeds: met zelfdoding wordt - ook in Trouw - meestal euthanasie bedoeld, terwijl zelfmoord vaker wordt gebruikt voor de gewelddadige dood 'door eigen hand'.

Deel dit artikel