Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Turkse media volgen voettocht van moslimpelgrim Çakir naar Santiago

Home

Koert van der Velde

Een Nederlands-Turkse moslim loopt naar Santiago de Compostela. Hij wil begrip kweken voor islam én christendom. Met de zegen van bisschop Punt. „Alle kleine beetjes helpen.’’

Nu zit hij op een bankje in de zon, bij een oud kerkje en een oude Romeinse brug. Maar gisteren ploeterde hij onder de brandende zon over een zeventien kilometer lange rechte weg zonder schaduwgevende bomen en zonder water. De Nederlandse moslim Sedat Çakir (47) loopt vanaf de Franse grens naar Santiago de Compostela, de plaats van de heilige Jacobus, bijgenaamd ’de moslimslachter’.

In zijn rugzak zit een Koran in het Spaans. Die hoopt hij aan de bisschop van Santiago te mogen schenken. Om zo begrip te kweken voor de islam. Een paar dagen geleden heeft hij er in een herberg nog uit voorgelezen – al spreekt hij geen Spaans.

„Het was in de ’stiltekamer’ van de herberg. Er klonk gregoriaanse muziek. ’Heb je zin om te gaan bidden?’, vroeg de herbergier. ’Dat lijkt me leuk’, antwoordde ik. Er waren ook twee heel katholieke vrouwen uit Nederland en een Argentijn. Ik ben eerst gaan voorlezen, en vervolgens las de herbergier voor uit de Koran. Daarna zijn we voor elkaar gaan bidden. Dat was zo verschrikkelijk mooi, dat ik alleen al daarvoor de hele tocht had willen lopen. Daarna gingen we op weg, lange tijd liepen we in stilte.”

Çakir wordt regelmatig op zijn mobieltje gebeld door de Turkse pers. Zo hoopt hij bij moslims duizenden kilometers verderop begrip te kweken voor zijn pelgrimage met christenen. „Mijn tocht wordt door de Turkse media in Nederland en Turkije gevolgd. Als ik in Santiago arriveer, zullen daar in Turkije reportages over worden uitgezonden. De toon is goed. Ze noemen mij de eerste Turkse katholieke pelgrim.”

Voordat Çakir uit Zandvoort vertrok is hij bij bisschop Punt van Haarlem langs geweest. Die heeft hem de zegen gegeven, en heeft beloofd voor hem te bidden. Of Çakir dat niet raar vond, vroeg de bisschop. „Nee”, zei ik, „want u bent een man van God.”

Heeft Çakir al iets gemerkt van de voorspraak door Punt? „Punt is een heel rustige en spirituele man. Ik voelde me achteraf best prettig en dacht: nu komt het allemaal wel goed.’’

Soms, als het moeilijk gaat, zegt Çakir, voelt hij zich gesteund door de gebeden van Punt en van zijn familie en vrienden. „Na een dag lopen kwam ik met Annemieke, een Nederlandse medepelgrim die ik toevallig ontmoet had, aan bij een herberg. Vol. Twee kilometer verderop is nog een herberg, zeiden ze. Maar die was ook vol. Probeer het over drie kilometer, luidde het. Ook daar was het vol. Acht kilometer verderop, na een flinke klim, lag nog een herberg. Maar het weer werd steeds slechter, en terwijl we liepen, vergeleken Annemieke en ik onszelf met Jozef en Maria, uitgeput op zoek naar een plaats om te slapen. Toen kwam er een herder met zijn kudde langs. Hij gaf ons water en sprak ons in onverstaanbaar Spaans moed in. Dat hielp. Ik zag er de hand van God in, de vrucht van alle gebed.”

Heeft Çakir voordat hij vertrok ook een zegen gevraagd van de imam van de moskee waar hij vaak komt? „Ik kom niet in één moskee”, zegt Çakir. En al had hij wel een vaste moskee, dan nog zou hij geen zegen van een imam vragen. Hij heeft het niet eens overwogen, erkent hij. En bij nader inzien: „Wat is nu een imam? Iedereen kan imam zijn. Een bisschop is iets anders, die is onderdeel van een hiërarchie die van de gewone gelovige tot God reikt.”

De pelgrimage maakt een ander mens van hem. „Het leven in Nederland is zo ver weg,” zegt Çakir die uitgever is van een Turks-Nederlandse ondernemersgids. „Je gooit onderweg veel ballast overboord. In het begin ben je nog gehaast en heb je nog een privédomein. Maar al slapend in slaapzalen met soms wel 150 man, die snurken en scheten laten, valt dat privé weg en komt er saamhorigheid voor in de plaats.”

Vindt hij het niet zuur dat een christen die voor het begrip tussen moslims en christenen op pelgrimreis naar Mekka wil, daar niet welkom is? „Moeilijke vraag. Dat verbod berust op regels die achteraf zijn ingevoerd. Dus als het aan mij zou liggen, zouden ook christenen naar Mekka mogen.”

Ook dat Jacobus een ’moslimslachter’ was, is volgens Çakir pas achteraf verzonnen. „Thuis lees ik vaak in de Bijbel, maar ik heb nog nooit iets gelezen over Jacobus. Toch weet ik dat hij geen hekel aan moslims had: die bestonden tijdens zijn leven nog niet.”



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie