Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Tine van Buul 1919-2009

Home

Esther Hageman

Ze las zelf graag en werd daarom boekhandelaar. Waarom worden niet alle boeken mooi uitgegeven? Daarom werd ze uitgever.

Zo lang ze zich kon herinneren wilde ze de boeken in. Ze wilde zich voelen ’als een muis in een kaaspakhuis’, zoals ze in 2006 zei tegen Bibi Dumon Tak, toen die een klein boekje voor ’vrienden van uitgeverij Querido’ over haar maakte.

Zo, midden tussen de boeken, kon ze zelf gaan zitten lezen, was het idee. Dat deed ze al sinds ze kind was het liefste. Schrijven, die ambitie had ze niet.

Maar uitgeverij Querido (wat de grondlegger Emanuel Querido uitsprak als kerído en de oudgedienden van het uitgevershuis als kérido) was niet Tine van Buuls eerste werkgever. Na allerlei opleidingen in het boekenvak begon ze in 1941 een eigen boekenwinkel. In een heel klein winkeltje, vier bij vier meter, op de Rotterdamse Goudsesingel.

Tijdens de oorlog was die winkel niet alleen boekwinkel. Het was ook een contactadres voor het verzet van de Parool-groep. Haar broer Wim zat ook bij die groep en moest dat in Neuengamme met de dood bekopen. Haar vader, docent aan de Rotterdamse kunstacademie, kwam daar nooit meer overheen. Zelf kreeg ze op latere leeftijd alsnog nachtmerries over de oorlog. Dan zag ze haar broer, maar kon ze niet bij hem komen.

De winkel bleef haar naam dragen (en heeft tot 2006 bestaan), maar ze gaf hem over in andere handen toen ze in 1946 bij Querido kon gaan werken, op het Singel in Amsterdam. Emanuel Querido was in Sobibor om het leven gekomen en nu werd er gezocht naar een nieuwe medewerker.

Tine van Buul wilde graag naar een uitgeverij, omdat ze onderhand wilde weten welk verhaal er aan een boek voorafging. En in het bijzonder ging ze graag naar Querido, omdat die uitgeverij de mooist verzorgde boeken had. Dat vond ze belangrijk. Een mooi boek dat er slecht uitzag, dat had ze altijd al zonde gevonden.

Ze begon als directie-assistent en twaalf jaar later werd ze lid van de directie. Twee jaar daarna, in 1960, maakte haar man, uitgever Reinold Kuipers, de overstap van De Arbeiderspers naar Querido.

Hij was een van de vroege ontdekkers van Annie M.G. Schmidt. Vragen aan Schmidt of ze met Kuipers mee ging naar Querido, dat was niet gepast. Maar Schmidt volgde haar uitgever wel – de jongen van het Groningse platteland en het meisje uit Zeeland, allebei verzeild in de grote stad, hadden een sterke band.

Schrijvers zijn ook maar mensen, had Tine van Buul bij Querido gaandeweg ontdekt. Ze verloor haar ontzag voor schrijvers definitief, toen ze met Thomas Mann en zijn familie op het strand van Noordwijk belandde. Laat ik maar goed luisteren naar de parels die van zijn lippen rollen, dacht ze eerst. Maar het viel erg mee met die parels. De koffie was niet warm genoeg, er zat zand op zijn badhanddoek, er waren te veel mensen, er was te weinig wind. Hij is net zo mopperig als ieder ander, dacht ze toen. Die ontdekking werkte erg bevrijdend.

Dat Annie M.G. Schmidt was meegekomen naar Querido kwam goed uit toen Tine van Buul in 1971 het plan opvatte om een apart kinderfonds op te zetten. Schmidt, die in alleen al in 1973 25.000 exemplaren van ’Pluk van de Petteflet’ verkocht, om maar te zwijgen van Minoes en andere prijzenwinnende sellers, zorgde voor de financiële basis waarmee dat fonds van de grond kon komen. Een stoet kinderboekenschrijvers volgde: Miep Diekmann, Guus Kuijer, Els Pelgrom, Joke van Leeuwen, Toon Tellegen, Bibi Dumon Tak, Imme Dros. Het werd een fonds met ontelbaar veel bekroonde boeken. Het onderscheid tussen kinder- en volwassenenboeken vond Van Buul niet ter zake.

„Wij lazen kinderboeken niet anders dan de boeken voor volwassenen. Ik heb aan dat aparte altijd een hekel gehad. Een goed kinderboek is ook een goed boek voor volwassenen.” Ze vond ook dat goeie kinderboekenschrijvers opgenomen moeten worden in de literatuurgeschiedenis. „Zijn Annie Schmidt en Els Pelgrom soms minder?”

Reinold Kuipers en Tine van Buul waren al decennia samen toen ze trouwden. In 1973, toen Van Buul ’een rotdag’ had gehad, stelde hij om haar te troosten voor om te trouwen. In 1979 namen ze samen afscheid van Querido. Maar ook daarna bleven ze actief. Toen Annie Schmidts ogen vanaf 1984 weigerden en ze dus niet meer kon lezen, kwamen Kuipers en Van Buul haar elke donderdagmiddag voorlezen uit haar eigen werk – om nieuwe Schmidt-boeken samen te stellen, zoals de verzamelde versjes in ’Ziezo’ (1987) en de nieuw geschreven jeugdherinneringen in ’Wat ik nog weet’. Ze hadden haar oude columns nog eens herlezen en haar opgejut om er nog wat meer bij te maken.

Reinold Kuipers overleed in 2005, maar zoals Tine van Buul haar ouders nog altijd om zich heen voelde, was ook hij nu nog altijd om haar heen. Als ze een wens mocht doen, dan was dat „een bureautje ergens in een hoek, met een stapeltje nieuwe verhalen erop.” Een maand voor haar 90ste verjaardag overleed ze.

Martine (Tine) van Buul werd op 26 februari 1919 in Rotterdam geboren. Ze overleed 26 januari 2009 in Amstelveen.

Lees verder na de advertentie
(Trouw)

Deel dit artikel