Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Thuiskomen mag, maar blijven eten, nee

Home

Wim Boevink

Dissident gedrag wordt onder Jehova's Getuigen niet erg gewaardeerd. De straffen zijn hard. Twee bittere ervaringen in jonge mondigheid en wat vrijheid van meningsuiting in sommige kringen voorstelt.

Jongens waren we. Maar aardige jongens.

Zo zitten ze in een café in Leiden. Henri Dahlem (28) en Rado Vleugel (26). Beiden opstandige Jehova's Getuigen; de een omdat hij in 1994 ging stemmen bij de Tweede-Kamerverkiezingen (wat niet mag), de ander omdat hij eind 1998 voor de televisie pleitte voor de toelating van bloedtransfusies voor Getuigen (wat ook niet mag.)

Beiden werden ze uitgesloten uit hun gemeenschap, geëxcommuniceerd. En daarin zijn ze bij de Jehova's Getuigen onverbiddelijk: ieder contact met de uitgeslotenen, zelfs met de naaste familie, is verboden. Een heel bittere ervaring: beide jongens zijn afkomstig uit gezinnen die 'in de Waarheid leven'.

Rado Vleugel maakte al zo'n uitsluiting in eigen kring mee toen zijn oudere zus met een vriend naar bed ging. Zijn vader zette haar het huis uit, zelfs een groet op straat was hun verboden. Inmiddels zijn de zaken bijgetrokken; zijn zus (en nu ook hijzelf) mogen - na telefonische afspraak - het ouderlijk huis bezoeken. Maar blijven eten, nee.

Henri Dahlem heeft bittere jaren achter de rug. Er waren momenten dat hij liefst terug had willen kruípen naar zijn gemeenschap, zo eenzaam en vertwijfeld voelde hij zich. In '97 bezocht hij een congres van Jehova's Getuigen. ,,Daar waren achthonderd mensen bijeen. Vrienden, familie. Niemand zei iets tegen me.''

Hij richtte een vereniging op van ex-Jehova's Getuigen. ,,Het begon in oktober '95 met een afspraak met vijf man op het station van Dordrecht. Nu heb ik een bestand van 150 mensen, ex-Jehova's en ook kritische.'' Dahlem ging 'topografisch en kerkelijk zwerven', maar kreeg aanvankelijk nergens binding. Wijzigde meer dan twintig keer van woonadres. Hij ontmoette een aantal theologen, en volgde uiteindelijk een opleiding tot pastoraal werker bij de vrijzinnig protestanten in Bilthoven. ,,Ik zie mezelf als een maatschappijkritische, maar bijbelgetrouwe christen.''

Een poging om terug te keren mislukte. Die gelegenheid was hem geboden, als hij tenminste openlijk berouw toonde. Maar Dahlem wilde geen berouw tonen, hij wilde hervormingen voorstellen, meer openheid vragen en het recht om politiek actief te zijn. 'Hoe komt het dat je een EO-christen bent geworden, je komt hier zeker een beetje evangeliseren' zeiden ze tegen hem. 'Ze' dat waren de leden van het gerechtelijk comité van ouderlingen. De ex-communicatie bleef gehandhaafd: 'Henry heeft zich teruggetrokken uit Gods zichtbare organisatie.'

Een van de vrienden die hem jarenlang niet wilden zien, zit nu naast hem aan de cafétafel in Leiden. Rado Vleugel volgde zijn eigen dissidente pad. In het televisieprogramma '5 in het land' verscheen op 1 december vorig jaar een onherkenbaar gemaakte figuur compleet met vervormde stem. Hier klaagde een anonieme Jehova's Getuige over de bepaling dat Jehova's Getuigen geen bloedtransfusies mogen ondergaan. Wereldwijd, zei de getuige, sterven daardoor jaarlijks honderden mensen.

Rado Vleugel werd door leden van zijn gemeente meteen herkend en ontmaskerd. Ook hij moest voor een gerechtelijk comité verschijnen, een comité dat voornamelijk uit mannen bestond waarmee hij jaren bevriend was.

Het mocht hem niet voor uitsluiting behoeden. Vleugel ging in beroep: 'Is het geen onverdraagzaamheid om een andere zienswijze gelijk te scharen met afvalligheid?' Het beroepscomité bleef bij de excommunicatie.

Vleugel onderging hetzelfde lot als Dahlem, die verrast was zijn oude vriend nu buíten de rijen van de Jehova's Getuigen aan te treffen. Maar Vleugel is in zijn verzet minder eenzaam; op Internet heeft zich een beweging gevormd die zich 'The Associated Jehovah's Witnesses for Reform on Blood' noemt en waarbij zich ook hervormingsgezinde functionarissen hebben aangesloten.

Maar zelfs al zou het Oppergezag in New York overstag gaan, dan nog zou Rado Vleugel niet terug willen keren. Aan zijn tijd bij de Jehova's Getuigen heeft hij geen bitter gevoel overgehouden; wel pijnlijk was het afscheid. Hij is zich gaan interesseren voor wat hij noemt 'atheïstische filosofie'. Leest Sartre. ,,En ik heb literair zo'n grote achterstand, bij de Jehova's Getuigen heerst een grote aversie tegen kunst.'' Hij verslindt romans van Salman Rushdie (,,maar niet de Duivelsverzen'') en las 'Het proces' van Kafka. En hij wil zelf een roman schrijven over zijn Getuige-wereld. ,,Een beschrijving van binnenuit moet het worden, en het moet realistisch zijn, maar niet schopperig.'' Paulo van Vliet deed in 1997 in zijn roman 'Uitgesloten' ook al een poging tot literaire verwerking van zijn jeugd onder de Getuigen.

Dat ze in Leiden aan dat cafétafeltje zitten met een journalist tegenover zich, is niet om te klagen. Maar ze willen wel mensen waarschuwen die overwegen zich bij de Jehova's Getuigen aan te sluiten.

Vroeger waren de Getuigen 'gematigd racistisch': ,,Ze zeiden dat in het paradijs zwarte mensen weer wit zouden worden en de leiding heeft zich in donkere dagen ook nogal vleiend over Hitler uitgelaten.'' Die tijden zijn voorbij, maar de jongens kritiseren het gebrek aan meningsvrijheid.

Henri Dahlem leest naast de bijbel Havel, Camus. Hij vertelt hoe hij aan zijn naam komt, want die is nieuw en moet hem helpen een nieuw leven te beginnen. Dahlem is de naam van een buitenwijk van Berlijn. ,,In de oorlog was hier een kerkelijk centrum van verzet tegen de nazi's. Daarmee verbonden is de naam van dominee Martin Niemöller, en diens vriend en medepredikant Bonhoeffer noemde de volgelingen van Niemöller Dahlemieten. Ze durfden tegen de meerderheid in een politieke keus te maken. Daarom noem ik mij Dahlem.''

Deel dit artikel