Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Thalys

Home

In Zomertijd schrijven Jannah Loontjens en Jann Ruyters een wisselcolumn over kijken, reizen en lezen.

Jannah Loontjens is schrijver en filosoof. Onlangs publiceerde ze 'Roaring Nineties', een persoonlijk boek over de jaren negentig.

Met mijn kinderen neem ik de Thalys naar Parijs. Ik houd van treinreizen. Als ik moet kiezen tussen auto, vliegtuig of trein, kies ik beslist voor de trein. In auto's ben ik bang, vooral op snelwegen. Iemand hoeft maar het stuur om te gooien en je vliegt je dood tegemoet. Je kunt de andere weggebruikers nooit zomaar vertrouwen. "De hel, dat zijn de anderen", meende Sartre al. Een misleidend citaat, want eigenlijk bedoelde hij ermee dat we de ander nodig hebben om onszelf te kennen. Via de blik van de ander worden we ons ook van onze slechte kanten en beperkingen bewust. Dat kan een hel zijn.

In de trein voel ik me doorgaans veilig. Maar vandaag dringen zich beelden op van de jongen met bijl, die een Duitse wagon binnenstormde. Ik beeld me in het doorladen van een geweer te horen, het geluid dat de twee mariniers een man deed overmeesteren die in de Thalys een aanslag wilde plegen. Ondertussen lees ik Frank Westermans boek 'Een woord een woord', waarin hij de treinkapingen van de jaren zeventig bespreekt. Wereldwijd was de frequentie van kapingen vijftien tot twintig per jaar. Toch was er minder angst voor kapers. Er werd met hen gesproken en onderhandeld.

Westerman citeert een analyse uit die tijd: "De terrorist is in het algemeen een geesteszieke. Het gaat om wantrouwige persoonlijkheden wier onzekerheid, faalangst en paranoia sublime- ren in een superioriteitsgevoel."

Ook staat er in het rapport: "De terrorist verschuilt zich achter een ideaal." Dit gold inderdaad voor terroristen in de jaren zeventig. Zij hadden een ideaal en stelden eisen, de mogelijkheid om gijzelaars te doden gebruikten ze als chantagemiddel. Maar recent terrorisme, waarbij het doden van mensen het doel op zich is, toont juist een afwezigheid van idealisme.

Op Gare du Nord worden we langs agenten gesluisd die willekeurig mensen apart nemen. Nou ja, willekeurig, vooral mensen met donkere huidskleur worden gecontroleerd. Angst voor aanslagen vertaalt zich in angst voor de ander. Verzet tegen de neiging om ieder 'ander' met de hel van terreur te associëren, vraagt om een sterk idealisme. Om eenvoudig door te leven, om de dag na de aanslag in Nice op het strand te gaan liggen, wordt als een daad van verzet gezien. Misschien is het dat ook wel. Misschien getuigt ook het gewoon blijven reizen, met Thalys of vliegtuig, van een stilzwijgend idealisme. Maar wat nog belangrijker is dan de weigering om te buigen voor angst voor terreur, is de weigering om te buigen voor de angst voor de ander. Een idealisme dat aansluit bij Sartre's overtuiging dat we de ander juist nodig hebben voor een menselijk bestaan.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie