Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Textiel is echt niet stoffig

Home

Els de Baan

Op het Textielfestival in Leiden tonen amateurs en beeldend kunstenaars dat het werken met textiel verrassend nieuwe beelden kan opleveren.

In de kunstwereld staat het werken met textiel niet zo hoog genoteerd. Afgezien van enkele vermaarde designers die enige wereldfaam hebben weten te verwerven – zoals Claudy Jongstra en Maria Blaisse – is de erkenning voor deze vormgevers doorgaans geringer dan die van anderen. Ook bij tv- programma ’Tussen kunst en kitsch’ komen zelden textiele stukken voorbij.

Dat is eigenlijk vreemd. Want ook wandtapijten, damasten tafellakens, modeonderdelen, interieurtextiel en handwerken vertegenwoordigen een specifieke design- of kunstperiode en geven een bijzondere inkijk in de wereld van toen. De lerarenopleidingen voor ’naaldvakken’ en later ’textiele werkvormen’ zijn eveneens allang opgeheven. De tijdelijk herwaardering voor het beeldend werken met textiel in de jaren zestig tot en met tachtig was zeer plots voorbij. Textiel was uit.

Nu de belangstelling voor het ambachtelijke merkbaar toeneemt, lijkt vooral in de ’zelf-bezig-zijn-met-iets-leuks-hoek’ de opleving voor het werken met textiel groeiende. Talloze quiltgroepen, borduursamenkomsten, weefkringen en breicafés kennen een gestage toestroom van amateurtextielliefhebbers. Ook de Textielbiënnale, die vorige zomer in Rijswijk plaatsvond, trok veel belangstellenden en op kunstacademies staan weef- en breimachines niet meer werkloos te verstoffen.

De organisatoren van het vijfdaagse Textielfestival anticiperen op de stijgende belangstelling. Vorige edities in Arnhem (1997), Zwolle (2000) en Breda (2007) trokken telkens een grotere bezoekersstroom. Dit jaar is Leiden uitverkoren. In deze voormalige textielstad zijn de textiele sporen nog overal terug te vinden. Het vroegere keuringscentrum voor wollen stoffen De Lakenhal – nu Stedelijk Museum – herinnert aan de vroegere textiele faam.

Ook diverse gevelstenen en straatnamen verwijzen direct naar de ooit bloeiende textielnijverheid. Door de historische stad voert een speciale textielroute en op ruim dertig locaties is iets te doen. In musea, waaronder De Lakenhal, en galeries worden speciale exposities ingericht en er komen lezingen en workshops. Zo kun je aan de slag met goudborduren, werken aan een Marker rijglijf, klossen aan een linnenband en transfer drukken en stikken.

Dit ambitieuze project wordt getrokken door de Stichting Textiel Informatie en Documentatie Centrum (STIDOC) en Breed Textiel Overleg (BTO). Daarin werken zeven amateurkunstorganisaties samen die zich presenteren op de hoofdlocatie in de Pieterskerk. Het Quiltersgilde, de Stichting Textiel Plus, het Weefnetwerk, de Landelijke Organisatie Kant Kunst Nederland, Merkwaardig (Vereniging Liefhebbers Merklappen), en NBvP-Vrouwen van Nu presenteren zich met werk van amateur- en professionele textiel- en beeldende kunstenaars. Er is traditioneel handwerk te zien, maar het accent ligt vooral op innovatieve experimenten met materiaal en techniek.

Demonstraties van bijzondere materialen en eigentijdse toepassingen van bekende technieken moeten bezoekers inspireren. Op de leveranciersmarkt zijn uiteenlopende materialen verkrijgbaar. Uit een selectie van de ingezonden werken voor de internationale textielwedstrijd met het thema ’Sporen’ mag het publiek een lieveling kiezen. Leiden wordt even weer een echte textielstad.

Lees verder na de advertentie
(Trouw)
'Bar gezellig', gehaakt object van Helma van Kleinwee, te zien in de Pieterskerk. (Trouw)

Deel dit artikel