Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Terwijl mijn huis in de steigers stond, dacht ik: is de beloofde schoonheid het lijden wel waard?

Home

Rob Schouten

Rob Schouten © Maartje Geels
Column

Voor wie weleens, meestal onbedoeld, langs een schoonheidssalon loopt is het beeld bekend: daar ligt de vrouw met het witte masker op en iets van komkommerschijfjes op haar ogen. Geen gezicht. 

Loopt u naar binnen om haar te vertellen wat u ervan vindt: eng mens, jouw schoonheid is niet echt! Terug naar de natuur!? De vraag stellen is hem beantwoorden.

Lees verder na de advertentie

Mijn huis staat de komende maanden in de steigers. Ideetje van de woningbouwvereniging. Doel: herstel van de oude schoonheid. Er wordt druk geboord en geschilderd, het oude voegwerk moet eruit en vervangen door nieuw voegsel. De klassieke wijsheid 'wie mooi wil zijn moet pijn lijden' wordt elke dag urenlang uitputtend aan ons gedemonstreerd. Ik heb op bevel van de herbouwers het balkon - met de vertrouwde troep van statiegeldvrije flesjes en onduidelijke relicten uit vorige levens, waaronder twee Wolseley-bumpers - ontruimd en schilderklaar gemaakt. Ik houd de gordijnen de hele dag dicht opdat ik niet gestoord wordt door de opeens op driehoog langsbanjerende voyeurs die het voorzien hebben op mijn vleugel en mijn dinky toys.

De renovatie leidt ook tot allerlei nieuwe gedachten: is de beloofde schoonheid het lijden wel waard? Hoe was het vroeger om in een spelonk te wonen? Moeten we het gezang en de tatoeëringen der bouwvakkers als folklore zien of als actuele cultuur? Is het goed dat onze neiging om alles maar bij het oude te laten, overruled wordt door de boven ons gestelden die het beste met ons voorhebben en die willen dat we ons vernieuwen? Dit zijn echter levensvragen die het makkelijk afleggen tegen de voortdurende overlast die zo'n renovatie met zich meebrengt. Terwijl ik dit schrijf klinkt er een permanent gedril door mijn huis als in een helse tandartspraktijk. Je vraagt je af waarom de bewoners geen oorbeschermers krijgen uitgereikt, of gaat men ervan uit dat gezonde mensen overdag buitenshuis werken en niet zoals ik thuis stukjes zitten te schrijven?

Oftewel: vernieuwing brengt onrust en reuring met zich mee. Vandaar dat de mens van nature geneigd is tot een zeker conservatisme en de gedachte: vroeger was alles beter. Toch sla ik mijzelf door het geboor en geschreeuw heen door hard aan verbetering en vooruitgang te denken zoals ook de vrouw met de komkommerschijfjes dat doet: straks ben ik een stuk mooier! Het is een vruchtbare beproeving waaraan ik voortaan bij alle steigers en bouwputten in de wereld denk: ooit komt het goed. Een vorm van waarnemen in plaats van deelnemen die ik kan aanbevelen. Het heeft iets stoïcijns en niets halsoverkops. Het mooie is ook dat ik van nu af aan met meer begrip aan al die andere mensen die achter zulke steigers wonen kan denken, alsmede aan vrouwen in schoonheidssalons, zoals je beneden op aarde toch ook altijd even aan de passagiers hoog boven je in het vliegtuig denkt. Het leidt kortom tot meer inlevingsvermogen, een van de beste menselijke eigenschappen. En zo brengt het woord steigers ons vanzelf bij het verwante stijgers: we stijgen, worden er beter van.

Alle columns die Rob Schouten eerder schreef, vindt u hier terug.

Deel dit artikel