Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

TEDDY SCHOLTEN - 'Die tweeënhalve minuut veranderden mijn leven'

Home

FRED LAMMERS

“Sinds 1965 heb ik niet meer gezongen, zelfs niet bij de afwas of in de badkamer. Dat hoofdstuk in mijn leven heb ik definitief afgesloten. Daarvoor zijn andere dingen in de plaats gekomen zoals het aquarelleren, vooral van bloemen. Ik krijg les van een vriendin in Hilversum. Zij heeft mij aangemoedigd door te zetten, omdat zij vindt dat ik het in mijn vingers heb. Zelf denk ik daar wel eens anders over, vooral op momenten dat het helemaal niet lukt.”

Haar huis in Rijswijk getuigt ervan dat de exposities die Teddy Scholten (71) af en toe houdt niet zo maar uitingen zijn van een aardige vrijetijdsbesteding. Vrolijke zonnebloemen en levensechte klaprozen trekken meteen de aandacht. “Met die aquarellen ben ik begonnen toen ik stopte met mijn werk voor het Nederlandse Rode Kruis. Twaalfenhalf jaar heb ik daar de public relations verzorgd en grote fondswervingsacties begeleid. Op mijn zestigste werd ik gepensioneerd. Ongeveer tegelijkertijd kwam er een eind aan het radioprogramma dat ik voor de Avro deed.”

“Het was een erg moeilijke periode, omdat ik bovendien ook nog afscheid nam van het huis waarin ik 37 jaar had gewoond. Van die verhuizing heb ik nog altijd spijt. Ik dacht dat het na de dood van mijn man, nu vijftien jaar geleden, verstandig was om weg te gaan van de plek waar zoveel herinneringen lagen. Maar ik heb gemerkt dat je je verleden met je meeneemt. Ik ben hier omringd door spullen die Henk en ik samen hebben uitgezocht. Dat zou ik niet anders willen. Er gaat geen dag voorbij zonder dat hij in mijn gedachten is. Ze troosten me er wel mee dat ik toch prachtige herinneringen heb aan die gezamenlijke jaren. Dat is waar, maar denken aan het goede dat is geweest heeft ook trieste kanten. Toch heb ik geprobeerd de draad weer op te pakken. Vandaar dat schilderen. Ik denk dat Henk heel blij zou zijn als hij me zo bezig zou zien en mogelijk doet hij dat ook, want het houdt naar mijn overtuiging niet op na dit aardse bestaan.”

Teddy Scholten vertelt dan een verhaal over haar vader die 67 jaar geleden haar naam in een muur in de kasteelruïne in Valkenburg kraste. “Ik heb die inscriptie jaren geleden zelf gezien en er mijn dochter over verteld. Dit voorjaar zijn we samen gaan kijken en tot mijn verrassing was mijn naam nog steeds aanwezig. Toen wij daar stonden, met het gevoel dat tijden werden overbrugd, vlogen er ineens twee oranjekleurige vlinders rond. Heel opmerkelijk is dat bij de begrafenis van mijn vader in de kerk ineens ook een oranjekleurige vlinder rondvloog. Op momenten dat ik me triest voel, duikt er vaak op de meest onverwachte momenten en plaatsen zo'n vlinder op. Ik geloof niet in toeval. Op die dag bij die ruïne in Valkenburg dacht ik ineens: zouden dat mijn vader en Henk zijn, die zich via vlinders manifesteren? Ik vind dat wel een troostende gedachte.”

Het was Henk Scholten die zijn vrouw de wereld van het theater binnen voerde. Niet dat dit helemaal onbekend terrein was bij de familie Van Zwieteren. “Mijn vader was een verwoed amateur-toneelspeler, regisseur vooral en oprichter van de bekende Haagse toneelvereniging 'ODIA'. Op mijn elfde kreeg ik al een rolletje in een eenacter, samen met mijn moeder. Het programma waarop ik sta vermeld heb ik nog. In die tijd had ik maar één wens en dat was naar de toneelschool gaan. Maar die verworden toneelwereld vonden mijn ouders toch maar niets voor hun enige dochter. Het kon ook moeilijk in de oorlog.”

“Ik kreeg een degelijke opvoeding als leerlinge van het Rooms-Katholiek Meisjes Lyceum in Den Haag, tegenwoordig het Edith Steincollege. Het was een reuze leuke school. Streng, maar daar is niets op tegen. Ik heb er fijne jaren gehad. Hun normen werden extra nageleefd toen de jongens van het Aloysiuscollege in Scheveningen bij ons les kregen, nadat hun school door de Duitsers was gevorderd. Er werd scherp op gelet dat er geen contacten tussen meisjes en jongens waren. Wij vertrokken om half twee. De jongens arriveerden om twee uur via een andere ingang. Intussen werd in de lokalen gecontroleeerd of wij geen briefjes hadden achtergelaten voor degenen van wie je dacht dat hij op je plaats kwam te zitten. Als ze zoiets ontdekten, werd je geschorst of kreeg je in het gunstigste geval een enorme schrobbering. Mij is het niet overkomen, omdat ik niemand op het oog had.”

“Heel recent sprak ik mijn vroegere scheikundeleraar dr. Paul Julien. Tijdens mijn schooljaren was hij al een gevierd man, vanwege de reizen die hij als antropoloog maakte naar pygmee-stammen in Afrika. Hij kon daar prachtig over vertellen en schreef er ook boeken over. 'Kampvuren langs de evenaar' werd een van zijn bestsellers. Toen daar onlangs een herdruk van verscheen en hij als vitale 96-jarige in een Haagse boekhandel signeerde ben ik er naar toe gegaan. Het was enig om met hem herinneringen op te halen.”

Teddy Scholten speelde piano en accordeon en kwam terecht in een amateurgroepje als begeleidster. “Van het een kwam het ander. Zo ontmoette ik Henk Scholten, mijn latere man. Hij maakte deel uit van een razend populair duo. In onze verlovingstijd, wij zijn in 1947 getrouwd, nodigde Floris Meslier, de manager van de net als cabaretier begonnen Toon Hermans, ons beiden uit aan zijn programma mee te werken. Hermans had een gezelschap om zich heen waarvan Jan van Ees, Wiesje Bouwmeester, Herbert Joeks en niet te vergeten Andrea Domburg deel uitmaakten. Mijn ambitie was in die tijd toch nog altijd het grote toneel. Daar ben ik ook een blauwe maandag aan verbonden geweest, bij het toenmalige Residentie Toneel. Het bleef heel kleinschalig: naast de troon van Caro van Eyck een rolletje spelen als herderinnetje in Shakespeare's 'Winteravondsprookje'. Ik heb daarin zelfs een lied gezongen met Hans Kaart. Daar herinner ik me vreemd genoeg niets meer van, maar veel later heb ik dat ontdekt door een foto die tevoorschijn kwam.”

Teddy Scholten verzeilde in de lichte muziek en bleef er 'in hangen'. “Henk ging liedjes voor mij schrijven en ik mocht meedoen met 'De Bonte Dinsdagavondtrein'. Ik zal nooit vergeten hoe ik toch wel wat beverig voor het eerst live voor de radio optrad. Dat liedje heette 'Mijn eerste grote liefde'. Zangles heb ik nooit gehad. Ik was een meisje van 21 jaar dat zo maar stond te zingen. Het plezierigste vond ik met Henk samen zingen, bij voorkeur de tweede stem. Wij waren erg enthousiast bezig, maar in feite heb ik mezelf nooit gezien als een echte zangeres.”

Vrijwel alles ging in die tijd live. “Ook later de televisie-uitzendingen, waarvan een hele bijzondere periode mijn tijd als omroepster bij de experimentele uitzendingen van Philips in Eindhoven was. Nu bijna alles wordt opgenomen verliest het wel aan spontaniteit. De kracht van het Eurovisie Songfestival is gebleven, omdat het allemaal live is. Dat spreekt de mensen nog altijd aan, als je naar een live uitzending kijkt voel je aan dat het anders is.”

Teddy Scholten kreeg in 1959 volkomen onverwacht met dat jaarlijkse liedjesgebeuren te maken. Zij en haar man waren op dat moment aan de Sleeswijk Revue verbonden. Dat gebeurde na een paar jaar te hebben samengewerkt met Wim Kan. “De Kannen lieten niet gauw iemand in hun leven toe, maar wij mochten hen na verloop van tijd tutoyeren. Wij hebben ervaren dat ze er altijd waren als zich iets bijzonders in ons leven voordeed.”

“Bij Sleeswijk waren het mooie jaren, maar het was keihard werken tegen een mager honorarium. Op een avond werd ik opgebeld door Piet te Nuyl, die mij vroeg mee te doen aan de nationale finale voor het Eurovisie Songfestival. Ik was met stomheid geslagen. Het was het allerlaatste wat ik had verwacht. Het verhaal gaat dat Mieke Telkamp niet mee durfde te doen, omdat zij de mogelijkheid te verliezen een te groot risico vond voor haar carrière. Het was al met Sleeswijk geregeld dat ik een avond vrij kreeg voor die nationale finale. 'Een beetje' werd gekozen en daarmee ging ik in mijn eentje naar Cannes. In drie dagen uit en thuis. Als je ziet hoeveel tijd ze er nu voor uittrekken en wie er allemaal meegaan...”

De geestdrift na het winnen was overweldigend. Bij terugkeer werd ze door een paar duizend mensen op Schiphol opgewacht. Toen ze dezelfde avond weer in de Sleeswijk Revue in de Utrechtse Stadsschouwburg stond waren daar nog meer mensen op de been. “In de schouwburg moest ik me van Sleeswijk op het balkon presenteren. Je had het gevoel dat het hele land erbij was betrokken. Dat vond ik toch wel wat buiten proporties. Ik zag dat Songfestival als een tussendoortje en wilde niets liever dan gewoon weer verder gaan. Die tweeënhalve minuuut van dat Songfestival hebben mijn leven totaal veranderd.”

Henk Scholten hield het op een gegeven moment voor gezien. Hij werd directeur van de Stichting Socutera. Voor Teddy Scholten was toen de lol er ook wat af. “Wij hadden altijd dingen samen gedaan. Ik vond het niet leuk om alleen het land in te trekken. Als je samen optrekt heb je de bescherming van elkaar. Daar voelde ik me erg prettig bij. Ik ben me toen meer op radio gaan richten. Nog altijd verzorg ik een paar keer per jaar een programma voor Radio West. Ik zou dat niet graag willen missen. Ik zet me er echt voor in, verzamel bijzonder materiaal dat de mensen niet meer kennen. Zelf heb ik ook een interessant archief met veel zelf opgenomen liedjes. Het is leuk daar af en toe wat mee te doen.”

Een paar jaar geleden is Teddy Scholten nog eens teruggegaan naar het oude festivalpaleis in Cannes, waar zij in 1959 haar succes boekte. “Er was net een filmfestival aan de gang, maar ik stapte zonder badge ongehinderd naar binnen. Toen ik daar na al die jaren rondliep kwam er veel op me af. Niemand die in mij de Songfestivalwinnares van 1959 herkende. Op dat moment besefte ik hoe betrekkelijk alles in het leven is.”

Kleine lichtpuntjes

Een zesde plaats voor Ruth Jacott en een zevende voor Franklin Brown en Maxine. Kleine lichtpuntjes markeren de Nederlandse deelname aan het Eurovisie Songfestival in het voorbije decennium. Dieptepunt was het optreden in 1994 van Willeke Alberti en de daaropvolgende uitsluiting. Edsilia Rombley hoopt dat zij Nederland vanavond, na Corry Brokken, Teddy Scholten, Lenny Kuhr en Teach-In, eindelijk weer een overwinning kan bezorgen.

1988: Gerard Joling reikt met zijn 'Shangri-la' tot de hoogste octaven, maar blijft in het puntenklassement steken op de negende positie. Celine Dion bezorgt Zwitserland de overwinning met 'Ne partez pas sans moi'.

1989: Justine Pelmelay komt met 'Blijf zoals je bent' niet verder dan plaats vijfien. De Kroatische groep Riva wint met 'Rock me'.

1990: Het duo Maywood eindigt met 'Ik wil alles met je delen' eveneens op een eerloze vijftiende plaats. Met een lofzang op de Europese eenwording ('Insieme 1992') zingt veteraan Toto Cutugno Italië naar de overwinning.

1991: Vanwege de nationale dodenherdenking doet Nederland niet mee. Na een nek-aan-nekrace met Frankrijk mag de Zweedse Carola zich winnares noemen.

1992: Humphrey Campbell en zijn broers ('Wijs me de weg') keren met een negende plaats terug uit Malmö, waar de hoogste eer te beurt valt aan de Ierse zangeres Linda Martin ('Why me').

1993: Ruth Jacott breekt met 'Vrede' door als zangeres. In het Ierse Millstreet wordt het liedje zesde. Het gastland gaat opnieuw met de hoofdprijs aan de haal, dit keer in de persoon van Niamh Kavanagh ('In your eyes').

1994: Na het betrekkelijke succes van 1993 volgt een kater. De jury stuurt Willeke Alberti op pad met het liedje 'Waar is de zon?'. Niet meer dan vier punten van Oostenrijk oogst ze ermee. Voor de derde achtereenvolgende keer wint Ierland met 'Rock 'n roll kids' van Paul Harrington en Charlie McGettigan.

1995: Nederland is door het dramatische resultaat van 1994 uitgesloten van deelname. De Noorse groep Secret Garden wint met het opvallende liedje 'Nocturne', dat slechts 24 woorden telt en een twee minuten durende vioolsolo bevat.

1996: Franklin Brown en Maxine slepen in Oslo met 'De eerste keer' aanvankelijk een gedeelde achtste plaats in de wacht. Bijna een jaar later ontdekt de organisatie een foutje in de puntentelling en stijgt het duo alsnog naar plaats zeven. En weer wint Ierland: Eimear Quinn met de folksong 'The Voice'.

1997: Opnieuw een dieptepunt. 'Niemand heeft nog tijd' van de vrouwengroep Mrs. Einstein krijgt maar vijf punten en eindigt daarmee op plaats 22. De Britse formatie Katrina & the Waves wint overtuigend met 'Love shine a light'.


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Deel dit artikel