Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

STALIN WIST VEEL MEER VAN DE BOM DAN TRUMAN DACHT

home

SYBE RISPENS

Na 'Hiroshima' zette Stalin alles op alles om ook een bom te maken. Daarbij werd druk gebruikgemaakt van spionage, maar de Sovjet-Unie beschikte bovendien over voldoende wetenschappers om al snel een kopie van de Amerikaanse bom te maken. Vier jaar later ontplofte de eerste Sovjet-bom in de steppes van Kazachstan. David Holloway, 'Stalin and the Bomb. The Soviet Union and Atomic Energy, 1939-1956', New Haven: Yale University Press, 464 pagina's, fl. 65,60.

De geslaagde kernproef gaf hem een groot zelfvertrouwen in de onderhandelingen: met de bom had hij een troef in handen die tegen de Russische aanspraak op gebieden in Oost-Europa was in te zetten. Toen de besprekingen een week waren gevorderd, merkte Truman terloops tegen Stalin op dat de Amerikanen over een nieuw en zeer vernietigend wapen beschikten. Hij zei niet dat het om een atoombom ging, in de stellige overtuiging dat de Russische president niet kon vermoeden wat hij bedoelde. Tot Trumans verbazing was Stalin allerminst onder de indruk van de boodschap: hij knikte en wenste de Amerikanen succes met het wapen in de strijd tegen de Japanners.

Nog geen twee weken na dit ijzige gesprekje verwoestte het nieuwe wapen twee Japanse steden. Over de voorbereiding en inzet van de Amerikaanse bom is sindsdien het nodige geschreven. De belangrijkste natuurkundigen en politici die betrokken waren bij het Manhattan Project zetten hun ervaringen op papier en historici hebben de ontwikkelingen uitvoerig geanalyseerd. Maar hoe zat het met de Russische bom? De informatie daarover bleef jarenlang hermetisch opgesloten achter het ijzeren gordijn. Een van de weinige dingen die men er tot voor kort van wist was dat de Sovjet-Unie in de steppes van Kazachstan vier jaar en zes weken na de eerste Amerikaanse kernproef (juli 1945) een atoombom tot ontploffing bracht. Die opmerkelijke prestatie zou vooral te danken zijn aan spionage.

David Holloway besloot in de jaren tachtig iets te doen aan dit oppervlakkige beeld. Maar toen hij aan zijn boek 'Stalin and the Bomb' begon, had hij niet kunnen dromen nog eens uit KGB-documenten te mogen citeren of verantwoordelijke wetenschappers en politici te kunnen interviewen. Door het uiteenvallen van de Sovjet-Unie werd dit mogelijk en de zo ontstane speurtocht van Holloway levert een ongekend rijk beeld op van de spionage, de moeizame verhouding tussen de communistische partij en natuurkundigen, de wetenschappelijke problemen en de invloed van de Russische bom op internationale betrekkingen.

Stalin wist veel meer van de Amerikaanse atoombom dan Truman voor mogelijk hield. De Russische geheime dienst had al jaren een duidelijk beeld van het Manhattan Project en Stalin was zelfs kort voor de Potsdamconferentie op de hoogte gebracht van de testdatum van de eerste bom. De belangrijkste informant was de natuurkundige Klaus Fuchs, die aan het begin van de jaren dertig van Duitsland naar Engeland was gevlucht. Na de Duitse invasie van Rusland besloot hij de Sovjets over het vergevorderde Britse atoomprogramma in te lichten en toen hij later nauw bij het Amerikaanse nucleaire onderzoek betrokken raakte, bleef hij gegevens doorspelen. De informatie van Fuchs overtuigde de Russische natuurkundigen ervan dat het mogelijk was een atoombom te bouwen. Daarover bestond lang grote twijfel: de vader van de Russische kernfysica, Abram Ioffe, meende in 1939 nog dat er 'dit keer' geen praktische toepassingen uit een ontwikkeling in de natuurkunde zouden voortkomen. Fuchs leverde ook het bouwplan voor de eerste Russische bom met zijn gedetailleerde beschrijvingen van de ei-vormige plutoniumbom die op Nagasaki terecht zou komen. De spionage gaf de Russen ongetwijfeld een paar jaar voordeel, maar tussen weten hoe een atoombom in elkaar zit en het feitelijke bouwen van mijnen, fabrieken en kernreactoren om er daadwerkelijk een te maken zit een groot gat. Daarvoor waren hoogstaand natuurkundig onderzoek, een enorme industriële organisatie en een leger dwangarbeiders nodig.

De Russische natuurkunde was in de jaren dertig opgeklommen naar een hoog niveau. De wetenschappers konden zich theoretisch meten met westerse geleerden. Binnen het totalitaire regime genoot het door Ioffe geleide natuurkundig instituut in Moskou een ongekende intellectuele vrijheid: de autoriteit van de partij had geen vat op de relativiteitsleer en quantummechanica. Tekenend voor de zelfstandigheid van de natuurkundigen was de beslissing om nucleair onderzoek te starten. Wat hen daarbij dreef was niet het vooruitzicht van praktische resultaten, maar interessante nieuwe natuurkunde. In 1933 verslechterde de politieke situatie. Fysici werd verboden naar het buitenland te reizen en toonaangevende geleerden van het Ioffe-instituut werden opgepakt, gedeporteerd of vermoord.

Kort voordat in Duitsland Otto Hahn zijn baanbrekende onderzoek naar de mogelijkheid van de splijting van uranium publiceerde, kwam het Russische kernfysisch onderzoek vrijwel stil te liggen door een grote politieke zuivering. Er werden fantastische samenzweringen tegen de staat bedacht, die ook de natuurkunde niet ongeschonden lieten. De beoordeling van kernfysische argumentaties bestond uit het tellen van hoeveel keer Marx, Lenin, Engels of Stalin erin voorkwam. Wetenschappelijke fouten werden regelmatig geïnterpreteerd als politiek verzet. Maar vergeleken met de biologie of de astronomie, die volledig werden lamgelegd door de staatsideologie, kwam de natuurkunde er relatief goed vanaf. Russische natuurkundigen hadden weliswaar geen direct contact meer met het Westen, maar zij konden tenminste nog onderzoek doen en via tijdschriften bleven zij van de ontwikkelingen op de hoogte. Ook tijdens de oorlog bleven Amerikaanse vakbladen beschikbaar, maar het kernfysisch onderzoek kwam vrijwel helemaal stil te liggen omdat de meeste natuurkundigen bij de ontwikkeling van conventionele wapens betrokken raakten.

Uit nieuwsgierigheid naar de theoretische vorderingen in de kernfysica bladerde de jonge natuurkundige Georgii Flerov in het voorjaar van 1942 eens door de vakbladen, maar hoe hij ook zocht, geen enkel artikel dat inging op kernsplijting. Het leek er ook niet op dat de leidende westerse wetenschappers zich met ander onderzoek bezig waren gaan houden: ze ontbraken volledig. Flerov leidde hieruit af dat het nucleaire onderzoek militair geheim was geworden in de Verenigde Staten en sloeg alarm. Samen met de via de geheime dienst binnensijpelende informatie over het Britse en Amerikaanse nucleaire onderzoek, was dat voldoende reden om het nucleaire programma te herstarten.

Onder leiding van Igor Kurchatov werd aan het begin van 1943 begonnen met een atoombomproject. Maar vergeleken met zijn Amerikaanse tegenhanger Robert Oppenheimer had Kurchatov minimale middelen ter beschikking. Stalin had het project bewust zo klein opgezet, want hij meende dat natuurkundigen tegen hem samenzwoeren en was bang dat de Amerikanen hem met foutieve informatie in een financiële afgrond wilden jagen. Tijdens de oorlog maakte het onderzoek dan ook maar weinig vorderingen: in augustus 1945 was er nog maar een kilo plutonium gemaakt, terwijl Kurchatov er honderd ton van had besteld.

De bom op Hiroshima bracht in deze situatie onmiddellijk verandering. Hoewel er in de Russische pers schamperend over de bom werd gesproken en Stalin in het openbaar steeds herhaalde dat er met de bom geen oorlog was te winnen, was hij zwaar onder de indruk van de nucleaire explosie. Het leek alsof hij al die tijd niet de volledige betekenis van Trumans opmerkingen in Potsdam had begrepen: de atoombom was niet alleen een krachtig wapen, maar ook een symbool van de Amerikaanse economische en technologische macht. En omdat Stalin zijn grootschalige industrialisatieproces was begonnen met de slogan 'bijhalen en inhalen', moest de Sovjet-Unie noodzakelijkerwijs ook een atoombom hebben.

Het bouwen van de bom kreeg de hoogste prioriteit. Doel was zo snel mogelijk het Amerikaanse alleenrecht te breken en de politieke voordelen van de monopolie zoveel mogelijk te begrenzen. De opdracht was nu, om van het nucleaire project op laboratoriumschaal een complete industrie te maken. Hier was Stalins machinerie op zijn best: de centraal geleide planeconomie liet zien dat ze op grote schaal mensen en middelen voor het prestigeproject kon mobiliseren.

Belangrijkste probleem daarbij was het vinden van voldoende uranium. In de oorlog was onvoldoende gezocht naar de Russische uraniumvoorraden en lange tijd werd de grondstof uit Oost-Duitsland en Tsjechoslowakije ingevoerd. Zo gauw er uranium beschikbaar kwam, kon Kurchatov de eerste experimentele kernreactor in gebruik nemen. De natuurkundigen waren klaar om de bom te bouwen en te testen, zodra in de reactor plutonium uit het uranium was gewonnen. De tijd die de Sovjet Unie nodig heeft gehad voor het ontwikkelen van de atoombom lijkt vooral bepaald door de beschikbaarheid van uranium, niet door spionage of een gebrek aan theoretische kennis.

Het nucleaire project betekende de redding voor de Russische natuurkunde. Fysici genoten veel privileges en de intellectuele vrijheid uit het begin van de jaren dertig kwam na de oorlog terug. Alleen in 1948 dreigde de bevoorrechte positie nog aangetast te worden omdat beschuldigingen waren geuit dat de relativiteitstheorie niet paste binnen het dialectisch materialisme. Maar nadat Kurchatov had verklaard dat er zonder relativiteitstheorie en quantummechanica ook geen atoombom mogelijk was, werd op het laatste moment van vervolging afgezien.

De enorme druk waaronder de atoombom werd gebouwd, bracht ook hoge kosten met zich mee. In 1945 werkten bijna een half miljoen mensen in de nucleaire industrie, voor een groot deel in de uranium-mijnbouw. Veel van de mijnwerkers waren politieke gevangenen. Er is weinig bekend over het leven in de streng geheimgehouden uranium werkkampen, want de gevangenen werden vrijwel nooit vrijgelaten nadat ze hun straftijd hadden uitgezeten; de partij beschouwde ze domweg als 'staatsgevaarlijk' omdat ze hadden hebben meegewerkt aan de atoombom. Ook aan gezondheidsrisico's werd weinig aandacht besteed: arbeiders in de centrales (vaak gevangenen) werden aan hoge doses straling blootgesteld. De schade aan het milieu was eveneens aanzienlijk. Tussen 1948 en 1951 kwam bijna vijftig miljoen kubieke meter zwaar radioactief afval in de rivieren van het Oeralgebied terecht.

Holloway legt het omslagpunt voor het Russische nucleaire project bij Hiroshima. Pas daarna zette Stalin alles op alles om de bom te maken. Die beslissing levert een paradox op: aan de ene kant wist Stalin dat de Verenigde Staten over veel te weinig nucleaire wapens beschikte om een reele militaire bedreiging te vormen voor Rusland, aan de andere kant verbond hij aan de bom een enorm politiek belang. Overwoog Stalin een invasie van Europa, zodra hij over de bom kon beschikken? Uit de weergave in 'Stalin and the Bomb' blijkt dat dit scenario van de Koude Oorlog er flink naast heeft gezeten: achteraf gezien lijkt Stalin zorgvuldig een militair conflict uit de weg te zijn gegaan.

Als Stalin voornamelijk de bom wilde hebben om - zoals Holloway betoogt - de prestigeslag met Amerika te winnen, komt onwillekeurig de gedachte op wat er gebeurd zou zijn als de Verenigde Staten de bom niet tegen Japan hadden gebruikt, maar hadden laten ontploffen in een onbewoond gebied. Het voorstel om een kernproef te houden voor een internationale groep VN-waarnemers werd in juni 1945 gedaan door zeven fysici onder aanvoering van de Nobelprijswinnaar James Franck. In een rapport werd gewezen op de meedogenloos verdelgende kracht van kernwapens en het gevaar van een wapenwedloop. Af te zien van gebruik tegen de vijand zou volgens het Franck-rapport een gunstig klimaat scheppen voor een internationale overeenkomst over de vreedzame toepassing van atoomenergie. Zou Stalin met een kernproef in de woestijn ook tot een prestigeslag hebben besloten? Of zou hij tot de conclusie zijn gekomen dat de Amerikanen een dergelijk vernietigend wapen nooit daadwerkelijk zouden durven inzetten, en hebben afgezien van een wapenwedloop? Holloway staat niet langer bij het alternatief voor Hiroshima stil, terwijl hij toch duidelijk laat zien dat Stalin door de bommen op Japan het roer drastisch heeft omgegooid.

Holloway is pessimistisch over de vraag of een verandering in de Amerikaanse koers na de bom op Hiroshima een wapenwedloop nog had kunnen verhinderen. Vooral Niels Bohr heeft - zowel voor als na het gebruik van de bommen - aangedrongen op meer openheid met Rusland, omdat hij hoopte dat er op die manier een samenwerkingsverband zou ontstaan voor het ontwikkelen van veilige kernenergie. Holloway meent dat na de bommen op Japan elk Amerikaans initiatief om het nucleaire onderzoek te staken of af te zien van de ontwikkeling van de waterstofbom door Stalin zou zijn opgevat als een listige manoeuvre of als een bewijs van de kapitalistische kortzichtigheid.

Het korte gesprek tussen Truman en Stalin in Potsdam was het resultaat van een omvangrijke discussie in de Verenigde Staten over het effect van de bom op de verhoudingen met de Sovjet-Unie. Uiteindelijk werd de positie van Niels Bohr overgenomen, dat Stalin ervan overtuigd moest worden dat Engeland en Amerika geen samenzwering tegen hem voorbereidden en dat het noodzakelijk was tot een internationale controle van kernenergie te komen. Geadviseerd werd dat Truman Stalin op de hoogte zou brengen van de atoombom en van het feit dat die misschien tegen Japan zou worden ingezet. Verder had Truman de president mogen uitnodigen om over de kwestie te spreken, waarmee hij het eerste signaal had gegeven voor een vreedzame ontwikkeling van de nucleaire technologie. Truman heeft het merendeel van dit advies naast zich neergelegd.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.