Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Spiritueel is geen oude hippie meer

Home

Lodewijk Dros

De vier miljoen spirituelen in ons land hebben wel degelijk oog voor meer dan slechts hun eigen ontwikkeling, zo blijkt uit onderzoek.

Een kwart van de Nederlanders is ’ongebonden spiritueel’, stellen Martijn Lampert van bureau Motivaction en Gerrit Kronjee van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) vast. De gangbare theorie dat spirituele mensen vooral oude hippies zijn – de flowerpower-adepten van weleer – en dat ze vanzelf wel uitsterven, klopt volgens hen niet. „Ons onderzoek laat zien dat spirituele mensen ook onder jongeren goed vertegenwoordigd zijn. Gemiddeld zijn ze 42 jaar en bovendien zijn het blijvertjes.”

Uit het onderzoek blijkt eveneens dat de ’ongebonden spirituelen’ (mensen die naar eigen zeggen spiritueel zijn, maar zichzelf tot geen enkele groepering rekenen) niet alleen maar met hun eigen spirituele verrijking bezig zijn. Spirituelen zijn juist betrokken bij milieubescherming, mensenrechten en vluchtelingen, en ze geven gul aan goede doelen.

Volgens emeritus hoogleraar godsdienstsociologie Gerard Dekker (Trouw, 27/10) is spiritualiteit een weeldeartikel geworden, iets voor het slag mensen dat alles al heeft en nu nog wat aan het geestelijk welbevinden doet, geheel voor het eigen gerief en dus zonder dat de wereld er wat aan heeft. Kronjee snapt die kritische noot, ’maar onze empirische gegevens ondersteunen hem niet’.

In het onderzoek ’God in Nederland’, waaraan Dekker meewerkte, werd eerder dit jaar al vastgesteld dat spirituelen vaak vrijwilligerswerk doen en niet zo ’ik-gericht’ zijn. Ook Lampert en Kronjee signaleren nu dat ze houden van yoga, mental coaches en van hun intuïtie. Maar van een naar binnen gekeerde geestelijke zelfbevrediging blijkt niets.

De onderzoekers ondervroegen meer dan tweeduizend Nederlanders over hun zingeving, moraliteit en leefstijl. Binnenkort presenteren ze hun bevindingen in een WRR-web-artikel.

Deel dit artikel