Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Slavernij blijft prima business

Home

Niels Posthumus

Vismarkt in Nouakchott, Mauritanië. © Hollandse Hoogte

Nederland vierde onlangs 150 jaar afschaffing van slavernij. "Maar in Mauritanië, in West-Afrika, leven nog altijd 800.000 mensen in traditionele slavernij", zegt Biram Dah Abeid. De activist was in Den Haag nadat hij in Ierland de prestigieuze Human Rights Defenders at Risk Award had ontvangen.

Abeid strijdt voor de bevrijding van slaven in zijn vaderland. Hij richtte daartoe in 2008 de organisatie IRA op. "Moderne slavernij kennen mensen wel", zegt hij. "Gedwongen arbeid komt in Mauritanië ook voor. Maar traditionele slavernij gaat verder."

Traditionele slaven erven namelijk al eeuwenlang hun slavenstatus via de bloedlijn van hun moeder. Zij worden niet alleen gedwongen te werken zonder pauze of salaris, maar kunnen bijvoorbeeld ook worden weggegeven als cadeau. Ze zijn letterlijk bezit van een ander. Ze hebben geen recht op onderwijs, mogen niet reizen, niet kiezen wie ze willen trouwen.

Knappe slaven worden gecastreerd, zodat meesteressen niet in de verleiding komen hun bloedlijn te 'vervuilen'. Meesters staat het juist vrij zoveel slavenvrouwen te hebben als zij willen. Leeftijd speelt geen rol. Abeid: "Wij vangen vrouwen op die vanaf hun achtste stelselmatig zijn verkracht. Niet alleen door hun meester, maar ook door zijn broers, neven en vrienden."

Slavernij is niet puur een Mauritaans probleem. "In alle Afrikaanse landen waar Arabieren en donkere bevolkingsgroepen samenleven, bestaat het", zegt Abeid. "Soedan, Tsjaad, Burkina Faso, Niger, Mali." Maar nergens is het probleem zo enorm: 20 procent van de Mauritaniërs leeft in traditionele slavernij.

Dat deze vorm van slavernij zich vooral voordoet in landen waar Arabieren en zwarte Afrikanen elkaar treffen, is geen toeval. De voorschriften omtrent slavernij staan beschreven in een 'slavenwetboek', een Arabisch boek opgesteld in de negende eeuw door de Egyptenaar sheik Khalil, legt Abeid uit. Dat boek, en daarop voortbordurende werken, zijn islam-interpretaties die de basis vormen van de religieuze rechtspraak in Mauritanië en in sommige andere delen van de Sahel, het overgangsgebied tussen het Arabische noorden en het zwarte zuiden van Afrika.

Doordat de Khalilwetten onderdeel zijn van de religieuze rechtspraak in Mauritanië, is slavernij er al eeuwenlang geïnstitutionaliseerd. De wet die slavernij er in 2007 eindelijk strafbaar stelde - Mauritanië was daarmee het laatste land ter wereld - haalt daardoor weinig uit. Abeid: "In de Mauritaanse grondwet staat dat religieuze wetten boven staatswetten gaan. De slavernijwet van Khalil wordt gezien als heilig boek. Haratine, de klasse van slaven (uitsluitend zwarte mensen), worden nog altijd omschreven als bezit van Arabieren of Berbers met een lichtere huid."

Daarom is het bij uitstek de Khalilwet zelf die moet worden aangepakt, meent hij. Het probleem is alleen dat er weinig steun vanuit het buitenland komt. "Het Westen wil de regering van Mauritanië te vriend houden vanwege de strijd tegen moslimterrorisme." Maar dat is volgens Abeid een misvatting. "Onder de huidige regering is Mauritanië een broeinest van extremistische ideologieën. Intolerantie, slavernij, xenofobie en terrorisme gaan hand in hand."

Maar Mauritanië hoeft internationaal dus zelden iets uit te leggen, ook doordat de Afrikaanse diaspora zich volgens Abeid bewust op de vlakte houdt. "Die richt zich graag op wat het Westen Afrikanen heeft aangedaan. Maar misstanden tussen Afrikanen onderling bedekken zij, net als veel Afrikanen zelf, liever met de mantel der liefde."

Deel dit artikel