Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Siamese tweeling in het grensgebied

Home

tekst: Bert Schampers

We rijden door Europa, vliegen over de wereld, maar uiteindelijk speelt het leven zich af in een cocon; het dorp, de buurt, het kantoor. De kleine leefgemeen schap is onderwerp van de serie Het Dorp, iedere maandag in de Verdieping. Aflevering 22: Clinge en De Klinge.

De grens loopt dwars door het huisje van Louis van Cauteren. Zijn moestuin ligt in het Nederlandse Clinge, de woning staat voor de helft op het grondgebied van het Belgische De Klinge. Recht voor zijn deur, bij grenspaal 273, eindigt de oude Hulststraat, de weg die vroeger De Klinge met het Zeeuws-Vlaamse Hulst verbond, maar nu overgaat in een bospad en waterwingebied.

Zusterdorpen liggen er wel meer pal op de Belgisch-Nederlandse grens, als siamese tweelingen met elkaar verbonden. Nieuw-Namen en Kieldrecht bijvoorbeeld, dorpen met een gemeenschappelijke geschiedenis. Clinge en De Klinge waren tot de scheiding in 1648 één gemeente. En al vormen ze dan fysiek nog steeds een geheel, qua mentaliteit lijken beide gemeenschappen steeds verder uit elkaar te groeien.

Aardrijkskundeleraar Wilfried Maes uit De Klinge haalt een luchtfoto uit 1967 tevoorschijn. De contouren van de grens tussen België en Nederland zijn vaag te onderscheiden. In het noorden het lange lint met huizen langs de 's Gravenstraat in Clinge, daaronder iets als de buik en de benen van De Klinge.

Op de grond ziet het er allemaal minder interessant uit. Dat deze dorpen in een uithoek van Nederland en België liggen, valt er helaas wel aan af te zien. Gelukkig is er de grens, die borg staat voor verhalen, oude herinneringen en bevestiging van de identiteit.

Wilfried Maes mag zich dan de laatste jaren voornamelijk toeleggen op bijbelexegese, de grens loopt als een rode draad door zijn leven. Als tienjarige tekende hij uit het hoofd een plattegrond van zijn woonomgeving, met een dikke kronkelige lijn tussen noord en zuid. ,,De Hollanders waren bijzonder streng', herinnert Maes zich uit zijn jeugd. ,,Het was de tijd van de smokkelaars. Als je de grens overstak werd je steeds gecontroleerd. Doet je fietsbel het, is je spatbord wel wit aan de achterzijde, wilden ze altijd weten. De Belgische douaniers bleven gewoon op hun stoel zitten.'

De grens op deze plek gaat volgens Maes zelfs terug naar het verdrag van Verdun uit 843, toen het Frankische rijk werd verdeeld onder de drie kleinzonen van Karel de Grote en het water van de Schelde tot aan Hulst reikte.

In de Eerste Wereldoorlog liep tussen De Klinge en Clinge, zoals trouwens langs de hele grens, een elektrische draad waarop de Duitse bezetter 220 volt had gezet. Vooral huisdieren werden in De Klinge geëlektrocuteerd, naast een onfortuinlijke Duitse soldaat.

Maes maakt, zoals alle inwoners, het onderscheid tussen het 'Belse' De Klinge en het Hollandse Clinge. Vlaamse puristen hebben in hun ontvoogdingsstrijd in de jaren dertig tal van topografische namen gemoderniseerd. Het La Clinge uit de Franse tijd werd vertaald in het historische foutieve De Klinge. De Nederlanders gebruiken de volgens Maes juiste benaming Clinge. Dat betekent zandheuvel of zandverstuiving.

Het vroegere gemeentewapen van de toen nog zelfstandige gemeente Clinge echter verwijst naar de kling van een zwaard, terwijl in het wapen van De Klinge, dat tot 1977 zelfstandig was, Onze Lieve Vrouw met het kindje Jezus op haar arm op een hoopje zand is neergezet. ,,En iedereen denkt dat ze op een wolk staat.' Hartstikke fout allemaal, zegt verzamelaar Maes. De zandheuvel was het enige juiste gemeentewapen geweest.

Clinge telt 2.605 inwoners, De Klinge 3.082. Voor Wilfried Maes betekent de grens meer én minder dan vroeger. ,,Minder, omdat er geen grens meer is, er zijn geen controles meer. Meer, omdat de grens veel meer dan vroeger een culturele betekenis heeft gekregen. De lijnen van Clinge lopen naar Den Haag, die van De Klinge naar Brussel.'

Vroeger was er nauwelijks verschil tussen de jongeren van De Klinge en Clinge. ,,We waren allemaal Vlamingen, spraken hetzelfde dialect. Maar nu is dat veranderd. Je merkt het aan de scholieren. Voor mij begint Calvijn hier 500 meter verderop. In tegenstelling tot de Hollanders, zijn wij nog steeds vrijbuiters die geen gezag aanvaarden.'

Het taalgebruik en mentaliteit in het Hollandse Clinge zijn volgens hem veranderd. ,,Het zal wel komen door de leerkrachten. Die komen van kweekscholen van over het water, van over de Schelde. De kinderen spreken nu Nederlands en gedragen zich ook zo.'

,,Het is een verschil van dag en nacht', beamen Louis Van Cauteren en zijn broer Isidoor vanuit de moestuin. ,,Het zijn daar echte Hollanders, ze zijn veel mondiger.'

Toch zijn de Belgische Klingenaars vooral aangewezen op Hulst, de gemeente die zich aanprijst als de meest Vlaamse stad van Nederland. Maes: ,,Als je dan vraagt waarom ze zich zo verkopen, dan is het antwoord: voor de Belgen. Hoor je dat, de meest Vlaamse stad, voor de Belgen! Ze zijn niet eens in staat het onderscheid te maken.'

Clinge is in de jaren zeventig opgeslokt door Hulst, De Klinge door de gemeente Sint Gillis Waas. De Hulststraat was de verbindingsader met de stad. Stadhouder en opperbevelhebber van het Staatse leger Frederik Hendrik, was na de val van Hulst in 1645 onverbiddelijk. Hij duldde geen katholieken in het Land van Hulst. En dus kwamen die door het bos en over de Hulststraat naar 'La Clinge Espagnole' om er naar de mis te gaan. In café-brouwerij 'In den Hulsterboom' vonden volgens de overlevering filosofische debatten plaats tussen protestanten en katholieken. Het café bestaat niet meer, er is een woonhuis van gemaakt. Geen herdenkingsplaat, niks dat herinnert aan de geschiedenis.

Van enige rivaliteit tussen beide dorpen is geen sprake. Vroeger was die er wel. ,,Als kind maakten we er een spel van om die van Clinge te pesten. Omgekeerd gebeurde hetzelfde. Het ging er soms behoorlijk grof aan toe. 'Hollandse bucht, vliegt in de lucht....' '

Maar in de jaren vijftig verdwenen de pesterijen en nu is sprake van verwijdering, onder meer het gevolg van migratie. ,,Er wordt ook minder over en weer getrouwd dan vroeger', zegt

Maes. ,,Het aantal gemengde huwelijken loopt terug. Maar met de kermis gaat onze pastoor nog altijd naar daar om de doden te herdenken en omgekeerd komt die van Clinge naar hier. Het is gek, we leven zo dicht bij elkaar, allebei Vlamingen, en toch zo anders.'

Toen in 1848 de katholieke kerk werd ingewijd, stonden de burgemeesters van De Klinge en Clinge en de kerkelijke autoriteiten keurig gescheiden op het plein. Tot 1875 werden alle kinderen uit het Hollandse Clinge hier gedoopt. ,,Mijn overgrootmoeder kwam uit Clinge. Toen het dorp een eigen parochie kreeg, weigerde zij er naar de kerk te gaan. 'Ik blijf met d'n Belse God meedoen', besliste ze. Nog altijd komen er op zondag enkele tientallen gelovigen uit Clinge naar de kerk in De Klinge. Omgekeerd is dat niet het geval.'

In De Klinge staan zeker vijftig woningen leeg. Wilfried Maes heeft ze geteld. De bevolking vergrijst, een beeld dat wordt bevestigd door een uitgestrekt peloton voorbij fietsende senioren. ,,Er worden te weinig kindjes geboren', zegt de ongehuwde Maes. En de jongeren dan? ,,Die willen niet meer in een rijtjeshuis wonen, maar hun eigen bungalow, waar ze in hun blote lijf uitgestrekt op het gazon kunnen liggen.'

'De laatste supermarkt in Holland', staat op de gevel van een kruidenierszaak langs de provinciale weg op enkele tientallen meters voor de grens, alsof er aan de andere kant geen pakje boter te koop zou zijn. Maar hamsteren is overbodig. Het eerste pand aan de Belgische kant is, wat had je anders verwacht, frituur snack De Grens, uitgebaat door, jawel, een Hollander.

Deel dit artikel