Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Schnitger laat weer van zich horen in Groningen

Home

CHRISTO LELIE

Na vijftien jaar heeft de Der Aa-kerk in Groningen haar Schnitger-orgel terug. De restauratie werd tot aan de rechter toe bevochten. Nu overheerst trots.

Groningen viert deze maand feest: het Arp Schnitger-orgel in de Der Aa-kerk klinkt eindelijk weer nadat het bijna vijftien jaar heeft gezwegen. Tot en met aanstaande zaterdag staat dit orgel centraal in het festival 'Schnitgers droom'.

"Het festival loopt geweldig. Zelfs bij de lunchconcerten tellen we gemiddeld zo'n 170 bezoekers!", zegt Peter Westerbrink. Hij is organist-titulair van de Der Aa-kerk, die overigens niet meer voor erediensten wordt gebruikt. Westerbrink beheert het orgel. Hij is dolblij dat het instrument zo prachtig uit de restauratie is gekomen. "Je kunt dat nooit voorspellen. Bij sommige orgels is na een restauratie de klank niet meer herkenbaar. Zoals bij het Schnitger-orgel in de Alkmaarse Laurenskerk. Het is uitstekend gerestaureerd, maar klinkt als een totaal ander instrument."

"Het Der Aa-kerkorgel heeft nog steeds faam", zegt Westerbrink. "Dat zien we aan de overweldigende opkomst deze week. Ik hoorde dat sommige bezoekers gehuild hebben toen ze onder begeleiding van dit orgel psalmen zongen. Dit instrument heeft altijd iets heel speciaals gehad."

In de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog werd het Schnitger-orgel een trekpleister voor organisten uit binnen- en buitenland die het een ideaal instrument vonden om er barokmuziek van Bach en tijdgenoten op te vertolken. De Der Aa-kerk werd hét podium voor de herwaardering van de klankwereld van Schnitger en het herontdekken van de uitvoeringspraktijk uit de tijd van Bach. Talrijk waren de plaat- en radio-opnamen.

En dat terwijl het niet eens een authentiek Schnitger-orgel is. "Op deze zwaarspelende, negentiende-eeuwse klavieren kun je echt niet met oude vingerzettingen spelen." Het orgel stamt weliswaar uit 1702, maar alleen het rugwerk en zes stemmen op het hoofdwerk hebben barok pijpwerk. De rest is van veel later datum. In 1831 en vervolgens in 1858 is het orgel namelijk omgebouwd door Petrus van Oeckelen. Die verving veel Schnitger-registers voor in die tijd modieuze stemmen. Bovendien voegde hij registers toe die het orgel zwaarder en dikker deden klinken, verdiepte de kas en plaatste een nieuw bovenwerk.

Oorspronkelijk was het Schnitger-orgel voor de veel kleinere Broerkerk gebouwd. In 1815 werd het overgeplaatst naar de Der Aa-kerk. Daar had de gemeente het al een eeuw zonder orgel moeten doen na een brand en het instorten van de kerktoren.

"Toen ik het Der Aa-kerkorgel voor het eerst bij het begeleiden van samenzang kon gebruiken, bleek dat de toevoegingen van Van Oeckelen destijds echt nodig waren. Zonder die extra registers zou het te klein geweest zijn voor deze enorme, gotische kerk", vertelt Westerbrink aan de speeltafel en doet psalm 42 door de kerk schallen. "Eigenlijk is het een onmogelijk orgel dat uit twee totaal verschillende werelden bestaat. Er klopt geen hout van - ook orgeltechnisch gesproken - zoals Van Oeckelen te werk ging. Toch klinkt het! Op de Schnitger-stemmen kun je schitterend oude muziek spelen, zoals Praetorius of Buxtehude. Ook al heeft het geen oude stemming, het klinkt zo subtiel dat ik het vaak prefereer boven het fraaie barokorgel in de Martinikerk, waaraan Schnitger ook gewerkt heeft."

Hoe oude muziek op de Schnitger-stemmen klinkt is te horen op de cd die Westerbrink volspeelde. Daarop staat ook een hoogromantisch werk, de derde Sonate van Ritter, waarin het orgel in het volle werk robuust en in het middendeel lieflijk en galant. Even overtuigend klinkt een eigentijdse compositie van Bert Matter.

Hoe het orgel uit de restauratie zou komen, was aanvankelijk onduidelijk. Toen in de jaren zeventig de Der Aa-kerk dreigde in te storten werd het orgel gedeeltelijk gedemonteerd. In 1990-1991 volgde de wederopbouw door de firma Reil uit Heerde. Alleen het allernoodzakelijkste, zoals de windladen van het rugwerk, werd gerestaureerd; enkele toevoegingen uit de twintigste eeuw werden verwijderd. In 1997 werd het orgel alweer gedemonteerd en opgeslagen bij orgelmaker Reil.

Toen begon de strijd over de echte restauratie, waarbij er twee uitersten waren. Enerzijds een compromisloze reconstructie van het orgel zoals Schnitger dat in 1702 had opgeleverd, anderzijds het respecteren van de wijzigingen door Van Oeckelen en diens voorgangers in de achttiende en negentiende eeuw.

Adviseur Rudi van Straaten stelde een middenweg voor: terugrestaureren naar de situatie van 1831, met waar mogelijk behoud van toevoegingen uit 1858. De berucht zware speelaard, zeven kilo per toets, zou worden verbeterd.

Talloze bezwaren klonken, in de vorm van bezwaarschriften; er werd zelfs een 'Stichting tot Bescherming van het Hoofdorgel in de Der Aa-kerk' opgericht. Hierna werden de plannen gewijzigd.

Maar toen orgelmaker Reil aan de gang wilde gaan, bleek de inwendige constructie van het orgel dermate krakkemikkig, dat er een nieuw restauratieplan moest komen: aanpassingen van Van Oeckelen zouden alsnog moeten sneuvelen. Ook tegen dit plan regende het bezwaarschriften en weer ontstond een heftige polemiek tussen voor- en tegenstanders. Uiteindelijk stapte men zelfs naar de rechter. Het werd zo'n slepende kwestie dat velen vreesden het der Aa-kerkorgel nooit meer te zullen horen. Met hulp van een mediator werd het conflict opgelost en de restauratie in harmonie uitgevoerd. Als restauratiefilosofie werd deze keer gekozen voor de situatie uit 1858, met behoud van enkele twintigste-eeuwse registers. Met die opdracht kon orgelmaker Reil in 2008 aan het werk gegaan.

Westerbrink zegt blij te zijn met de afloop. "In de eerdere plannen zou historisch materiaal zijn opgeofferd om een fantasiesituatie te creëren à la Schnitger."

Het resultaat blijkt live en op de cd van Peter Westerbrink zeer overtuigend. De grote belangstelling voor het festival 'Schnitgers droom' wijst erop dat de Der Aa-kerk opnieuw een trekpleister voor orgelliefhebbers zal worden, nu niet alleen voor oude, maar ook voor romantische en avant-gardistische orgelmuziek.

Arp Schnitger
Arp Schnitger (1648-1719) wordt wel de Stradivarius onder de orgelbouwers genoemd. Vele kerken in het noorden van Nederland en Duitsland hebben een orgel dat door de Duitser is gebouwd. Hij wist de beste orgelbouwers van zijn tijd te verzamelen in zijn werkplaats. Vele van zijn orgels zijn feitelijk door zijn meesterknechten gemaakt. Daardoor kon hij naam maken in de hele wereld. Tot in Brazilië bestaan Schnitger-orgels. In Noord-Nederland bestaan nog elf orgels van zijn hand.

De orgelgeschiedenis van de Der Aa-kerk wordt uitvoerig beschreven in het elfde deel van de serie Nederlandse orgelmonografieën onder de titel 'Wereldberoemde Klanken' van de Walburgpers.

De orgelbrochure 'Schnitgers Droom', het monumentale fotoboek '40 registers' en de cd 'Return of the Queen' met organist Peter Westerbrink zijn te bestellen via www.groningerkerken.nl.

Laatste concert in het festival 'Schnitgers Droom': Zaterdag 28-10, 22.30 uur, mystieke concertperformance, Harry de Wit.

Orgelfestival
T/m zaterdag 11.00-17.00 uur: fototentoonstelling en klankinstallaties in het koor van de kerk. Info: www.schnitgersdroom.nl

Deel dit artikel