Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Sander Terphuis: 'Ik ben de architect van mijn eigen leven'

Home

Arjan Visser

'Ik zou zo graag een keer met mijn vrouw Sjoukje door de steegjes van Teheran dwalen. Samen met Sjoukje in een vrij Iran, dat is een van mijn grootste dromen.' © Mark Kohn

Sander Terphuis (1972), in Iran geboren als Ahmad Queleich Khany, vluchtte op zijn 18de naar Nederland. Als PvdA-lid voerde hij succesvol actie tegen de strafbaarstelling van illegalen. Onlangs verscheen zijn autobiografie 'De worstelaar'.

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben
"Als ik het eerlijk moet zeggen: ik heb nooit echt in God geloofd, of in het heilige boek, de Koran. Ik móest bidden, ik móest naar de moskee, ik móest mij houden aan allerlei islamitische voorschriften. Daardoor is het geloof voor mij onlosmakelijk verbonden met een gevoel van onderdrukking.

Toen ik in 1990 tijdens de Wereldspelen voor gehandicapten in Assen uit het Olympisch dorp vluchtte en hier asiel aanvroeg, wist ik een ding zeker: nu ga ik mijn leven inrichten zoals ik dat wil. Ik wilde de architect zijn van mijn eigen leven. De verplichting om dingen aan te nemen, verruilde ik voor de vrijheid om alles te mogen ontdekken. Als ik één geloof aanhang moet ik in die context denken, maar ik wil juist verder kijken; de religie met mijn eigen onderzoek overstijgen. Of, om met de Griekse filosoof Aristoteles te spreken: 'Plato heb ik lief, maar de waarheid heb ik liever'.

Ik heb van 1996 tot 2001 rechten en filosofie gestudeerd en met de grootste denkers kennisgemaakt. Als ik dan toch een etiket moet hebben, noem mij dan kantianist. Ook Immanuel Kant benadrukt de keuzevrijheid van het individu. En, heel belangrijk, hij zegt dat we het kwade kunnen overwinnen door het goede te doen. Dat zijn uitspraken over naastenliefde die je ook in de Koran en de Bijbel vindt: heb uw naaste lief zoals uzelf. Volgens mij vormt dát de basis van het menselijk handelen."

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is
"Ik ben geboren met een oogafwijking. Dankzij een lens én een bril heb ik met mijn rechteroog nog 6 procent zicht. Het heeft wel een voordeel om niet altijd alles te zien. Op een of andere manier is het contact vaak intenser. Als ik met iemand in gesprek ben geweest, zeg ik vaak tegen Sjoukje, mijn vrouw, dat ik die ander heel fijn heb ervaren. Wat de wereld om mij heen betreft ben ik dus aangewezen op mijn eigen voorstellingsvermogen. Ik vermoed dat mijn verbeelding mooier is dan de werkelijkheid, maar dat is wel zo prettig, toch?"

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken
"Mijn levensmotto is: je mag alles zeggen, maar je hoeft het niet te doen."

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen
"Ik ben een druk en ambitieus man, maar ik houd er ook van om in alle rust een heerlijke maaltijd te gebruiken en een lekker glaasje wijn te drinken. Ik mag graag mijmeren, wandelend van alles overdenken, en dat hoeft wat mij betreft niet per se op zondag te gebeuren."

Lees verder na de advertentie
Ik vermoed dat mijn verbeelding mooier is dan de werkelijkheid, maar dat is wel zo prettig, toch?

V Eer uw vader en uw moeder
"Soms probeer ik de film terug te draaien, naar mijn jeugd in Iran, en dan stemt het mij verdrietig als ik eraan denk dat ik niet echt een goede band met mijn vader heb gehad. Dat komt doordat hij vergeleken met mijn moeder streng islamitisch was, maar ook doordat zijn gezondheid in de laatste jaren van zijn leven niet al te best was.

Juist toen ik begon op te bloeien, zo rond mijn veertiende, vijftiende jaar, lag hij in een hoekje van de kamer ziek te zijn. Hij heeft geen gemakkelijk leven gehad. Als jongen van twaalf moest hij werken voor een boer die hem elke dag stokslagen gaf. Zijn eerste huwelijk strandde. Zijn zoon, mijn halfbroer, heeft hij in zijn leven maar een paar keer gezien. Mijn vader heeft altijd erg hard gewerkt om het hoofd boven water te houden.

Hij was ook een buitengewoon wijze man. Toen hij nog gezond was, nam hij me vaak mee naar de berg Alborz, die zich op een paar kilometer afstand van ons huis bevindt. Tijdens het klimmen voerden we lange gesprekken, en ook later, toen hij bedlegerig werd, spraken we langdurig met elkaar, maar toch... hij had meer aandacht voor mijn oudere broer. Na vier meisjes kwam er eindelijk een jongen bij en op hém had hij alle hoop gevestigd. Zijn oudste zoon moest studeren, dokter worden, de familie trots maken, geld verdienen en hem een rustige oude dag bezorgen. Misschien heeft hij bij mijn geboorte gedacht dat hij de kansen kon spreiden, maar toen ze zagen dat ik een oogafwijking had, liet hij die gedachte varen. Ik kreeg al van jongs af aan het idee dat ik voor hem niet meetelde.

Er kwam een beetje verandering in toen ik een goede worstelaar bleek te zijn. Als ik terugkwam van de sportschool vroeg hij altijd: 'En, heb je weer gewonnen?' Hij was heel trots en ik vond het fijn om die aandacht van hem te krijgen. Helaas ging hij dood toen ik 16 was. Ik vergeet die dag nooit meer. 's Ochtends was hij tot onze verrassing opgestaan, had het raam opengegooid en gezegd: 'Wat een prachtige dag!' Daarna wilde hij zelfs voor het eerst sinds lange tijd iets eten. Na een half uur was hij moe en ging terug naar bed. Diezelfde avond stierf hij, pas 65 jaar oud.

Ik had al een goede band met mijn moeder, maar na mijn vaders dood werd die alleen nog maar sterker. Ze was zo lief voor mij. Misschien ook wel door mijn slechtziendheid. Het trieste is dat ik wel voelde hoe wij naar elkaar toe groeiden, maar tegelijkertijd wist dat ik Iran wilde verlaten, dat ik aan die islamitische terreur van de ayatollahs wilde ontsnappen. Ik had een mogelijkheid gevonden: door hard te trainen kon ik ervoor zorgen dat ik geselecteerd zou worden voor het nationale team van worstelaars dat mee ging doen met de Wereldspelen in Nederland. Eenmaal daar, in het vrije Westen, zou ik ervandoor gaan... En het lukte.

Ik kreeg alle papieren en op een dag was het tijd om afscheid te nemen. Ik had mij al weken ellendig gevoeld, omdat ik wist dat ik voor altijd weg zou gaan. Mijn moeder merkte mijn onrust. Ik stond op het punt om haar te vertellen wat mijn plan was, maar ik kon er niet zeker van zijn dat ze haar mond zou houden. Misschien zou ze, om mij hier te kunnen houden, de autoriteiten op de hoogte stellen. Ik wist zeker dat we elkaar dan ook niet meer zouden zien, omdat ik gearresteerd zou worden en voor jaren in de gevangenis zou verdwijnen. 'Tot over twee weken', zei ik en vertrok.

Er kwam een beetje verandering in toen ik een goede worstelaar bleek te zijn. Als ik terugkwam van de sportschool vroeg mijn vader altijd: 'En, heb je weer gewonnen?'

Het eerste wat ik wilde doen, toen ik mij later bij de vreemdelingenpolitie in Amsterdam meldde, was mijn moeder bellen. Ze begreep er helemaal niets van. 'Je bent toch mijn lieve zoon? We hebben elkaar toch nodig?' Ze kon het niet geloven. Een paar dagen later stond ze, tegen beter weten in, op het vliegveld van Teheran om mij op te halen.

Ieder telefoongesprek dat wij daarna voerden eindigde in een huilbui. Haar grootste zorg was, geloof ik, dat er niet goed voor mij gezorgd zou worden. Na drie of vier jaar, toen ik al met Sjoukje samenwoonde in Apeldoorn, heb ik haar uitgenodigd om met eigen ogen te komen bekijken hoe goed ik terecht was gekomen.

We zeiden dat we getrouwd waren, maar wegens geldgebrek geen bruiloft hadden gevierd. Dat geloofde ze. Dat Sjoukje geen moslim was, vond ze ook niet erg. Ze wilde wel graag de inhoud van de koelkast inspecteren. Oké, ook in orde. Gerustgesteld keerde ze terug naar Iran. In 2006 is ze overleden. Vlak voor haar dood zei ze: 'Ik zou je zo graag nog één keer zien voordat ik mijn ogen sluit'. Ik heb overwogen om te gaan, maar het risico dat ik zou worden opgepakt was te groot. Van alles wat ik moest missen - de huwelijken van mijn broer en zussen, geboortes van neven en nichten - is dit de meest aangrijpende gebeurtenis geweest. Dat ik mijn moeder nooit meer heb teruggezien."

VI Gij zult niet doodslaan
"Nee, worstelen heeft niets met agressie te maken, maar het is wel zo dat ik mijn vaardigheden heb 'misbruikt' om mij te verdedigen tegen jongens die mij probeerden te beroven. Misschien was er heel even een kick als ik iemand had uitgeschakeld, maar uiteindelijk bleef ik toch zitten met een lading negatieve energie. Ik houd niet van geweld, ik ben juist een groot voorstander van harmonie. Altijd en overal. Ik ben heel erg tegen de doodstraf. De overheid moet zorgen voor de veiligheid van alle burgers. Amnesty International meldt dat het aantal executies in Iran fors is toegenomen; 700 executies in de eerste helft van 2015. Dat is zeer zorgelijk. Ik zal mij blijven inzetten voor de bescherming van mensenrechten. Dat is heel hard nodig."

VII Gij zult niet echtbreken
"Ik heb Sjoukje leren kennen toen ik zo'n vier maanden in Nederland was. Ze vertelden mij dat ze zulke mooie blauwe ogen had, maar om dat te kunnen vaststellen had ik heel dichtbij moeten komen en daar was ik te verlegen voor. Dus fantaseerde ik op papier over die ogen - ook al durfde ik haar dat gedicht vervolgens niet te geven haha!

De verliefdheid was gelukkig wederzijds, we bleken al snel aan een half woord genoeg te hebben. Het is wonderlijk dat twee mensen met zulke verschillende achtergronden het zo goed met elkaar kunnen vinden... of misschien heeft het juist een meerwaarde dat we niet hetzelfde zijn. Ik ben gepassioneerd altijd in de weer. Zij is een nuchtere Friezin. Als ik thuiskom met verhalen, onderbreekt zij mij nogal eens met de opmerking: 'Da's mooi. Laten we nu eerst maar gaan eten'.

Misschien was er heel even een kick als ik iemand had uitgeschakeld, maar uiteindelijk bleef ik toch zitten met een lading negatieve energie

Ik geloof eigenlijk niet in de voorzienigheid, maar voor ons geval maak ik een uitzondering. Ik zou zo graag een keer met haar door de steegjes van Teheran dwalen. Dan laat ik haar zien waar ik ben gevormd, waar ik ben opgegroeid... Ik hoop het zo, jongen, ik hoop het echt van harte. Samen met Sjoukje in een vrij Iran, dat is een van mijn grootste dromen."

VIII Gij zult niet stelen
"Sta mij toe om hier in overdrachtelijke zin iets over te zeggen: er zijn grote groepen mensen die van hun meest fundamentele rechten en vrijheden worden beroofd. Wrang genoeg zijn het de mensen die onze bescherming juist het hardst nodig hebben: vluchtelingen, illegalen, kinderen en vrouwen die onder erbarmelijke omstandigheden in overvolle vluchtelingenkampen verblijven.

De Duits-Joodse filosofe Hannah Arendt noemde de bescherming van mensenrechten een onmisbare taak, maar het lijkt er soms op dat ons parlement, dat bij meerderheid beslissingen over hun lot kan nemen, het tegendeel probeert te bereiken. Daarom maakte ik mij ook zo kwaad over die poging om illegaliteit strafbaar te stellen. Mensenrechten zijn niet gerelateerd aan je verblijfsstatus!

Ik werk nu aan een stuk, een soort inspiratiebron voor het volgend kabinet, waarin ik de fundamentele waarden van de rechtsstaat en mensenrechten op een rij zet en ik zou graag zien dat alle politieke partijen die wezenlijke waarden opnemen in hun verkiezingsprogramma's. Laten we het daar met z'n allen over eens zijn: mensenrechten zijn universeel, aan mensenrechten valt niet te tornen."

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste
"Tja, het spijt me, maar dan moet ik nog heel even door in deze richting, omdat de valse getuigenis in het politieke bedrijf een relatief veel voorkomende overtreding is. Misschien wel de grootste leugenaar op dit terrein is Geert Wilders, die consequent mensen over één kam scheert. Zo heeft hij het altijd over 'massamigratie'; alsof al de arbeidsmigranten, asielzoekers, vluchtelingen - soms uitgenodigd nota bene - tot één en dezelfde groep behoren. Daarmee vervuilt hij de discussie.

Ik zou hem graag iets willen uitleggen over het onderwerp waarover wij net spraken - mensenrechten en de waarden van onze rechtstaat - maar we weten allemaal dat Wilders het debat uit de weg gaat. Hij durft niet één discussie aan. Gelukkig heb ik, mede sinds het verschijnen van mijn boek, een podium om mijn verhaal te vertellen. Gandhi zei: 'My life is my message', nou, dit is míjn levensboodschap: laten we ons het lot aantrekken van al de mensen die Wilders op één hoop gooit en ze de bescherming bieden waar ze net als ieder ander recht op hebben. Ik weet waarover ik praat, want ik was een van hen. Je vaderland ontvluchten en je dierbaren achterlaten doe je echt niet zomaar."

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is
"Mijn vader vertelde mij het verhaal van de kist met goud die boven op de berg Alborz door de Perzische koning Kourosh was achtergelaten. Wie de kist vond, mocht hem houden. Zo spoorde de koning zijn volk aan steeds hoger te klimmen. De boodschap was: jaag je dromen na, zet door, geef niet op.

Ik heb goed naar het verhaal geluisterd. Ik stel mezelf steeds nieuwe doelen. Nu ik mijn boek heb gepubliceerd, wil ik mijn proefschrift schrijven en promoveren bij oud-minister van justitie Ernst Hirsch Ballin over de bescherming van mensenrechtenverdedigers wereldwijd. Ja, en op een dag word ik minister van justitie van dit land - dat heb ik inderdaad ooit gezegd. Als hoeder van onze democratie, rechtsstaat en mensenrechten. Ik geef je geen data, maar dát het gaat gebeuren staat voor mij vast.

Het kan zijn dat anderen over een minder grote gun-factor beschikken dan ik, maar zelfs dan komt het wel goed. Dat is een tweede vaste kracht in mijn karakter: ik ben een onverbeterlijke optimist. Ik wil niet te lang stilstaan bij wat ik allemaal moet missen in mijn leven. Sommige landgenoten komen nog altijd bij elkaar, luisteren naar Perzische muziek en barsten dan in snikken uit. Daar doe ik niet aan mee. Ik ben me bewust van de realiteit. Ik heb mijn naam veranderd omdat veel Nederlanders Ahmad Queleich Khany niet konden uitspreken. Uit pragmatische overwegingen dus. Ik hou gewoon niet van klagen en zeuren. Ik wil altijd doorpakken."

Laten we ons het lot aantrekken van al de mensen die Wilders op één hoop gooit en ze de bescherming bieden waar ze net als ieder ander recht op hebben

Deel dit artikel

Ik vermoed dat mijn verbeelding mooier is dan de werkelijkheid, maar dat is wel zo prettig, toch?

Er kwam een beetje verandering in toen ik een goede worstelaar bleek te zijn. Als ik terugkwam van de sportschool vroeg mijn vader altijd: 'En, heb je weer gewonnen?'

Misschien was er heel even een kick als ik iemand had uitgeschakeld, maar uiteindelijk bleef ik toch zitten met een lading negatieve energie

Laten we ons het lot aantrekken van al de mensen die Wilders op één hoop gooit en ze de bescherming bieden waar ze net als ieder ander recht op hebben