Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Rapport bewijst: in drie gevallen beïnvloedde ministerie van Justitie het WODC ‘onbehoorlijk’

Home

Wendelmoet Boersema

Minister Ferdinand Grapperhaus van Justitie en Veiligheid (CDA) tijdens het debat in de Tweede Kamer over de onafhankelijkheid van het onderzoeksinstituut WODC. ANP BART MAAT © ANP
Update

Het ministerie van justitie had drie maal een ‘onbehoorlijk’ dikke vinger in de pap bij onderzoek dat onafhankelijk moest zijn.

Kunnen onderzoekers binnen de muren van een ministerie de druk van ambtenaren en politici weerstaan bij onderzoek naar politiek gevoelige onderwerpen?

Lees verder na de advertentie
Grapperhaus erkende dit voorjaar alvast in de Tweede Kamer dat er ‘inschattingsfouten’ zijn gemaakt

Die vraag dringt zich op, nu officieel is vastgesteld dat de top van het ministerie van justitie en veiligheid zich in drie gevallen ‘onbehoorlijk’ gemengd heeft in drugsonderzoek van het WODC uit 2014. Toch constateert een onderzoekscommissie dat het werk van de onderzoekers hier niet onder geleden heeft.

Het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatie Centrum (WODC) doet onafhankelijk onderzoek, maar opereert onder de vleugels van het ministerie. Het kabinet baseert zich bij het maken van beleid vaak op onderzoek van dit instituut. Het ministerie fungeert meestal als opdrachtgever.

Cannabis

Een uitzending van het tv-programma ‘Nieuwsuur’ bracht eind vorig jaar een affaire rond het WODC aan het rollen (zie ‘Klokkenluider tegen wil en dank’). De top van het ministerie had zich bemoeid met onderzoeken naar de effectiviteit van het coffeeshopbeleid, zo bleek toen uit interne e-mails. Toenmalig minister Opstelten kon zo gestaafd met de juiste conclusies zijn beleid verdedigen.

De huidige justitieminister Ferd Grapperhaus (CDA) zette daarop liefst drie onderzoekscommissies aan het werk. Hij erkende dit voorjaar alvast in de Tweede Kamer dat er ‘inschattingsfouten’ zijn gemaakt.

De commissie die zich moest buigen over de vermeende beïnvloeding en de kwaliteit van drie drugsonderzoeken toonde zich vandaag mild over de top van het ministerie. Zestien ‘vingers in de pap’ zijn onderzocht. Drie daarvan getuigden van onbehoorlijke betrokkenheid, en vonden plaats ‘onder hoge druk en in een politiek gevoelig dossier’. Dat betrof het onderzoek ‘Internationaal recht en cannabis’ uit 2014, onder meer naar de vraag of gereguleerde wietteelt in Nederland juridisch mogelijk is. Vijf voorvallen berustten op een misverstand en bij acht bleef de vingerwijzing van hoge ambtenaren binnen de lijntjes.

Transparanter

“De rapporten deugen”, vatte commissievoorzitter Jacques Overgaauw samen. Ook is het volgens hem niet gek dat ambtenaren veelvuldig betrokken zijn bij onderzoeken. Maar het ministerie moet transparanter te werk gaan in zijn rol als opdrachtgever, aldus de oud-vicepresident van de Hoge Raad. “Wees vooraf glashelder”, zo luidt zijn advies.

De commissie adviseert ook dat onderzoekers van het WODC voor-taan niet langer zelf de contacten onderhouden met het ministerie tijdens een politiek gevoelig onderzoek. Dat moet een neutraal tussenpersoon doen.

Voor de zomer stapte de directeur van het WODC Frans Leeuw al vroegtijdig op. Een andere onderzoekscommissie constateerde dat hij én het ministerie de interne klokkenluider in de kou hadden laten staan. De Leeuw ging bijvoorbeeld nooit met haar in gesprek, terwijl daar alle aanleiding voor was.

Er loopt nu nog één onderzoek. Dat richt zich op de vraag hoe het WODC voortaan beter kan functioneren, binnen of buiten de muren van het ministerie.

Klokkenluider tegen wil en dank

Buiten haar toedoen werd Marianne van Ooyen, voormalig voormalig hoofdonderzoeker van het WODC, klokkenluider. ‘Nieuwsuur’ kreeg eind vorig jaar een e-mail van haar in handen. In 2014 had ze geklaagd over de onafhankelijkheid van twee onderzoeken over drugsbeleid waarbij ze betrokken was. Het eerste (uit 2013) ging over het effect van het coffee-shopbeleid van het kabinet. Passages van het eindrapport werden aangepast op verzoek van het ministerie. Een ander onderzoek (uit 2014) ging over de vraag of internationale wetgeving een proef met regulering van cannabisteelt toeliet. Toenmalig minister Ivo Opstelten vroeg zijn medewerkers om ‘sturing’ uit te oefenen. Opstelten was tegen zo’n proef, die nu trouwens wel door het nieuwe kabinet is toegelaten. Van Ooyen noemde in een reactie de bevindingen van de onderzoekscommissie ‘eenzijdig’. Volgens haar is er niet genoeg oog voor dat onderzoekers los van beleidskeuzes hun werk moeten kunnen doen.

Lees ook: Het onderzoek naar de WODC-affaire kost directeur Leeuw zijn baan

Frans Leeuw, directeur van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatie Centrum (WODC), stapt op. Zowel hij als het ministerie van justitie en veiligheid heeft een interne klokkenluider, die meermaals onder de aandacht bracht dat wetenschappelijk onderzoek werd beïnvloed door het ministerie, in de kou laten staan.

Deel dit artikel

Grapperhaus erkende dit voorjaar alvast in de Tweede Kamer dat er ‘inschattingsfouten’ zijn gemaakt