Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Politieke reclame moet óók kloppen

Home

BERBER BROUWER, ADVOCAAT MEDIARECHT en TRAD OP NAMENS STICHTING DIER&RECHT

Het is een gemiste kans dat de Reclame Code Commissie een klacht over de PvdA en haar kritiek op de plezierjacht niet honoreerde, vindt advocaat Berber Brouwer.

De PvdA stelt in stemwijzers en op de eigen website tegenstander te zijn van de plezierjacht, de jacht zonder noodzaak op dieren als wilde eenden, hazen en houtduiven. In het jargon van het reclamerecht heet dat 'een lokkertje', om kiezers met een zwak voor dierenleed aan zich te binden.

Uiteraard biedt een standpunt geen garantie. De kiezer zal begrijpen dat het sluiten van compromissen onvermijdelijk is, maar mag op zijn minst verwachten dat een partij zich hard maakt voor de uitgedragen standpunten. Én dat de partij de kiezer eerlijk voorlicht als de partij van dit standpunt afstapt.

De voltallige PvdA-fractie stemde op 1 juli 2015 echter tégen een verbod op plezierjacht in de nieuwe Wet natuurbescherming. De partij heeft daarmee actief het eigen standpunt getorpedeerd. Wanneer een volksvertegenwoordiger besluiten steunt die strijdig zijn met een eerder verkondigd standpunt, is sprake van kiezersbedrog. Sinds 1997 belooft de PvdA keer op keer een einde te maken aan de plezierjacht om vervolgens na de verkiezingen juist tegen een verbod op de plezierjacht te stemmen.

Dit schoot Dier&Recht zó in het verkeerde keelgat dat zij bij de Reclame Code Commissie (RCC) een klacht heeft ingediend. Dat was niet zo'n gek idee, omdat onder reclame niet alleen commerciële reclame wordt verstaan, maar ook 'aanprijzing van denkbeelden', waaronder politieke reclame. Reclame is misleidend als essentiële informatie niet wordt vermeld. Dat geldt dus ook voor politieke reclame waarin goede sier wordt gemaakt met een standpunt dat in werkelijkheid is opgegeven. De partij had dit ofwel eerlijk moeten vermelden ofwel de uiting moeten aanpassen.

Lees verder na de advertentie

Vrijheid van meningsuiting

De klacht van Dier&Recht bij de RCC, en later bij het College van Beroep, werd afgelopen maand afgewezen. Voornaamste reden is dat de RCC bij politieke reclame zeer terughoudend toetst wegens het belang van vrijheid van meningsuiting. Deze vrijheid is een groot goed, inderdaad, maar is het belang van de kiezer om niet misleid te worden niet net zo groot? Het verbreken van beloftes en het verdraaien van feiten is in de politiek zo vanzelfsprekend, dat de gemiddelde burger niet anders verwacht. Bij commerciële reclame staat het vertrouwen van de consument in reclame voorop. Zou dit bij politieke uitingen niet hetzelfde moeten zijn? Cynisme van kiezers leidt tot een extreem laag vertrouwen in de politiek en is daarmee de bijl aan de wortel van de democratie.

Het afwijzen van de klacht is niet verrassend, maar wel een gemiste kans. Een uitspraak van de RCC zou geen beperking zijn geweest op de vrijheid van meningsuiting, want het gaat hier om een vrijblijvend advies. Dus hooguit om een corrigerend tikje met enig prestigeverlies. Maar misschien wel voldoende om politieke partijen het eerlijk voorlichten van kiezers serieuzer te laten nemen en lichtvaardig strooien met verkiezingsbeloftes te voorkomen.

Deel dit artikel