Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Politie wil meer opsporingsbevoegdheden

Home

Van onze verslaggever

AMSTERDAM - Het wetsvoorstel bijzondere opsporingsmethoden gaat niet ver genoeg. De Raad van hoofdcommissarissen heeft minister Korthals (Justitie) gevraagd om uitbreiding van bevoegdheden.

De raad wil dat de grens waarbij DNA-onderzoek is toegestaan, wordt verlaagd. DNA-gegevens mogen nu alleen worden gebruikt bij zware geweldsdelicten waarvoor een gevangenisstraf van acht jaar kan worden opgelegd. “Je ziet bij de middencriminaliteit, zoals inbraken, dat DNA-onderzoek de pakkans verhoogt. DNA is de nieuwe vingerafdruk. De techniek biedt de mogelijkheid die meer te gebruiken en dan moet dat kunnen. De regering wil dat wij zorgen voor een grotere pakkans. Dan moeten ons ook de mogelijkheden worden geboden”, zegt de Rotterdamse korpschef B. Lutken, voorzitter van de raad.

Lutken reageert op uitlatingen van de hoofdcommissaris in Groningen, J. Brand. Deze zei gisteren dat de politie ook opsporingsonderzoek moet kunnen doen naar mensen tegen wie (nog) geen concrete verdenkingen bestaan. Brand noemde afluisteren, infiltratie en cameraregistratie.

Volgens Brand staat de privacy-wetgeving de criminaliteitsbestrijding in de weg. Hij vindt dat bij straatroof, inbraak en mishandeling, die soms in groepsverband worden gepleegd, bijzondere opsporingsmogelijkheden nodig zijn.

De Registratiekamer, die de privacy van burgers bewaakt, noemt Brands uitlatingen 'stemmingmakerij'. “Voorheen waren de bevoegdheden van de politie misschien te beperkt. Daarom ligt er het wetsvoorstel. Die wet biedt de politie straks al meer ruimte.”

Ook criminologen zijn verbaasd over de roep om meer armslag. “Het moet eens ophouden”, zegt dr. T. Blom, docent strafrecht aan de Erasmusuniversiteit Rotterdam. Blom promoveerde vorig jaar op een proefschrift over de grenzen van opsporing en privacy. “Het wetsvoorstel biedt de politie veel meer bevoegdheden, waarbij het verdenkingscriterium al is geschrapt.”

“De politie mag blijkbaar steeds blijven roepen om meer. Straks worden burgers, die part noch deel hebben aan strafbare feiten geobserveerd en afgeluisterd.” Volgens Blom moet het wetsvoorstel eerst aan de praktijk worden getoetst, voordat er bevoegdheden bijkomen.

Brand was niet bereikbaar, maar volgens Lutken heeft hij niet bedoeld dat burgers tegen wie geen verdenking bestaat, zonder meer moeten kunnen worden afgeluisterd. Lutken: “Het gaat om mensen die bijvoorbeeld door hun luxe levenswijze opvallen: ze hebben een uitkering, maar rijden in dure auto's, gaan op vakantie, gebruiken mobiele telefoons. Dan zit je toch met een vorm van verdenking.”

Volgens Lutken eisen de ontwikkelingen op het gebied van de criminaliteit en de opsporing dat er telkens opnieuw wordt gekeken naar de mogelijkheden voor de politie. We willen geen verstarring. En je moet dat soort dingen goed regelen. Niemand van ons zal pleiten voor willekeur, maar de wetgever moet de lat voor de bevoegdheden ook weer niet te hoog leggen.''

Het RPF-kamerlid A. Rouvoet, dat deel uitmaakte van de parlementaire enquêtecommissie-Van Traa, voelt niets voor Brands voorstellen. In het Radio 1 journaal zei hij dat hij “er niet aan moet denken om als eerzaam burger op straat gericht gevolgd te worden. Dat is niet de samenleving die de Tweede Kamer voor ogen had. We moesten dat maar niet doen”.

Deel dit artikel