Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

PLUGGE: 'IS HET HUWELIJK KAPOT, DAN DUIKEN WE ERIN'

Home

HETTY NIETSCH

Voormalig Trouw-journalist Willem Smitt (53) is hoofdredacteur van het weekblad Prive. Barbara Plugge (44) is daar een van zijn beste verslaggevers. Ze was zijn leerling bij het damesblad Libelle - 25 jaar geleden - waar hij toen werkte als chef verslaggeverij. Ze werkten een aantal jaren bij Story tot Smitt door Henk van der Meijden werd weggekocht om Prive te beginnen, nu zestien jaar geleden en Plugge hem niet lang daarna volgde. Om ook nog iets anders om handen te hebben heeft Smitt al jaren een circus dat onlangs is gefuseerd met het Russisch Staatscurcus.

Plugge: "Hij zegt: wij zijn er niet op uit een huwelijk te vernielen. Nooit, nooit, nooit. Maar is het huwelijk eenmaal kapot, dan duiken we er in."

Smitt: ,Ik heb wel gepubliceerd - dat was vermakelijk - over prinses Irene die voor haar toenmalige vriend Ronnie Wolff in zijn huurwoning in Den Haag zou koken. Dat resulteerde erin dat zijn keuken half is afgebrand. En ik denk ook aan onze onthulling over Bernard Haitink. Hij was gehuwd met een dame uit het orkest, schoof die mevrouw terzijde en ging vervolgens met een andere dame uit het orkest. Met als gevolg dat die eerste mevrouw uiteindelijk zonder werk - dat had ze voor hem opgegeven - en zonder man zat. Die onthulling leidt niet tot ontwrichting van het huwelijk, dat is al ontwricht. Van zo'n machtige man met zo'n functie denk ik ook: het is goed dat het publiek dat weet. Bovendien zou mijn stelregel zijn: als je het doet, doe het dan niet met iemand uit je eigen orkest."

Plugge: "Publiceren over vreemdgaan is een verregaande inbreuk op de privacy. Dat is een kwestie van ethiek."

Smitt: "Er zijn nog andere taboes. Als een mij bekende zangeres een abortus heeft ondergaan, zal ik dat ook niet melden. Dat is te prive."

Plugge: "Hij is een aardige man, lief, een vaderfiguur. Maar onderschat hem niet. Hij kan heel hard zijn. Nou ja, hard, professioneel. Er zijn soms onderwerpen waarvan ik zeg: zullen we dat wel doen? Hij zegt dan: als het nieuws is, moet het er in. De kwestie Manfred de Graaf - dokter Landsberg uit 'Zes es Aaa' - daar zat ik nogal mee. In de loop der jaren had ik een goede relatie met hem opgebouwd. En dan moet hij twee weken zitten vanwege rijden onder invloed. Hij is nog geen vijf minuten binnen de gevangenismuren of ons wordt dat telefonisch door een tipgever gemeld. Voor hem een groot drama, hun kan zulke publiciteit natuurlijk niet gebruiken."

Smitt: "Het is niet zo dat zulke dingen per definitie het blad in gaan, maar hier lag het anders."

Plugge: "Willem zegt in zulke gevallen: 'hij mag dan een kennis van je zijn, je bent ook journalist.' "

Smitt: "De Graaf belt ons en doet alsof hij in Portugal zit. In werkelijkheid belde hij vanuit de gevangenis in Grave. Hij misleidde de kluit. Kijk, had hij nou rustig met ons overlegd . . . Maar een portie liegen en zeggen: 'Ik ben in Portugal, er is niets aan de hand.' Daarmee plaatst hij zich buiten de wet van de vriendschap."

Plugge: "Willem zegt: wij schrijven over het hele leven, dus ook over dingen die iemand niet zo goed uitkomen."

Smitt: "Ach, vriendschap. Manfred en ik waren niet zo bevriend. We spraken elkaar nu en dan, hier in de Hilton-bar. Maar hij is me ook weleens te lijf gegaan. Hij drinkt veel, is driftig en valt er een woord verkeerd dan is het meteen knokken."

Plugge: "Veel acteurs, politici, zangers hebben ons nodig, gebruiken ons. Het is onverstandig om alle banden door te snijden omdat je een keer gepikeerd bent geweest. Die trots levert op de lange duur niets op. Toch hou je altijd mensen als Sonja Barend die ooit tegen mij heeft gezegd: 'ik verzuip nog liever in de Prinsengracht dan dat ik in jouw blad kom'."

Smitt: "Barend zit voortdurend op ons te hakken. Wie kaatst, kan de bal verwachten."

Plugge: "Dan maken we, als het uitkomt, toch een leuk verhaaltje over haar nieuwe vriend. Of we laten haar gezicht tekenen voor een reportage over facelifts - voor en na de ingreep. Dan wordt ze als kop van Jut gebruikt, ja, je krijgt er toch geen last mee."

Smitt: "Ik kreeg ooit foto's in handen van Fred Oster, die werd gemaltraiteerd door buurtbewoners. Op de foto's: de familie Oster in nachtgewaad bij een Cherokee-jeep die in het water ligt. Ik wil publiceren, maar Fred is bang dat ze zijn molen in de fik steken. Heb ik begrip voor. Hij wil eerst zijn molen kwijt en de aspirantkopers niet alarmeren. Heb ik ook begrip voor. Ik wacht. Dan is de molen verkocht en wil hij dat ik wacht tot het geld op de bank staat. Ik wacht weer. En dan zegt hij: 'Ik loop nog liever in m'n nakie door Hilversum dan dat ik aan zo'n verhaal meewerk'. Ik heb hem gezegd dat ik me vier jaar aan onze afspraak heb gehouden en dat ik het verhaal nu zou gaan brengen. Eerst vond ik hem aardig, had ik mededogen. Nu vind ik hem een minderwaardige figuur. Bij mij geldt: afspraak is afspraak. Als je soft bent kun je zo'n blad niet maken."

Plugge: "Ik zie het als mijn opdracht dat die bekende Nederlander, de ster, een mens wordt."

Smitt: "Haar grootste kwaliteit is het interview, ze is in staat veel uit mensen te halen. Ze zal nooit een verplicht nummer afscheiden. Voor dit werk moet je een bepaalde vrijmoedigheid hebben en zeker niet bang zijn."

Plugge: "Je staat op een party, iedereen vermaakt zich en jij moet je tussen die mensen mengen. Daar is veel brutaliteit voor nodig, een hoop moed. Ik vind dat niet het leukste facet van het vak. Maar er moet nu eenmaal een verhaal komen."

Smitt: "Dat is niet haar sterkste zijde. Ze praat gemakkelijker met mensen die ze kent. Het is van belang het psychologisch juiste moment te kiezen: je moet zorgen dat je al met die regisseur in gesprek bent als de hoofdrolspeler erbij komt staan. Dan ben je automatisch partner in het gesprek en kun je leuke dingen horen. Ik heb weleens een gedicht uit mijn hoofd geleerd omdat ik wist dat iemand erg dol was op die dichter."

Plugge: "In iedereen zit een verhaal, zegt hij altijd."

Smitt: " Het zijn toch meestal de wat laffe mensen die terugkomen met 'het lukt niet' of 'ze wil niet'. Je moet nagaan: wat zijn de gevoelige snaren die ik kan raken. Ooit heb ik voor de toenmalige echtgenoot van prinses Irene een prachtig boek over veldslagen meegenomen. Ik wist dat hij een geweldige historische belangstelling had en ik heb net zo lang gezocht tot ik een boek vond waarin zijn familie voorkwam."

Plugge: "Hij heeft een 'noodlijst' aangelegd met vragen voor als het gesprek doodvalt. Negen van de tien keer werkt dat. Een vraag als: 'wanneer heeft u voor het laatst gehuild?' of: 'wat was uw meest traumatische ervaring?' kan verrassende verhalen uitlokken."

Smitt: "Zo hoor je nog nooit vertelde drama's."

Plugge: "Hij schrijft ook fantastisch, te goed bijna voor het niveau van dit blad. Dan zie je weer echt de Trouwjournalist."

Smitt: "Bij Trouw heb ik gewerkt van 1960 tot '65. Een hele mooie tijd al kon je lang niet alles in die krant kwijt. Een pracht van een openhartig interview had ik met Wim Sonneveld - hij sprak zelfs over zijn onechte zoon uit zijn Parijse periode - ging alleen mee in de editie Haarlem-Amsterdam omdat het voor de andere edities te gewaagd werd bevonden. Waar ik nog steeds heel trots op ben: mijn interview met Bobby Fischer. Op doorreis van Skopje naar New York logeerde hij in het Hilton in Amsterdam. Ik erheen. En daar zat hij, in het restaurant, aan een tongetje. Zo'n gesprek moet je nooit beginnen met: 'mag ik een interview?', van dat woord alleen al worden mensen doodziek. Ik zei: 'Meneer Fischer, ik ben het volstrekt met u eens dat u die Russen eindelijk eens aanpakt. Het werd een lang gesprek over van alles en nog wat - ik ben een groot schaakliefhebber. Op den duur zei hij iets waardoor mijn verhaal de hele internationale pers zou halen. Hij zei: er is maar een manier om uitdager te worden: k daag Botwinnik uit voor een tweekamp en ik geef hem twee punten voorsprong."

Plugge: "Na de MMS heb ik in de reclame gewerkt. Vervolgens was ik een tijdje persoonlijk secretaresse van Bob Slavenburg - het zwarte schaap van de Slavenburg-familie - die in Marokko woonde en met bridgen zijn geld verdiende. Toen ik niet wilde ingaan op zijn avances en hij me aan Arabieren van een melkfabriek wilde verkopen, ben ik vertrokken. Ik werd aangenomen bij Libelle. En daar zat Willem, chef verslaggeverij."

Smitt: "Ze was jong, mooi, extravagant. Een buitenbeentje op een redactie waar de trend werd bepaald door burgerlijkheid, door redactrices breien en koken."

Plugge: "Hij hamert er altijd op: check een verhaal liever bij tien mensen teveel dan bij een te weinig."

Smitt: "Het aantal processen dat ik heb verloren, is op de vingers van een hand te tellen. En dat in vijftien jaar tijd. Ik wil niet zeggen dat negentig procent van wat in ons blad staat, waar is. Negentig procent van wat wij melden is gebaseerd op interviews. Natuurlijk maak je weleens een fout, dat gebeurt een kwaliteitskrant ook. Ik heb eens abusievelijk gemeld dat Noortje van Oostveen zwanger was. Het leuke was dat haar man, dominee Albert van den Heuvel, overal werd gefeliciteerd. Ik bood aan dat recht te zetten maar nee, ze wilde bloed zien. Ach, dat zijn van die onbeduidende dingen. Zoiets kan gebeuren. Het is toch leuk als een vrouwtje zwanger is? En dan is ze het niet, jammer. De rechter heeft het verder afgeblazen."

Plugge: "Je kunt je niet het ene na het andere proces veroorloven. Dan gaan de lezers op den duur overal vraagtekens bij zetten."

Smitt: "Het enige echt grote proces dat we verloren, was aangespannen door prins Claus namens prins Willem-Alexander. We hebben dat louter en alleen verloren omdat iedereen gentimideerd was. De voormalige eigenaar van Club Juliana - Hans Vloothuis - heeft mij later toegegeven dat hij door de Paleisrecherche onder zware druk is gezet. De prins heeft wel degelijk tot vier uur 's nachts met een blond meisje gedanst en is in de ochtend gesignaleerd in een koffieshop op de P. C. Hooftstraat. Vertel mij maar eens wat er in de tussentijd is gebeurd. Later ben ik ook gewaar geworden dat vooral zoveel moeite werd gedaan de zaak te bedekken omdat het meisje minderjarig was, ze was veertien."

Plugge: "Onze hoofdredactie mag hard zijn, ze is toch best gevoelig voor mensen die eerlijk vragen een verhaal terughoudend te brengen. Dat was het geval met Tilly Chocolaad uit Curacao die liet weten dat haar dochter Noraly Beyer haar al twintig jaar niet meer wilde kennen. 'Een hond behandel je nog niet zo', schreef ze. Bij zo'n zin zie je de kop al voor je, zo'n verhaal zou gevreten worden. Noraly wilde geen commentaar geven maar ze deed een beroep op ons. Dus besloot onze hoofdredactie het verhaal niet in al z'n hardheid te plaatsen. Nu droeg het als kop: Waarom wil mijn dochter mij niet meer zien? - wanhoopskreet van de moeder van Noraly Beyer."

Smitt: "Ik weet heel goed wat mijn publiek wil lezen, ik sta in dienst van die lezers. Het mag pedant klinken, maar was ik hoofdredacteur van Trouw dan zou ik die krant in vijf jaar tijd op een oplage van 250 000 exemplaren weten te krijgen."

Plugge: "We zijn veel gewaagder dan Story. Dat blad is ingeslapen en zit vooral op het niveau van: 'Arie Ribbens is van de trap gevallen' en dat ex-zangeres Marga Bult een kind krijgt en nog een kind en nog een kind. Natuurlijk moet ik vaak horen: 'pfffff, werk jij voor dat blad?' Het wordt een roddelblad genoemd, hoezo roddel? De waarheid is toch meestal fantastischer dan de werkelijkheid. Natuurlijk verpakken wij de dingen een beetje maar dat mag toch?"

Smitt: "Spielerei is dat. Als er neerbuigend over ons wordt gesproken, ik heb een ontzaggelijk brede rug. . . Het is bekend dat er mensen zijn die niet willen weten dat ze ons blad lezen. Die gene hebben we zelfs ooit aangetoond in ons 'OB-onderzoek'. Als je de verpakking van die tampons terugstuurde, kreeg je gratis een proefabonnement. Toen hebben we een grap uitgehaald. Van die mensen hebben we een steekproef genomen en gevraagd welke bladen ze lazen. Slechts 35 procent gaf toe de Prive te lezen."

Plugge: "Hij is in al die jaren wel de chef gebleven. Er moet ook een stok achter de deur zijn."

Smitt: "Ze accepteert dat ik de werkverdeler ben."

Plugge: "Als hij plotseling belt dat er ergens een party is, haal ik het niet in mijn hoofd te zeggen: 'ik kan niet, ik krijg eters.' Dat is onprofessioneel. Verslaggevers die uren tellen werken als een rode lap op een stier bij Willem. Volgende week ben ik zeven avonden op pad."

Smitt: "Helemaal op je eigen smaak afgaan, kan niet. Zou ik dat wel doen dan zat ik nu op het eilandje Sveti Stefan voor de kust van Montenegro waar Fischer speelt. Of ik zou naar Somalie gaan."

Plugge: "Er staat zoveel leuks tegenover. Ik heb de halve wereld gezien. Ik heb Willeke van Ammelrooy met Marco Bakker op Tahiti laten trouwen; Marco als een indiaan beschilderd, Willeke in een rieten rokje en een behaatje van kokosnoten - dat was nog zoeken naar kokosnoten die pasten, Willeke heeft nogal een gemoed. Ik heb een prachtige reportage gemaakt van de Nederlandse voetballers die na de Europacup in Munchen in het diepste geheim naar Bonaire waren afgereisd. Dat verhaal was exclusief, het Golden Tulip hotel had ons getipt. Ik heb Peggy Weijergang in het huis van Jan des Bouvrie in Saint Tropez over de moord op haar vriend, Fagel, geinterviewd. Vier pagina's plus cover. Prachtig, de rillingen over je rug. Later had ze spijt en zei ze in een talkshow dat ze in een emotioneel moment was misbruikt. Dat vond ik jammer."

Smitt: "Veel journalisten broddelen maar wat. Ik heb een paar hele slechte ervaringen. Bijna elke week krijg ik een verzoek van een medium om een interview, maar ik praat nooit met de pers."

Plugge: "Hij is zeer belezen, intellectueel. Vroeger was hij ook erg politiek geinteresseerd, maakte zich sterk voor een samenvoeging van de christelijke partijen."

Smitt: "Ik had sterk het gevoel dat daar mijn toekomst lag. Ik ben lid van de Tros, maar ook van de EO. Ik vind: als een omroep christelijk is dan moet die dat durven belijden. Je moet actief blijven met je evangelisatie anders zijn we straks allemaal moslim of helemaal niks. De anesthesist Smalhout, hij is amateur-theoloog met een enorme diepgang, heeft eens in ons paasnummer het lijden van Christus beschreven. Een schitterend verhaal. Dat is de grote voldoening als je hoofdredacteur bent van een massamedium en de macht hebt om drie miljoen mensen iets onder ogen te brengen."

Deel dit artikel