Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ploeteren door de plannen en protocollen

Home

BERT KEIZER

Mevrouw M. ging naar een hospice, maar de ambulancebroeders weigerden haar mee te nemen. 'Toch niet omdat ze haar te ziek vinden?' vroeg zuster Mieke, want mevrouw zag er inderdaad uit alsof ze op weg was naar een hospice, dat wil zeggen broodmager, om niet te zeggen uitgemergeld, en bijna angstig geel door een probleem in haar galwegen.

Nee, de broeders eisten een gedateerde ondertekende verklaring waarin de dokter zei dat mevrouw niet gereanimeerd wilde worden. Mevrouw wilde dat zelf ook wel zeggen, maar daar namen ze geen genoegen mee.

Nou dacht ik dat ambulancebroeders herhaaldelijk protest hadden aangetekend tegen het zinloze reanimeren waarmee zij vaak worden opgescheept. Maar bij deze twee was die postduif kennelijk nog niet aangekomen. Want hoeveel klinische scherpte heb je eigenlijk nodig om te concluderen dat je een stervende vrouw, die in jouw ambulance op weg naar het hospice inderdaad sterft, niet moet reanimeren?

Ik stond op het punt dit met luide stem te gaan verkondigen toen Mieke met de praktische oplossing kwam: een inderhaast getypte verklaring waar mijn stempel al onder stond en waar mijn krabbel het pleit beslechtte.

Wat me dwars bleef zitten is de houding waaruit zo'n verzoek voortkomt. Het terzijde schuiven van de man of vrouw in kwestie om je te kunnen storten op de essentie van de zaak: formulieren, indicatiecodes, urenregistratie, behandelplannen, zorgplannen, leefplannen, valprotocollen, risiconanalyse. De ICT-shit waar je doorheen moet baggeren om bij een patiënt te komen wordt almaar dikker en stroperiger.

Deze registratiewoede is niet ontstaan omdat we inzagen dat patiënten ernstig tekortkwamen op het gebied van medicijnen en ingrepen. Inspecteurs, politici, zorgverzekeraars, bestuurders, managers, beleidsmakers, consultants, routeplanners, wethouders, raadsleden en computerfreaks hebben over de afgelopen twintig jaar een web rond ons werk gespannen dat almaar dichter wordt en waardoor we ons steeds moeizamer kunnen bewegen. Het gaat om mensen die nog geen gezondheidsprobleem in de gaten zouden hebben al zou het in de vorm van een nijlpaard op hun gezicht plaatsnemen.

Maar ze maken wel uit wat ik moet opschrijven en onder welke voorwaarden mevrouw Jansen fysiotherapie mag hebben of wanneer ze in het verpleeghuis mag blijven of dat ze het thuis verder maar zelf uit moet zoeken.

Die controleneiging werd geloof ik in gang gezet om kosten te besparen en het resultaat was een kostenexplosie die elke gezondheidswerker had kunnen voorzien. We hebben nu Geriatrische Revalidatie Zorg. Het geld dat we ontvangen om u weer aan het lopen te krijgen na een heupoperatie is afhankelijk van de hoeveelheid paramedische en medische aandacht die wij u geven. De controleurs geven ons zelfs een tabel waar we de bedragen in kunnen opzoeken. Wie in veertien dagen twintig uur behandeling krijgt, brengt veel meer op dan iemand die in die twee weken maar zes uur consumeert. Heerlijk! Want nu gaan we onze aandacht niet alleen maar afstemmen op uw behoefte, maar ook op de tabel. Kassa! Afschuwelijke bijwerking van dit gemier: als u moeizaam revalideert dan motten wij u niet.

Het leukste controleverhaal van deze week komt uit medicatiedistributiekanalen. Medicatie komt tegenwoordig in een geseald zakje. Maar wat als de dokter besluit een pil te stoppen? Dan maakt de zuster dat zakje open en haalt de pil er uit. Op dat moment gaan de sirenes loeien, want met deze riskante manoeuvre treedt zij in de positie van de apotheker, die als enige gerechtigd is om medicijnen te verstrekken.

De inspectie eist dat de apotheker hierbij betrokken wordt. Maar die zit aan de andere kant van de stad. Men kwam met deze 'oplossing': de zuster maakt met haar smartphone een foto van het geopende zakje waarnaast de zojuist verwijderde pil ligt. Deze foto wordt vervolgens gemaild naar de apotheker. Die tuurt zich scheel op dat plaatje en besluit dan (weldadige verrassing) dat het goed zit. Waarna hij zich woest krijsend richting opiatenkast begeeft. De inspecteur die deze capriolen eist is een jurist. En als u het niet erg vindt ga ik nu zelf even naar onze door niemand te inspecteren voorraad van overgebleven morfine-ampullen om eens te zien of daar nog wat aan te beleven valt.

Deel dit artikel