Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ploegleider Riis maakt alle renners beter

Home

John Graat

Ivan Basso, op 1.17 minuut van Armstrong, is dé revelatie van de Tour. De 26-jarige Italiaan is niet de eerste renner die door de vernieuwende aanpak van Bjarne Riis bij CSC tot ontbolstering komt. Rillend op een klif in Lanzarote overwon Basso deze winter zijn angst.

NIMES - Bjarne Riis heeft 'iets magisch'. Jens Voigt kan niet goed omschrijven wat de teammanager van de Deense CSC-ploeg zo bijzonder maakt. ,,Ik weet niet goed hoe hij het doe, maar zijn aanpak werkt voor iedereen. Vroeger had ik altijd het gevoel dat ik op negentig procent van mijn mogelijkheden reed. Sinds ik met Bjarne werk, ben ik een veel betere renner geworden.”

Dat liet Voigt, meer een stoemper dan een klimmer, in de zware Pyreneeënrit naar Plateau de Beille zien. De hele dag reed hij voorop met rasklimmer Michel Rasmussen (Rabobank). Pas elf kilometer voor het einde stierf de 32jarige in het harnas. Zijn ploeggenoot Ivan Basso was daarna in staat om Lance Armstrong te volgen tot aan de streep. De Italiaan is voorlopig de revelatie van de Tour. Ook hij wijst, net als de hele ploeg, naar Riis als zijn grote inspirator.

Natuurlijk was Basso altijd al een groot talent. Hij werd in 1995 tweede op het WK voor junioren en pakte in 1998 op de Cauberg in Valkenburg de wereldtitel bij de beloften (tot 23 jaar). Bij zijn de-buut in de Tour in 2001 brak hij op 14 juli zijn sleutelbeen. Een jaar later stond hij in de witte trui van de beste jongere in Parijs. Maar ploegleider Giancarlo Ferretti van Fassa Bortolo liet hem afgelopen winter vertrekken.

,,Waarom moet ik een fors salaris blijven betalen voor een renner die nooit wint?”

Indrukwekkend is de erelijst van Basso inderdaad niet. Voordat hij vrijdag van Lance Armstrong een vrijgeleide kreeg op La Mongie behaalde hij zijn laatste zege in de Ronde van Oostenrijk van 2001. Dat niettemin US Postal en CSC vorig jaar op hem aasden zegt genoeg. Riis won het touwtrekgevecht.

De Deense winnaar van de Tour in 1996 maakt renners beter. Hij bewees het dit jaar al met Jorg Jaksche in Parijs-Nice en met Jakob Piil, die in deze Tour al 551 kilometer in de aanval reed. Bij Voigt staat na ruim twee weken de teller op 443. Riis houdt er zijn eigen filosofie op na. Hij is altijd vernieuwend, werkt op wetenschappelijke basis, maar stelt één ding voorop: teamgeest. Om die te bevorderen legde hij vier jaar geleden Bjarne S. Christiansen vast. De exmilitair ziet het hele jaar toe op het groepsproces bij CSC. Zo voerde hij de regel in dat alle renners samen het controleblad voor de start gaan tekenen. Christiansen: ,,Het is niet genoeg dat je de beste ploeg bent. Je moet het laten zien.”

Christiansen diende 28 jaar in het Deense leger. Hij was in alle brandhaarden van de wereld als commando. In zijn leven maakte hij 4000 parachutesprongen. Nu werkt hij al vier jaar in de wielersport. De principes zijn daar niet anders dan in het leger, meent hij. Daarom neemt hij de CSCploeg elke winter mee op survivalkamp.

Hij dropte renners in een oneindig bos in Zweden, zonder veel eten, met weinig water en zonder slaapuitrusting. Afgelopen winter liet hij hen twee kilometer uit de kust van Lanzarote in het water springen, opgedeeld in vier teams. Ze kregen elk een vlot mee waarop de renners moesten zitten die niet naar de kant konden zwemmen.

,,Ik creëer altijd een crisis. Ik zorg eerst dat ze moe worden of ruzie krijgen en geef ze daarna een missie. Op Lanzarote leverde dat mooie dingen op. De renners die zich op een vlot hadden laten voorttrekken door de zee boden bij een bergwandeling aan de zware bepakking te dragen als wederdienst.”

Ivan Basso kon niet zwemmen. In het holst van de nacht liet Christiansen alle renners van een klif vijftien meter naar beneden springen. Basso kreeg een zwemband om, maar stond te rillen van angst. ,,Ik heb hem niet gedwongen, maar hij voelde dat hij net als iedereen moest springen. Daarna was hij zo trots op zichzelf. Hij had een angst overwonnen. Dat neemt hij nu mee in de koers.”

Met verbazing ziet Christiansen dat weinig andere ploegen op deze manier aandacht besteden aan hun renners. ,,De wielersport is hopeloos ouderwets. Bijna niemand staat open voor nieuwe ontwikkelingen. Als soldaten in een oorlog dezelfde mentaliteit zouden hebben, zouden ze allemaal sterven.”

Riis, zegt Christiansen, verbreedt constant zijn horizon. Dat vertaalt hij naar zijn renners. Die krijgen voor elke dag heel nauwkeurig een gedetailleerd trainingschema, met het gewenste wattage, aantal kilometers, snelheid en hartslag daarin aangegeven. De planmatige aanpak werkt bij Basso. Riis: ,,Renners als Hamilton en Mayo hebben te vroeg dit jaar hun kruit verschoten. Wij hebben in juni bewust gas teruggenomen. Ivan is fris.”

Deel dit artikel