Plant één aardpeer en je hebt tot in lengte van dagen te eten

home

Nicolien van Doorn

Jaren geleden kreeg ik van een vriendin een paar lichtbruine knolletjes. Dat worden leuke gele bloemen, zei ze, die tot november bloeien.

De wrattige knollen van de aardpeer smaken naar walnoot en artisjok. (Trouw)

Nou moet je altijd voorzichtig zijn met planten die je krijgt, want dat willen nog wel eens woekeraars zijn waar de gulle gever er te veel van had. In dit geval kon ik echter niets verdachts ontdekken en dus gingen ze de grond in.

Het leed was snel geschied. Uit de knolletjes ontsproten stengels die binnen de kortste keren twee meter lang waren. Al groeiend breidden ze hun territorium uit en verdrongen daarbij alles wat in de buurt stond – zelfs onkruid kreeg geen schijn van kans. Pas toen ik een paar van die onbetamelijk lange stengels uit de grond had getrokken, zag ik hoe het kwam dat die dingen zich zo makkelijk verspreidden: de oorspronkelijke knolletjes waren wratachtige puisten geworden die zelf ook weer knollen hadden geproduceerd, die zelf ook weer....

En dus haalde ik de riek door de grond, schepte de knollen op en gooide ze in de biobak. Maar het voorjaar daarop zag ik de bekende stengels alweer opkomen. Een typisch geval van onuitroeibaar.

U kunt zich waarschijnlijk voorstellen hoe verbaasd ik was toen ik kort geleden een afbeelding zag van die lelijke knollen, met een lyrisch verhaal erbij hoe heerlijk zoet en nootachtig die dingen smaken. Het waren precies dezelfde knollen die ik met tientallen in de biobak had gegooid en zelfs had proberen uit te roeien!

Ik heb het natuurlijk over de aardpeer (Helianthus tuberosus), die rauw naar walnoot schijnt te smaken en gekookt naar artisjok en schorseneer. In een van de boeken van Jamie Oliver figureert hij in een ovenschotel, tijdens een cuisinefestival in Nice werd hij uitgeroepen tot ’beste soepgroente’ en in chique restaurants wordt hij opgediend als delicatesse. Ze noemen hem daar ’vergeten groente’, want daar scoor je tegenwoordig mee.

Dat ie tot voor kort vergeten was, heeft trouwens goede redenen. Toen de Franse ontdekkingsreiziger Samuel de Champlain in 1605 in Noordoost-Amerika een akkertje vond waarop indianen eetbare knollen verbouwden, stuurde hij er een paar naar Frankrijk, met de mededeling dat hij ze poire de terre oftewel ’aardpeer’ had genoemd.

De knollen werden enorm populair, maar zakten weg in de vergetelheid toen een eeuw later de aardappel in Europa arriveerde. Die is glad en daardoor veel makkelijker te schillen dan de wrattige aardpeer. Bovendien hebben aardperen een lastige eigenschap: ze zitten vol met inuline, een suiker waar diabetici baat bij hebben, maar die bij sommige mensen leidt tot winderigheid en darmkrampen.

In Frankrijk heet de knol topinambour, in Engeland Jerusalem artichoke. De toevoeging ’Jerusalem’ is waarschijnlijk een verbastering van het Italiaanse woord girasole, wat ’zonnebloem’ betekent.

Aardperen worden in het voorjaar uitgeplant. Ze doen het overal, ook op arme grond. Alleen een hoge waterstand is minder geslaagd, dan rotten de knollen weg. De plant kan drie meter hoog worden, wat hem heel geschikt maakt als windscherm. Woekeren, ik zei het al, doet hij ook: een stukje van twee vierkante meter kan in een jaar tijd tien kilo knollen opbrengen. Die kunnen rond november worden geoogst, maar het lekkerst zijn ze na de eerste nachtvorsten. Dat oogsten gaat heel eenvoudig: je haalt de knollen uit de grond die je nodig hebt en laat de rest zitten, desnoods de hele winter. Kleine knolletjes oogst je niet, die groeien het jaar daarop vanzelf uit. Gebruik de aardperen meteen, want ze drogen snel uit en verliezen dan veel smaak.

Met aardperen kun je hetzelfde doen als met aardappels: koken, bakken, stoven, raspen, gratineren of pureren. Ze kunnen ook als schijfjes in de frituur en heten dan aardpeerchips. Er is soep van te maken, en een vroeg geoogste aardpeer is zelfs rauw lekker. Verder kan hij verwerkt worden tot aardpeerwijn. In Zuid-Duitsland en Oostenrijk maken ze er zelfs een soort jenever van: Gesundheitsschnaps of Topischnaps .

Het enige wat u nu nog over de aardpeer wilt weten, is waar hij te krijgen is. De knollen zijn te bestellen via internet. Bakker heeft één variant, bij Vreeken’s Zaden en het Vlaams Zaadhuis kunt u kiezen uit drie soorten. Een pakje met vijf knollen kost een euro of vijf, zes. Dat lijkt duur, maar bedenk wel dat u, uw kinderen en kleinkinderen daar tot in alle eeuwigheid van kunnen eten.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie