Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Pensioenfondsen voelen de druk van de dekkingsgraad

Home

Jelle Brandsma

© anp

Wij gaan ons beleid niet richten op dagkoersen, riepen de pensioenfondsen enige tijd geleden nog. De lage rente speelt hun parten, maar als die stijgt, gaat het weer beter. Bij een hogere rente verdient een pensioenfonds meer en kan het dus ook beter aan de verplichtingen voldoen. En ook al zitten de pensioenfondsen daar met smart op te wachten: de rente stijgt niet.

Zo kwam het pensioenfonds voor de vleessector in september uit op een dekkingsgraad van 79,3 procent en was de stand eind november nauwelijks hoger: 81,2 procent. De dekkingsgraad is de verhouding tussen het vermogen en de toekomstige verplichtingen. Om te kunnen zeggen dat de toekomstige uitkeringen veilig zijn, moet de dekkingsgraad tussen 104 en 105 procent zijn.

Het pensioenfonds voor de vleessector is een van de meest armlastige in zijn soort. Voor ex-werknemers in onder meer de slachterijen en vleeswarenfabrieken was gebruikelijk dat de pensioenen werden aangepast aan de inflatie. Het fonds van werknemers in het vlees heeft de pensioenen door de malaise al sinds 2009 niet meer aangepast aan inflatie.

"Laten we er geen doekjes om winden: de Nederlandse pensioenfondsen zitten in een moeilijke situatie", laat het fonds op zijn website weten. De fondsen die krap bij kas zitten, hebben al in 2009 op bevel van De Nederlandsche Bank een herstelplan gemaakt. Het pensioenfonds voor de vleessector moet volgens dat plan eind 2013 uitkomen op een dekkingsgraad van 104,7 procent. Met het huidige percentage van 81,2 is dat doel nog ver weg.

Op 31 december moeten de pensioenfondsen hun cijfers inleveren bij De Nederlandsche Bank. Waar het pensioenfonds voor de vleessector zwak scoort, zijn er ook fondsen die goede resultaten boeken. Het pensioenfonds van ING bijvoorbeeld zit op een dekkingspercentage van 112 en dat van het vliegend personeel van KLM op 122.

De verschillen hebben vooral te maken met de bereidheid en mogelijkheden van werkgevers om extra miljoenen in de pensioenkas te storten. Daarnaast heeft het ene pensioenfonds defensiever belegd en risico's beter afgedekt dan de andere. Verder verschilt het type werknemer/gepensioneerde: in een fonds met veel gepensioneerden en relatief weinig werkenden, zoals in de metaal en de vleessector, zijn de verplichtingen al op korte termijn aanzienlijk en komt minder vers kapitaal binnen om mee te beleggen.

Medio februari worden de pensioenfondsen bij De Nederlandsche Bank verwacht om uit te leggen wat zij gaan doen om de doelstelling in het herstelplan toch te halen. De werknemers en gepensioneerden in de vleesindustrie krijgen op de website alvast een schot voor de boeg. Hun bestuur wil pas na 31 december reageren, maar waarschijnlijk liggen hogere premies en lagere uitkeringen in het verschiet: "Als de economie niet sterk verbetert, zullen al genomen maatregelen waarschijnlijk niet voldoende zijn. Dan moet er meer gebeuren. Dat kan uiteindelijk zelfs betekenen dat de pensioenen wat omlaaggaan."

Deel dit artikel