Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Patiënt én overheid zijn door korting slechter af

Home

Jan Derksen en Dineke Smit

De huisarts moet weer zelf weer aan de bak op een terrein dat een specialisatie op zichzelf is. © anp

De huisarts kan vanaf donderdag zijn patiënten met een beginnende fobie, een ontluikende depressie, een ernstige verstoorde relatie, een milde verslaving of een burn-out door het werk niet meer doorsturen naar de eerstelijnspsycholoog een deur verderop. Per 1 januari bestaat deze eerstelijnspsycholoog na 35 jaar niet meer.

De zorg voor psychische problemen in de eerste lijn verandert zo drastisch dat de huisarts met zijn hulpkrachten vooral zelf weer aan de bak moet op een terrein dat een specialisatie op zichzelf is. De eerstelijnspsychologische zorg zat sinds 2008 in de basisverzekering, maar is in de jaren daarna beetje bij beetje afgebroken. Dit ondanks de geringe kosten van deze zorg. De acht zittingen werden teruggebracht tot vijf; relatieproblemen, aanpassingsstoornissen en werkgerelateerde problematiek mochten niet meer worden behandeld.

Geclassificeerde stoornis
Nu komt de kroon op het beleid van de overheid en zorgverzekeraars: er moet een te classificeren stoornis zijn - die vastligt in het 'DSM-handboek' - voordat de patiënt wordt verwezen naar wat nu de generalistische basis-ggz gaat heten.

De patiënt moet er dus eerst slechter aan toe zijn, de klachten moeten zijn doorontwikkeld. Anders gezegd: als het bekende kalf verdronken is dempt men de put. Met deze veranderingen gaat ook het eerstelijnspsychologisch gedachtengoed verloren. Het aloude medisch modeldenken, kenmerkend voor de specialistische, voorheen tweedelijnszorg, wordt in de eerstelijn geparachuteerd.

De specialistische grote instellingen moeten 20 procent van hun tijd verschuiven naar de voormalige eerste lijn. Dit betekent dat de eerstelijnspsychologen, die vooral succesvol zijn in kleine praktijken en samenwerken met een beperkt aantal huisartsen, worden gemarginaliseerd. Indien ze nog mee willen doen, moeten ze zich verenigen in grote zorggroepen. Alleen dan kunnen ze de druk van verzekeraars nog enigszins weerstaan.

Wat verloren gaat, is wat typisch is voor de eerstelijnspsychologie: niet denken in termen van diagnoses en stoornissen, maar in termen van gezondheid, zelfherstel, actief omgaan met stress, remoralisatie, mensen met serieuze problemen en een duidelijke hulpvraag helpen zichzelf beter te helpen, het helpen verbeteren van verstoorde relaties.

Preventieve hulp
Het succes van de Nederlandse eerstelijnspsychologische zorg is er mede aan te danken dat er geen specialistische diagnostiek en behandeling plaatsvinden. Dat komt doordat deze zorg gericht is op de hulpvraag van mensen die nog geen ernstige psychische stoornis hebben, maar wel lijdensdruk, en nu kortdurend worden geholpen op een gezonder spoor te komen. Het preventieve aandeel van deze hulp was en is groot. De belangstelling voor dit Nederlandse model vanuit landen als België, Duitsland, Engeland, Italië en de VS is groot.

De veranderingen in de ggz, die bedoeld zijn als bezuinigingen, zullen ertoe leiden dat de euro die in de eerstelijn werd uitgegeven, in de zak van de overheid blijft. Maar dat er een eindje verderop 10 euro uitgegeven moet worden om stoornissen te behandelen die kunnen ontstaan omdat preventieve hulp ontbreekt. Tevens kunnen de ziekenhuizen zich het beste maar vast gaan voorbereiden op een toename van de aantallen patiënten met onbegrepen lichamelijk klachten.

Deel dit artikel