Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Pas later werd Sgt. Pepper’s een tijdsicoon

Home

Hans Nauta

Veertig jaar geleden verscheen het vernieuwende meesterwerk ’Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band’. De hoes werd een icoon. Maar het allereerste ontwerp – prachtig, vond Paul McCartney – kwam van de Nederlandse Simon Posthuma en Marijke Kroger.

Al enkele jaren werkt Simon Posthuma aan zijn autobiografie. „Als ik de hele scope overzie kan ik niet anders concluderen dan dat ik in dynamische tijden heb geleefd. En als zo’n periode voorbij was, kwam er altijd weer een vervolg. Dat kwam ook doordat ik dingen weer makkelijk kon doorsnijden, altijd verdergaan.”

Grote gekke tijden. In Los Angeles, waar hij vijftien jaar woonde en een goed leven vol ’leuke meisjes en feestjes’ leefde. Waar hij in een huis tussen Beverly Hills en Hollywood woonde en soms met Igor sprak, de overbuurman die ook op warme dagen dik gekleed ging, een Oost-Europees type met een hoornen bril. „Hij zei dat hij ook in de muziek zat.” Later ontdekte Posthuma dat dat componist Strawinsky was geweest.

In New York waar hij Andy Warhol ontmoette en een wilde nacht had met Jimi Hendrix die hij al kende uit Londen. „Hij zei, ga met mij mee naar huis, dan kunnen we pitten. We kwamen in een kamertje in The Bronx zonder bed. Jimi ging onder de tafel slapen met zijn vriendin, zodat ik met zijn nicht op de bank kon.”

Op Ibiza in 1961, Beatniks-pleisterplaats, waar schrijver-kunstenaar Jan Cremer voor enkele weken bij hem introk. „Jan had niks. Ik had wat geld en kocht schoenen voor hem.”

En in het Londen van de jaren zestig, waar hij in de nabijheid van The Beatles verkeerde.

Steeds was Posthuma op het juiste moment daar waar het gebeurde, en zo kwam hij in de jaren zestig en zeventig in aanraking met de voorlopers in de populaire cultuur.

Posthuma (Zaandam, 1939) wilde schilderen sinds hij zijn neef had geholpen met een doek voor in de kerk. „Een engel en briesende paarden. Ik mocht de lichtveegjes op de hoeven zetten. Een streepje bracht alles tot leven. Het was magie.” Vanaf zijn vijftiende werkte hij in een parfumfabriek en draaide kurken op flesjes tot zijn vingers bloedden. De directeur zag dat hij ’anders’ was en zond hem naar schilderles.

Thuis zat hij tussen twee religieuze tegenpolen in, zijn vader was een gereformeerde politieman, zijn moeder zat bij de pinkstergemeente, en om daaraan te ontsnappen ging hij in militaire dienst. Maar toen hij op kantoor lijsten moest uittypen, liet hij zich na tien minuten van zijn stoel vallen en trok wat met zijn been. „Dat zag er eng uit.” Drie maanden later werd hij afgekeurd. Hij betrok een pand op het Kolkje aan de Zeedijk in Amsterdam, en belandde in de kunstenaarsscene van het Leidseplein.

Op een regenachtige dag in 1964 ontmoette hij daar Marijke Koger, een talentvol illustrator. Via Griekenland, Marokko, Spanje en weer Ibiza kwamen ze in 1966 in Swinging London aan, waar Koger opviel door haar Bob Dylan-posters en haar werk voor het theater van Brian Epstein, manager van The Beatles.

„Op een dag ging de bel en stonden Paul McCartney en John Lennon voor de deur. Ze hadden van ons gehoord.” Binnen waren ze onder de indruk van het kunstwerk ’Wonderwall’, een kleurrijke compositie van een buste op een armoire onder arcaden. „Ik wil er in wonen, zei John.”

Simon en Marijke werden uitgenodigd voor de opnames van ’Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band’ in de Abbey Road Studios en waren erbij toen het aanzwellende orkest uit ’A Day in the Life’ werd opgenomen. Mick Jagger, Keith Richards, Marianne Faithfull en Patti Harrison waren er ook. Posthuma droeg een groen pak en is in een flits te zien op de filmopnames die werden gemaakt. Toen The Beatles ’All you need is love’ speelden voor de eerste wereldwijde satellietuitzending, deden ze dat in de kledingstukken en het decor van Simon en Marijke. Voor het filmproject ’Magical Mystery Tour’ verzorgden Marijke en vriendin Josje Leeger de kleding. Simon en Marijke maakten een wandschildering bij George Harrison thuis en beschilderden de piano van John Lennon, waarop hij daarna ’I Am the Walrus’ componeerde. „The Beatles waren zo productief, je kon het amper bijhouden.”

Volgens de McCartney-biografie ’Many years from now’ was Posthuma in die tijd ’lang, goedgebouwd, met lang donker golvend haar en een Van Dyke-neus. Hij droeg langmouwige zijden blouses, gouden kettingen, rode knielaarzen en een bedrukte Turkse broek, vaak bedekt met een lange rode mantel.’ In de Sunday Times werd hij geciteerd over de spirituele revival die gaande was: ’Mensen zullen hun inner eye moeten ontwikkelen. Ze willen de supreme power leren kennen: love!’ „We hielden ons altijd bezig met een betere wereld”, zegt Posthuma, „maar we wilden natuurlijk ook gewoon een leuke tijd hebben.”

Samen met Leeger en haar latere levenspartner Barry Finch vormen Simon en Marijke het kunstenaarsgezelschap The Fool. „Het klopt niet dat we ons vernoemd hebben naar het Beatles-lied ’The Fool on the Hill’, het was andersom: McCartney was door ons geïnspireerd.” Dat blijkt ook uit McCartney’s biografie: ’Marijke las mijn lotsbestemming in tarotkaarten, ik hield daar niet zo van omdat ik bang was op een dag de dodenkaart te trekken. Vaak trok ze de kaart The Fool. En ik zei dan: Oh dear! maar zij zei, Nee nee nee. The Fool is een hele goede kaart (..) omdat hij de onschuldige is, het kind, het is díe betekenis van fool. Het woord begon me te bevallen, omdat ik door de oppervlakkige betekenis heen ging zien. Ik schreef ’The Fool on the Hill’ vanuit die ervaring met de tarotkaarten.’ Ze hadden wat samen, Marijke en Paul, zegt Posthuma.

Aan gekke dingen deed hij niet mee, zegt Posthuma, maar wel gebruikte hij lsd om in extase te raken, net als magiërs in India („Ik heb nu ook wat in je koffie gedaan”). Als hij op pad ging met George Harrison en zijn vrouw Patti gebruikten ze, „leuke tripjes” waren dat. Op weg naar een feest van Brian Epstein draaide John Lennon ’A Whiter Shade of Pale’ van Procol Harum op de platenspeler in de auto. „We waren allemaal op lsd, ook de chauffeur, die goed reed maar intussen zat te huilen. We verdwaalden en opeens verdrong een groep Japanners zich om de auto heen. Alsof we in een vissenkom zaten.”

Simon en Marijke werd gevraagd de hoes te ontwerpen voor het Pepper-album. Het resultaat was een droomlandschap met bergtoppen, vogels, pauwen, sterren en kometen. Onder het gebladerte zag je The Beatles. McCartney vond het geweldig, fabulous. Maar adviseur en kunsthandelaar Robert Fraser, vond het werk niet tijdloos genoeg. Fraser had een galerie in Soho. „Het is niet jouw plaat en The Beatles willen het”, zei McCartney tegen Fraser, „we doen het gewoon niet op jouw manier”. Maar uiteindelijk werd toch kunstenaar Peter Blake gevraagd de nu zo beroemde collagehoes te maken. Van het ontwerp van The Fool werd alleen de nu erg zeldzame binnenhoes gebruikt bij de eerste oplage.

Posthuma: „We werden naar kantoor geroepen. Ringo Starr en John waren er, maar McCartney, die zo voor het ontwerp had gepleit, was er niet. We kregen te horen dat het niet door ging. In de lift naar beneden vloekte Ringo en zei: ’Wie is die Robert Fraser nou helemaal!’ Ach, weet je, we zaten er niet mee. Het was gewoon een albumhoes, er kwam wel weer een volgende. We wisten echt niet dat het later een icoon werd van die periode.”

The Beatles begonnen een boutique, de Apple-shop. Wilde kleding, beschilderde meubels, alles was te koop, ook de kassa. Simon en Marijke beschilderden de voorgevel van het pand in Baker Street in felle kleuren, zó opvallend dat in het Lagerhuis vragen werden gesteld. „Het was de eerste zogenoemde psychedelische beeldende uiting van een gevoel dat bij veel mensen onder de huid zat. Er was niets in de westerse samenleving dat zo’n uitroep was in een aanmodderende naoorlogse vergrijzende cultuur.” Omdat er geen vergunning was moest het kunstwerk weer worden overgeschilderd.

De winkel was een financiële ramp. In veel boeken over die periode krijgt The Fool de schuld. „Maar 99 procent is onzin. The Beatles zelf waren heel tevreden over ons werk. Die jongens waren geen zakenlieden, het was mismanagement en het was een kick voor ze.”

Het project kostte The Beatles 100.000 pond. „De labels in de kledingstukken maakten ze van vier kleuren geweven zijde, waardoor het kledingstuk vrij duur werd. Lennon vond het prima. Toen de winkel in Baker Street stopte, gaven The Beatles alles gratis weg.”

The Fool liet Londen achter zich omdat platenmaatschappij Mercury ze 100.000 dollar bood om een lp op te nemen in New York. „Ik zei dat we geen instrument bespeelden en niet konden zingen, maar dat gaf niet.”

In 1978 gingen ze uit elkaar. „Marijke woont nu in Californië en schildert er op los.” Maar Posthuma kreeg heimwee toen hij in het Los Angeles County Museum een winterlandschap van Ruysdael zag. „Ik spoedde me naar het toilet om te huilen.” Twee maanden later was hij terug in Amsterdam.

Nooit had hij het gevoel: hier gebeurt iets bijzonders. „Ook niet met het Pepper-album. Pas later wordt het waardevol.” En daarbij, alles is een avontuur. „Ik herinner me hoe ik in 1944 bij mijn vader achterop de fiets zat, de benen in de zijtassen. Hij maakte kaarsen. Wij brachten licht naar de boeren en kregen boter of meel mee terug. Ik herinner me hele einden, langs de Beemster, de Purmer, de Schermer, de Wormer. Dat heeft diepere indruk gemaakt dan Swinging London.”

’A Fool such as I: de lotgevallen van Simon Posthuma’ verschijnt volgend voorjaar bij uitgeverij Nieuw Amsterdam.

Deel dit artikel