Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ouderen zijn in de Kamer de grote afwezigen

Home

BERT VAN DE BRAAK, PARLEMENTAIR HISTORICUS en VERBONDEN AAN HET MONTESQUIEU INSTITUUT

Een eeuw geleden was het veel normaler dat 65-plussers nog zeer actief waren in de Nederlandse politiek.

Wordt ouderdom nog gewaardeerd in de politiek? Niet alleen van alle Nederlanders stijgt de gemiddelde leeftijd en de levensverwachting, ook van politici. Maar in het parlement is die hogere levensverwachting nog geen factor van betekenis.

De komst van ouderenpartij 50Plus doet vermoeden dat ouderen van boven de pensioenleeftijd meer toegang hebben gekregen tot het Kamerwerk, maar dat is (vooralsnog) niet het geval. Henk Krol is 62 jaar en zijn college Norbert Klein 56. Alleen senator Jan Nagel is een uitzondering met zijn 73 jaar.

Toen in de jaren negentig de eerste ouderenpartijen hun intrede deden, kwamen er wel enkele senioren in het parlement. De bekendste was Martin Batenburg, oprichter van het AOV, die op 76-jarige leeftijd senator werd. In de Tweede Kamer zat namens de Unie55 Bertus Leerkens, die toen met 71 jaar ook de doyen d'age - de oudste - was.

Maar verder treden ouderen treden slechts heel sporadisch toe tot het parlement. Namens het CDA kwam tien jaar geleden Niny van Oerle (67) in de Kamer, waar ze de themacommissie ouderenbeleid leidde.

In een verder verleden waren tachtigplussers in de Kamer niet ongebruikelijk. In 1963 zaten in de Tweede Kamer de katholieke dissident Charles Welter (83), de veteranen Hendrik Tilanus (78) en Pieter Oud (76) en verder oudere leden als Van Dis (77) en Ritmeester (79). In 1961 overleed SGP-voorman Pieter Zandt op bijna 81-jarige leeftijd.

Nog verder terug in de geschiedenis speelde CHU-voorman jonkheer De Savornin Lohman een opvallende rol. Hij bleef tot zijn 83ste lid van de Tweede Kamer, maar was nadien nog een belangrijk adviseur bij kabinetsformaties. In de negentiende eeuw bereikten leden als Lieftinck (82), Van der Schrieck (83) en baron De Bieberstein (84) als Kamerlid een zeer hoge leeftijd.

Het alleroudste zittende Kamerlid ooit was Graaf Van Wassenaer van Starrenburg (88). Of hij als senator nog erg 'actief' was, is overigens niet aannemelijk.

Kamerleden die bij hun aantreden ouder waren dan 65 jaar zijn de afgelopen decennia zeldzaam. Opvallend was dat de LPF drie 65-plussers telde (Ferry Hoogendijk, Jim Janssen van Raaij en Jan van Ruiten). Bij de PvdA was Wouter Gortzak (67) de laatste 'senior'. Els Borst (D66) was met 66 jaar de oudste lijsttrekker.

Mensen worden steeds ouder en blijven langer actief. In politieke functies zie je dat vrijwel niet terug. Zeker gevestigde politieke partijen ruimen vrijwel geen plek in voor 65-plussers. Laat staan dat iemand die de zeventig is gepasseerd nog aan bod komt.

Dit stuk verscheen eerder als blog op de website van het Montesqieu Instituut, dat onderzoek doet naar parlement en grondwet in Europa.

Deel dit artikel