Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Op zoek naar goede stervenszorg? Vlucht het ziekenhuis uit!

Home

Bert Keizer

© Thinkstock
Column

Dat doorbehandelen in de laatste levensfase is kennelijk iets heel ingewikkelds anders waren er niet zo veel opinies en remedies. We hebben het over situaties waarin de dokter veel te laat zegt 'er moet gestorven worden'.

Alle betrokkenen lijden hieronder want sterven is onder andere een lange glijvlucht omlaag met aan het eind een min of meer zachte landing in het graf. Als je de daling niet op tijd inzet, ontstaat er op het allerlaatst een panieksituatie waarin de stervende onhoudbaar vanaf grote hoogte zonder veel mogelijkheid om nog enigszins tot zichzelf te komen met een dreun in het graf neerstort.

Het regelen van een goed sterfbed is zegenrijke arbeid, die niet alleen iets goeds oplevert voor de stervende, maar ook voor de omstanders. Wie ooit heeft meegemaakt dat een dierbare op liefdevolle wijze aan het eind van haar leven door goede palliatieve zorg werd omringd die weet dat sterven niet per se een rampzalige toestand hoeft te zijn. En wie heeft meegemaakt dat artsen een geliefde pas lieten gaan na veel zinloos medisch geweld, die kan daar lang verdriet aan overhouden en bovendien bang worden voor zijn eigen dood straks.

Hoe komt het nou dat artsen zich dikwijls zo vergalopperen? Het eenvoudigste antwoord is: doodsangst, vooral in de jonge dokter. Niemand wil dood, maar dat niet-dood-willen heeft een andere kleur in veertigers dan in tachtigers. De veertigers die de scepter zwaaien in het ziekenhuis leggen hun doodsangst op aan onder andere de tachtigers voor wie zij zorgen.

Die veertigers staan nog midden in hun leven, hun kinderen zijn de deur nog niet uit, ze willen nog jaren verder, tot bijna elke prijs. Tachtigers willen ook nog jaren leven, maar zijn over het algemeen zeer prijsbewust in deze winkel en vinden al gauw dat het gebodene veel te duur is. Meestal lukt het hen niet dit goed aan te geven in het angstige tumult van een ziekenhuisopname.

Een tweede factor is de verslaving aan diagnostiek. Ziekenhuisartsen zijn graag bereid om urenlang met elkaar te palaveren over de interpretatie van een scan, de betekenis van een biopt of de mogelijke inzet van een medicijn. Maar op een scan of in een biopt of in een farmaceutisch boek vind je geen antwoord op die ene vraag: moeten we nog wel wat doen? Dat antwoord vind je in het hart van de patiënt, of de naasten. Veel artsen vinden dat een angstig gebied waar zij zich niet in wagen.

Een derde factor is het ontbreken van een hoofdbehandelaar in het ziekenhuis. Voor ouderen is dat iets rampzaligs. Neem een doorsnee oudere patiënt. Zij is diabeet is, ze is benauwd, heeft wat doorligplekken, wordt te sterk ontwaterd, er is ook nog wat bloed bij de ontlasting en ze is een beetje verward. Het is heel gewoon als hier achtereenvolgens een internist, een longarts, een cardioloog, een dermatoloog, een nefroloog, een maagdarmleverarts en een psychiater naar komen kijken. Dit leidt er toe dat de bloedsuiker, de longen, het hart, de huid, de nieren, de darmen en de verwardheid allemaal apart behandeld worden zonder dat iemand naar voren stapt en zegt: wij hebben hier niet te maken met longen, hart, huid, nieren, darmen en brabbelpraat, dit is mevrouw Helena Pietersen, uit 1922, bij leven en welzijn moeder van vijf kinderen, jaren gewerkt voor Pro Juventute, een vrouw die naast haar eigen kinderen voor tientallen pleegkinderen een gezin en geld heeft gezocht, sinds drie jaar weduwe van Herman Pietersen, timmerman hier ter stede, uit 1918. Na de dood van haar man heeft zij herhaaldelijk gezegd dat zij zich bij hem wil voegen.

Voorwaar, voorwaar ik zeg u: die in nieren vraagt, die zal in nieren geantwoord worden. In haar ingewanden of op haar scans zult u het nooit kunnen lezen, dat ze gewoon dood wil, onder uw symptomenverzachtende hoede. Vraag het haar maar. En als zij het niet kan zeggen, vraag het dan aan de kinderen, en de door haar geholpen pleegkinderen, ze staan rond haar bed.

Deze arts, die allereerst de moed heeft en vervolgens ook nog eens de macht om de beschadigende deelaandacht van specialisten terzijde te schuiven, die bestaat niet binnen de ziekenhuismuren. Wel daarbuiten, want de huisarts en de verpleeghuisarts maken samen met de patiënt uit of ze zich ooit over de ziekenhuisdrempel gaan begeven. Vooral verpleeghuisartsen zijn erg terughoudend om patiënten naar het ziekenhuis te sturen.

Wij mogen niet wanhopen dus wijs ik graag op de aandacht die het thema nu krijgt als iets positiefs, al lees ik nergens een concreet voorstel om mijn gedroomde hoofdbehandelaar metterdaad het heft in handen te geven. Bedenk bij dit alles dat de hospice-beweging een vernietigende aanklacht is tegen de palliatieve onkunde of onwil binnen het ziekenhuis.

Voor goede stervenszorg is het al tientallen jaren zo dat je daarvoor het ziekenhuis moet zien te ontvluchten. Ik heb nog nooit gehoord dat iemand binnen het ziekenhuis dat als een schandaal ervaart. Maar dat is het wel.

Deel dit artikel