Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Op zijn best als beroepshomo

Home

Afra Botman

Albert Mol, die gisternacht op 87-jarige leeftijd overleed, kon alles maar was vooral bekend vanwege zijn openlijke homoseksualiteit. Tegenwoordig is dat, zacht gezegd, geen taboe meer. Maar Mol schreef televisiegeschiedenis toen hij in 1969 in het Groot Uur U tegen Koos Postema (die er naar vroeg, ook al zo'n doorbraak) zei: ,Ja, maar zeg het maar tegen niemand''.

Behalve beroepsnicht, was Mol ook acteur (onder meer in de films Fanfare (1958), en in de verfilming van zijn eigen boeken 'Wat Zien Ik'-de man met het schortje en de plumeau-en 'Haar van Boven'.) In zijn jeugd was hij danser en choreograaf, later ook schrijver en schilder. Hij was op alle terreinen getalenteerd, maar het grote publiek kent hem vooral van zijn hinniklachende verschijning in Wie van de Drie. Freek de Jonge zei ooit over Albert Mol: ,,Bij zijn definitieve afscheid zou je drie kisten op het toneel kunnen zetten. Om vervolgens een panel bestaande uit Kees Brusse, Martine Bijl en Joop Braakhekke onder leiding van Herman Emmink te laten raden in welke kist de echte Albert Mol ligt.''

Mol werd vooral getypecast naar zijn geaardheid. Het kwam zijn carrière niet ten goede. Hij was 'Malle Appie', die hoorde in de hoek van het cabaret, musical en tv-amusement. Terwijl zijn hartewens was om eens een keer gevraagd te worden voor een goede rol in een serieus toneelstuk. Hij was dan ook intens tevreden met zijn geprezen rol in de Arjen Ederveen-film 'Fout in '45' (uit 1996). Mol speelt daarin de tandenloze oude moeder van een moffenhoer -,,Het mooiste wat me ooit is overkomen''. Al op zijn 17de meldde hij zich bij de Amsterdamse Toneelschool. Ambitieus als hij was had hij zelfs zijn tanden laten trekken: iemand met lelijke tanden nemen ze niet aan, was hem verteld. Het kunstgebit, dat hem later de bijnaam 'Albert Kukident Mol' (copyright Gerrit Komrij) bezorgde, zat hem soms letterlijk dwars. Mol werd na de afwijzing danser en trok door Europa. Toen zijn jeugdvriend Wim Sonneveld begon met een eigen theatershow, zat Mol daarbij. Hij speelde twaalf jaar bij Sonneveld, en twaalf jaar bij Wim Kan.

Albert Mol werd geboren op 3 januari 1917 in het tehuis voor gevallen vrouwen in Amsterdam. Zelf zei hij onlangs over zijn geboortejaar: ,,Een paar maanden nadat ik was geboren brak de Russische revolutie uit. En nu is dat allemaal weer voorbij'. Zijn moeder was ongehuwd. Zijn jeugd was voor een deel katholiek: buren zorgden voor een opleiding op een rooms internaat. De bühne trok en hij ging als danser Europa in. Een nacht met een Parijse prostituee leerde hem dat 'hij niet voor de vrouwen' was. Hij kwam terecht in het stiekeme leven en in de stegen waar de Amsterdamse homoscene zich in de vooroorlogse jaren afspeelde. Hij toonde altijd begrip voor homo's die niet in staat zijn hun geaardheid openlijk te tonen: ,,Zelf heb ik het geluk gehad om me te kunnen permitteren om te zijn wie ik was'', zei hij in 1996 Gaykrant (waar hij de laatste jaren columnist was). Overigens kwam Mol tijdelijk terug op zijn geaardheid toen hij verliefd werd op danscollega Lucy Bor, de moeder van zijn dochter Kika. Het huwelijk hield geen stand, hun vriendschap wel.

Mol had het niet zo op de demonstratieve homoscene. Hij leefde teruggetrokken op een boerderij in de Achterhoek. Over manifestaties als Roze Zaterdag zei hij in de Gaykrant: ,,De hele heteroseksuele gemeenschap is er allang mee klaar. En wij drammen maar door. Wat moet er nou nog meer? Alles is er toch: hotels, bars, sauna's, openheid op televisie.'' In het homohuwelijk zag hij aanvankelijk niets-hij zag zichzelf niet in een witte smoking het jawoord geven. In 1998 trouwde hij toch, met zijn vriend Guerdon Bill-in een zwart pak. Hij beschouwde Bill als de redder van zijn leven: ooit ving de grote Amerikaan een kogel op, afgevuurd op een Amsterdams feestje, die richting Albert Mol dreigde te gaan. In 1978 stopte Mol met zijn heftige drankgebruik en gesteund door Bill stond hij sindsdien droog. In die tijd werd hij volgeling van Bhagwan. In de jaren negentig werkte Mol als dramatherapeut in instellingen voor onder meer verslaafden.

Over zijn laatste jaren zei hij in 2000 in 'De Tien Geboden' in deze krant: ,,Ik vind het vervelend dat ik niet meer in mijn bikini op strand kan lopen. Dat zal ik tot mijn dood vervelend blijven vinden. Maar het is heus niet zo dat ik daar de hele dag mee bezig ben. Ik hou er niet van om publiekelijk over mijn ongemak te klagen. Ik ben niet alleen. Ik heb een lieve vriend die goed voor mij zorgt. Ik loop nog heen en weer en maak nog ruzie. Af en toe komen er lieve vrienden op bezoek en ik ben nog altijd goed voor een leuk telefoongesprek. Het is de nazit van een geweldig feest.''

Guerdon Bill overleed vorig jaar, Mol was toen al ziek. Albert Mol wordt zaterdag gecremeerd in Dieren. Bij de 'cremette', zoals hij het zelf noemde, zullen veel bekende gezichten aanwezig zijn: Mol had veel vrienden in de showbusiness, het theater en bij de televisie. Zij hebben hem de laatste maanden verzorgd.

Deel dit artikel