Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Op weg naar Het Grote Gebeuren dacht ik na over al het kleine gebeuren

Home

Rob Schouten

Rob Schouten. © Maartje Geels
Column

Afgelopen zaterdag reisde ik van Amsterdam naar Groningen met de trein, een tocht van ongeveer twee uur, genoeg om over het leven en zijn raadsels na te denken.

Ik was op weg naar Het Grote Gebeuren, het avontuurlijke, naar Belcampo's befaamde werk vernoemde literatuurfestival in Groningen, waar ik iets zou gaan voorlezen. Ik was in het soort alien-stemming waarin alles anders blijkt te zijn dan je denkt.

Lees verder na de advertentie

Het begon eigenlijk al eerder. Om mijn ov-chipkaart, een ding dat ik niet vaak gebruik, op te laden had ik op internet dertig euro saldo gekocht, maar bij de toegangspoortjes naar de perrons aangekomen, bleek de onthutsende werkelijkheid: "Uw saldo is te laag om met de NS te reizen." Ik had geen tijd om er lang over na te denken en kocht bij een zuil nog eens tien euro, waarna ik welkom was. Enigszins gehaast stapte ik in, eigenlijk nog voor de laatste passagier was uitgestapt. "Kunt u de mensen niet rustig laten uitstappen", bromde de conducteur. Hij had gelijk.

Ik ben slecht in icoontjes die zeggen wat ik moet doen. Hoe kreeg ik die deur op slot?

Omdat ik inmiddels geen zin meer had in een gesprek met medemensen, ging ik op een solitair stoeltje zitten en begon, net als de rest van de wereld, op mijn mobieltje te turen. Daar las ik een e-mailtje waarin stond dat ik die dertig euro bij een ov-automaat op mijn kaart had moeten laden. Inderdaad, hoe kun je denken dat dertig euro vanzelf op je ov-chipkaart terechtkomt? Alles klonk tot nu toe logisch, ik was degene die het niet begreep.

Co Westerik - Snijden aan Gras, 1966.

Een wonder van vernuft

Heel vroeger hingen er mooie zwart-witfoto's van Nederland aan de treinwanden, later opgevolgd door werkjes van bekende kunstenaars, zoals 'Snijden aan gras' van Co Westerik, dat op verzoek van reizigers was weggehaald omdat ze in de trein geen narigheid wilden. De trein hoort een plaats van rust te zijn. Niettemin dacht ik aan de trein in Taiwan die uit de bocht was gevlogen en even later aan de Chinese bus die door een handgemeen met de bestuurder in de Yangtze was gestort. Dat zijn slechte reisgedachten, ik diende aan de regels 'de bus rijdt als een kamer door de nacht' van Vasalis te denken, gezellig, knus; het was weliswaar een trein en overdag, maar goed...

Het stoeltje waarop ik zat bleek op een geheimzinnige wijze verbonden met een ander stoeltje achter mij, telkens als de reiziger daarop bewoog bewoog ik mee, het was eigenlijk een soort wip, veel intiemer kan een eenzaat in de trein het niet krijgen. Meewiegend met mijn onbekende stoelgenoot keek ik naar de luchtroosters boven mijn hoofd, vreemde vormen, wat moesten ze verbeelden? Zweetplekken? Continenten? De NS wisten hoe je passagiers moest bezighouden. Even later moest ik naar de wc, vroeger het oord waar je je uitwerpselen via een gat op het spoor kon deponeren, tegenwoordig een wonder van vernuft. Ik ben slecht in icoontjes die zeggen wat je moet doen of waar je bent. Hoe kreeg ik de deur op slot? Een gedienstige jongeman hielp me en ik voelde me bejaard.

We denderden voort, tot we op station Groningen arriveerden, waar sinds de laatste keer dat ik er uitstapte niets veranderd was. Het Peerd van Ome Loeks stond er nog en Freek en Hella waren allang uit het Groninger Museum opgestapt. Op naar Het Grote Gebeuren!

Eerdere columns van Rob Schouten leest u op trouw.nl/robschouten.

Lees ook:

Superrobots jagen mij grote angst aan

Mijn favoriete toekomstangst is niet de opwarming van de aarde, het uiteenvallen van de democratie of de derde wereldoorlog, maar de robotisering, schrijft Rob Schouten. 

Deel dit artikel

Ik ben slecht in icoontjes die zeggen wat ik moet doen. Hoe kreeg ik die deur op slot?