Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Op Oudjaar presenteert beeldend kunstenaar Marc Mulders zijn interpretatie van het bijbelboek Openbaring. "Iedereen heeft het over Apokalyps, dus ik dacht: dan diep ik die ouwe tekst op en illustreer haar." Mulders vertelt het 'hele verhaal', van verteren

Home

ANDREA BOSMAN EN LODEWIJK DROS

Alweer een glossy. Nu eens niet om een historisch personage te pimpen of een bekende Nederlander te fêteren, vol leuke weetjes en vlotte teksten, maar een tijdschrift met de volledige tekst van het bijbelboek Openbaring van Johannes erin. 'Apokalyps' gaat hij heten. De tekst is afgedrukt op nieuw werk van Marc Mulders, de Tilburgse schilder, glazenier en fotograaf, dat hij speciaal voor deze uitgave maakte. Volgende week verschijnt het in een oplage van 10.000 stuks.

Een bijzondere glossy, van kaft tot kaft gevuld met soms onheilspellend dichtbij gefotografeerde flora en fauna: een wegterende paddestoel, de fijnmazige nerven van een herfstblad, een diepzwarte naaktslak. Maar ook: bloemen, gescheurde irisblaadjes, een voluptueuze papegaaitulp, soms in combinatie met collages van oude iconen, krantenknipsels, reclamefoto's. En hieroverheen ¿ nu eens groot, dan weer klein ¿ afgedrukt de tekst van Openbaring van Johannes.

De glossy is een 'pilot', zegt Mulders, een voorproefje dat hij met grafisch ontwerper Marc Koppe maakte. Eerder illustreerde hij met collega's van de Tilburgse School, een kunstenaarscollectief, Erasmus' 'Lof der Zotheid'. "Maar voordat we aan de Bijbel konden beginnen, viel de club uiteen. Als een schoolbandje dat ophoudt te bestaan. Ik dacht toen: laat ik het maar doen, te beginnen met 'Apokalyps'."

En 'Apokalyps' klinkt vertrouwd in het werk van Mulders (1958); vijf jaar geleden voltooide hij een glas-in-loodraam in het Utrechtse Catharijneconvent onder de titel 'Apocalypse'.

"Spreken over schilderijen is onbegonnen werk, en beledigend bovendien; onbegonnen werk omdat er aan een schilderij niets valt toe te voegen; beledigend omdat de spreker met elk woord afbreuk lijkt te willen doen aan de soevereiniteit van het beeld." Het citaat is van hoogleraar letterkunde Jaap Goedegebuure, het gaat over het werk van Marc Mulders en staat in een aan hem gewijd boekje uit 1993.

De kunstenaar legt het boekje op tafel in zijn woonkeuken in de prachtig opgeknapte boerderij die hij sinds enkele jaren bewoont. De voormalige stal, die driekwart van de boerderij uitmaakt, is atelier met uitzicht over het land van Landgoed Baest bij Oostelbeers. Op een ezel staat werk in wording, een manshoog doek waarop Mulders' nieuwe stijl te zien is. Zachte kleuren, minder bloemmotieven, althans: minder herkenbaar dan het werk waarmee hij roem verwierf ¿ piëta's, aquarellen, collages met rozen, papegaaitulpen, citaten uit de christelijke iconografie en krantenberichten.

Mulders licht het toe, zonder ook maar een zweem van de schroom die Goedegebuure had om over zijn werk te praten. "Mijn schilderkunst beleeft na al die jaren eindelijk een verandering. Sinds afgelopen zomer. Tot die tijd schilderde ik veel bloemen, nu is mijn werk veel abstracter aan het worden. Wat je hier ziet is meer een tuinbloemenweidewaterkantenwereld. Etherisch, nevelig, contemplatief.

Mijn werk was neo-impressionistisch, figuratief. Je zag dat ook in 'De Tuin', het raam voor koningin Beatrix in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. In 'Apocalypse' in het Catharijneconvent zitten beelden van het kwaad, je ziet er politieke gebeurtenissen zoals de aanslagen in Londen en Madrid in terug, een knipsel uit Die Zeit: 'Die neue Reiter der Apokalyps'. Nu neem ik meer afstand van die letterlijkheid."

Toch is het nog steeds de actualiteit die bij Mulders voor een inspiratielawine zorgt. In één adem somt hij ze op: de Mayakalender die het eind van der wereld voorspelt op 21 december 2012, Geert Wilders die volgens Bart Jan Spruyt apocalyptisch onheilspellende ideeën rondstrooit, Zwarte Maandag, modderstromen, weerdemonen op een Belgisch popfestival, de klimaatcrisis. "En steeds viel weer het A-woord. Ik dacht: als we het steeds over Apokalyps hebben, laten we dan die ouwe tekst eens opdiepen. Zodat ook jongeren die bij hun ouders de film 'Apocalypse Now', hebben gezien, of Prince en Blondie erover hebben horen zingen, die tekst kunnen lezen."

Een fragment dat in het 'Apocalypse'-raam in het trappenhuis van het Catharijneconvent opvalt, een Christusfiguur ingeklemd tussen twee konijnen, is ook terechtgekomen in het beeldverhaal in de glossy. De tekst van Openbaring die Mulders ermee verlucht, gaat over een verleidster die ontucht bedrijft. De collage toont het ontblote onderlichaam van een vrouw, ze klemt een flesje Tom Ford-parfum tussen haar benen. Een 'shockerend' beeld, deze advertentie, vindt Mulders. "Al denkt iedereen ermee weg te komen, en vertellen de soaps ons dat het prima is: ik vind overspel niet cool."

Mulders is een onmodieus criticus van facetten van de cultuur. Hij noemt het 'mijn stokpaardje' en hij praat erover zoals Johannes over diens visioenen schrijft: associatief en fel. En boos. Over de dierontererende varkensstallen op het Brabantse platteland. Over de manier waarop mensen met elkaar omgaan, over de normloosheid onder jongeren, maar ook bij hun ouders die de school voor de rechter dagen om hun kind over te laten gaan, de ik-hoef-van-niemand-iets-te-pikken-cultuur.

En ook in zijn eigen domein, het 'decadente' kunstenland, is van alles gaande. "Ik ben als kunstenaar aanvankelijk gedemoniseerd, nadat ik mezelf als katholiek, als christen manifesteerde. Ik mocht wel in het Amsterdamse Stedelijk Museum hangen, maar dan in de categorie 'postmodernisme'. Dat ik een piëta schilderde of iets over Ons Lieve Heer zei, dat was niet de bedoeling. Ik dacht, zei ik toen, dat de beeldende kunst het meest vrije gebied van de maatschappij was in de maatschappij. Dan mag ik toch wel stilstaan bij Maria in een bloemhart? Dat mag dus niet. Een plasseksfoto van Serrano mag wel.

Damian Hirst ook, terwijl hij een schedel aflikt ¿ ingelegd met diamanten, 100 miljoen waard. Dat is een gotspe, het failliet van mijn vakgebied. Het is precies wat Johannes schrijft: 'Zij hielden niet op de demonen te aanbidden en de afgoden van goud, ze bekeerden zich niet van hun ontucht'."

Die afgodendienaars gaan letterlijk in vlammen op. Mulders wijst in zijn keuken naar de open haard, waar makkelijk drie mensen naast elkaar in kunnen staan. "Daarin stookte ik een vuurtje, camera erbij. Ook het wat mindere werk, slechte aquarellen en collages die ik heb gemaakt, die verstookte ik daar. Heb je er nog warmte van ook! Dus nee, die vuurfoto's in het tijdschrift, die zijn niet getruct. Er is geen montage, geen photoshop aan te pas gekomen."

Wat hebben de konijnen en Jezus met de gewraakte parfumreclame te maken? Dan zwijgt Mulders even. "Het is rijmwerk en rebus, dat ga ik niet uitleggen. Kijk ernaar en loop door, of blijf kijken en ontdek zelf nieuwe lagen."

In zijn boek 'Het evangelie volgens Nicolaas Matsier' (2011) beklaagt Matsier zich over de kwaliteit van Openbaring, het laatste bijbelboek. "Het schema is dat van de James Bond-film, met net als bij Bond een sterke nadruk op gadgets ¿ nou ja, bijbelse gadgets dan, het is oude sf immers. Maar waar bij Bond een zekere spanning tot stand komt, afgewisseld door enige relativering, daar holderdeboldert Openbaring maar door. Zweren, rampen, hongersnoden, aardbevingen, het moet bijna onmogelijk heten daar met grotere onaandoenlijkheid en minder plastiek over te schrijven dan de auteur van Openbaring doet."

Toch hebben, tot verbazing van Matsier, door de eeuwen heen schrijvende en schilderende kunstenaars in Openbaring een goudmijn gevonden; Marc Mulders is geen uitzondering.

Aan de tekst uit het eind van de eerste eeuw van onze jaartelling heeft Mulders geen letter veranderd. "Ik werk zoals Dick Matena 'De Avonden' van Gerard Reve als strip heeft geïllustreerd."

Maar Matena had het daarbij vrij makkelijk, met een overzichtelijk, modern verhaal. Mulders zag zich geconfronteerd met een oeroude, hermetische tekst (hij heeft gekozen voor de Willibrordvertaling) die om veel meer fantasie van de illustrator vraagt. Ze is, zegt Mulders zelf, 'surrealistisch'.

Voor hem is Apokalyps bij uitstek geschikt om te 'bezweren', om het kwaad te verbeelden en te beteugelen. Dat doet Mulders niet meer met ingeburgerde beelden als van 9/11, de vliegtuigen die de Twin Towers binnenvliegen. Die zijn inmiddels bijna een cliché van het kwaad geworden. En sinds hij niet meer in de stad woont, kiest hij zijn beelden ook niet meer zo ver weg. Deze krantenpagina's weerspiegelen Mulders' nieuwe beeldtaal. De tweelingtorens en de vliegtuigen van Mohammed Atta zijn grotendeels ingeruild voor objecten die Mulders vanuit zijn atelier ziet. Hij hoeft er alleen maar zijn staldeuren voor open te zetten.

Paddestoelen en een slak.

Een paddestoel als metafoor voor het verval, daar kun je je in dit jaargetijde iets bij voorstellen. Maar die naaktslak?

"De slak is het donkere, een angstaanjagend wezen als je hem uitvergroot. Kijk maar." Mulders laat een bekende perikoop uit Openbaring 13 lezen, over een 'beest uit de zee' en een veelkoppige draak. Over deze duistere tekst, waarin ook het teken van het beest en het getal 666 figureren, is in de christelijke geschiedenis veel gespeculeerd. Het zou de Antichrist zijn. Bij Mulders neemt hij de gedaante aan van de naaktslak. Met zijn paarszwarte glans en een mysterieus gat in zijn lijf ('ik heb het gegoogeld: dat is geen oog maar een opening om te ademen') is hij de dompteur van de duisternis.

Wie het bijbelboek-volgens-Mulders doorbladert, valt op dat de slak en het vuur zo rond de helft verdwijnen. Met opzet, zegt Mulders. Hij ziet in het bijbelboek, anders dan Matsier, namelijk wél een zorgvuldig opgebouwde spanning. "Als je de term 'apocalyptisch' hoort, bedoelen mensen er een doemscenario mee. Dat zie je hier terug: het wordt al donkerder, onheilspellender. Alles wordt slechter, het klimaat, de euro, er komen kometen op ons af.

Maar ik wil het héle verhaal vertellen, de Openbaring van Johannes is een 'duisternis-lichtverhaal', dat hij opschreef om de gelovigen in zijn tijd een hart onder de riem te steken. Helemaal aan het eind vertelt hij dat de hemel op aarde neerdaalt, daar komt het Rembrandteske licht naar beneden, net als in de Coppola-film 'Apocalypse Now,' waar het schone licht de hel van Vietnam bezweert. Halverwege ontstaat in mijn glossy het licht, in een zee van witte bloemen. Het eindigt lieflijk, hoop ik, kijk maar, sereen vallend licht."

Het optimisme dat daaruit spreekt, is geen kwestie van afwachten tot er van gene zijde wordt ingegrepen. Nee, het 'zit in de lucht'. "Mensen willen toch weer genereus, gezellig zijn? Ik kijk zelden tv, maar elke vrijdag zit ik met mijn vrouw Trudy naar 'The Voice of Holland' te kijken, een opbouwend, gul programma. Heel iets anders dan Paul de Leeuw, die maakt afzeiktelevisie. Geen wonder dat hij lage kijkcijfers scoort."

In de Apokalyps staan snoeiharde, zelfs meedogenloze passages. Zoals deze: 'Als iemand hun kwaad wil doen, komt er vuur uit hun mond om hun vijanden te verteren; ja, wie hun kwaad wil doen, moet aldus sterven.'

Mulders beziet die woorden met lichte afkeer. "Ik denk aan terroristen die de waarheid in pacht hebben en zich er nu alvast een weg naartoe moorden." Tussen deze fanatici met maskers op, staat een verstilde jongenskop, uit de Vlaamse Renaissance. "Een sereen, mooi gelaat, gewapend met niets meer dan berusting."

En terwijl de originele Apokalypstekst het over vuur heeft dat uit een mond komt, tovert Mulders' collage er het meest lijdende en kwetsbare uit tevoorschijn: de dode Jezus in de armen van zijn moeder. "Maria ontfermt zich over hem, met de grote smart van een moeder die weent over haar kind.

Dat is kritiek op de tekst, ja. Je moet de andere wang toekeren, dat is het principe waarmee het in de kerk allemaal begonnen is."

Mulders verbeeldt zo zijn cultuurkritiek, maar hij spaart ook zijn eigen traditie niet. Mulders stapte, met zijn echtgenote, begin 2009 de rooms-katholieke kerk uit. Die had een geëxcommuniceerde bisschop die de Holocaust ontkende, gerehabiliteerd en, in Nederland, homo's bij de communie de hostie onthouden. "Hoe kan het toch dat de kerk niet liefdevol is jegens homoseksuelen? En naar Joden?"

Met zijn glossy geeft Mulders 'de klaagzang' die Apocalyps is, een melodie. Het is een refrein in het gesprek met Mulders: dat bijbelboek is muziek. Toen hij begon met het lezen ervan, schoten hem meteen ¿ nee, niet beelden, maar melodieën te binnen. De filmmuziek van 'Apocalypse Now' van The Doors ('The End'), maar ook de rapmuziek van Snoopdog en Icecube, die in de jaren tachtig door zijn atelier schalde. "Je hoort hoe zij de misère in hun omgeving bezingen, de ellende in de getto's, ze zetten er een beat onder en dat maakt hun boodschap sterk, melodisch en opzwepend. Zo bezweren ze hun ellende. Ja, Apokalyps is voor mij een rap."

Apokalyps is gemaakt door Marc Mulders en Marc Koppe en verschijnt op 14 januari (ISBN 978 90 211 4314 9, € 6,95)

Bestellen via www.uitgeverijmeinema.nl

Deel dit artikel