Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ook nu en dan sporten is gezond

Home

© anp
Weekend warriors

Je vijf keer per week in het zweet werken? Dat is voor veel mensen niet haalbaar. Maar zo erg is dat niet, ontdekten Britse onderzoekers. Een of twee keer per week is prima.

Goed nieuws voor mensen met gezonde voornemens en een drukke agenda: u hoeft niet elke dag te sporten om fit te blijven. Wie zo nu en dan in actie komt, is ook gezond bezig, blijkt uit een Britse studie. Dat geldt zelfs voor degene die zijn inspanningen uitstelt tot het weekend en zich dan stevig in het zweet werkt.

De Wereldgezondheidsorganisatie adviseert om iedere week minstens 150 minuten flink te bewegen, of 75 minuten intensief te sporten. Liefst gespreid over de week. Ook in Nederland schrijft de norm gezond bewegen voor dat iedere volwassene vijf keer per week een half uur actief is. Een stevige wandeling of een fietstocht.

Maar in de praktijk lukt dat niet iedereen. Ongeveer de helft van de Nederlanders voldoet aan die norm. En dat is dan nog volgens eigen opgave. Veel mensen zijn geneigd hun activiteit te overschatten. Het is de vraag hoeveel er werkelijk die norm van vijf keer een half uur halen.

Dat hoeft ook niet echt, schrijven Britse gezondheidswetenschappers in het artsenblad Journal of the American Medical Association (Jama). Ze volgden jarenlang een grote groep Engelse en Schotse veertigplussers en vergeleken de sterftecijfers onder de inactieven met die van de matige bewegers en de voorbeeldige sporters. Speciale aandacht hadden ze voor de groep die ze de 'weekend warriors' noemden, de 'krijgers', die al hun energie opspaarden voor het weekend, maar dan ook flink tekeer gingen. Met bootcampen bijvoorbeeld, de populaire, bijna militaristische trainingen in de buitenlucht.

Lees verder na de advertentie

Als je maar sport

De uitkomst was opmerkelijk. Het maakt volgens de onderzoekers eigenlijk niet uit hoeveel je sport. Als je maar sport. Vergeleken met de deelnemers aan het onderzoek die niets aan beweging deden, boekten de matige en de voorbeeldige sporters vergelijkbare gezondheidswinst. Bij allen was het overlijdensrisico ongeveer dertig procent lager. Er zat hooguit één of twee procent verschil in, met de weekendkrijgers tussen de matige en de normsporters in.

Dat komt ook wel door de opzet van het onderzoek, reageert Stef Kremers, hoogleraar preventie van obesitas aan de Universiteit Maastricht. "Ze hebben niet gemeten hoeveel de deelnemers aan beweging deden, ze hebben het gevraagd. Vooral mensen die niet zo met dit onderwerp bezig zijn, overschatten hun activiteit. En dat geeft niet alleen een foutenmarge, de groepen vloeien ook in elkaar over."

Niettemin, erkent hij: het is een grote onderzoeksgroep, meer dan zestigduizend deelnemers, en dat maakt de uitkomst weer wat robuuster. En het is in lijn met eerdere studies. De onderzoekers haalden hun deelnemers uit een grote Britse gezondheidsstudie waarin mensen jarenlang worden gevolgd. In twintig jaar tijd waren bijna negenduizend mensen overleden en met al hun data konden de onderzoekers de verschillen tussen de categorieën onderscheiden.

Ze hebben niet gemeten hoeveel de deelnemers aan beweging deden, ze hebben het gevraagd.

Stef Kremers, hoogleraar preventie van obesitas

Oorzaak en gevolg

Waarbij ze zelf enkele problemen constateren. Negentig procent van de deelnemers was blank; ze weten dus niet hoe de verschillen in activiteit uitpakken bij andere rassen. Bovendien weten ze niet precies wat iedereen buiten het sporten om doet. Ze hebben wel gevraagd naar het beroep maar niet naar het aantal uren dat iemand zit. Dat is een belangrijke factor, merkt de commentator van de Jama op. Zeker bij mensen die meer dan acht uur per dag zitten, is het van belang dat ze zoveel mogelijk bewegen.

Ten slotte: het is een epidemiologische studie en dan blijft het lastig oorzaak en gevolg te onderscheiden. Wellicht hebben de Britten aangetoond dat ongezonde mensen minder vaak sporten. "Dikke kans dat sommige mensen aan het begin van de studie al een beetje ziekig waren", zegt Kremers. "Die zitten niet zo lekker in hun vel en sporten daarom ook minder. De onderzoekers hebben geprobeerd daarvoor te corrigeren, maar dat effect krijg je er nooit helemaal uit."

Niettemin zegt ook Kremers: "Iets is beter dan niets. Voor veel mensen is die norm van 150 minuten per week te hoog gegrepen. En dat tekort hoef je ook niet in het weekend met bootcampen te compenseren. De ervaring leert dat mensen dat niet lang weten vol te houden. Ze kunnen zich beter iets voornemen dat te doen blijft."

Je kunt je beter iets voornemen dat te doen blijft.

Stef Kremers

Deel dit artikel

Ze hebben niet gemeten hoeveel de deelnemers aan beweging deden, ze hebben het gevraagd.

Stef Kremers, hoogleraar preventie van obesitas

Je kunt je beter iets voornemen dat te doen blijft.

Stef Kremers