Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ook De Bruin buigt voor IAAF

Home

ROB VELTHUIS

AMSTERDAM - Slechts weinig dopingverdachten ontsnappen aan de toorn van de internationale atletiekfederatie. Hoe lang en slopend de beroepsprocedures vaak ook zijn, de atleet trekt aan het kortste einde. Eind vorig jaar moest Harry 'Butch' Reynolds dat ervaren, vorige maand volgde Katrin Krabbe en gisteren boog uiteindelijk ook Erik de Bruin voor de IAAF. Hij werd vier jaar geschorst.

Reynolds en Krabbe waren het middelpunt van de twee meest geruchtmakende dopingaffaires waarin de IAAF met tegengas werd geconfronteerd. Evenals Erik de Bruin wezen deze twee wereldsterren op procedurefouten tijdens de dopingcontrole waarin ze positief werden bevonden en kregen gelijk van de burgerrechter. Reynolds, de wereldrecordhouder op de 400 meter kreeg in december 1992 door een rechtspreker in Columbus (Ohio) zelfs een schadevergoeding van 27,4 miljoen dollar toegewezen. De IAAF, die het niet eens de moeite had gevonden om een vertegenwoordiger naar de zitting te zenden, zette in november vorig jaar - Reynolds had zijn schorsing inmiddels uitgezeten - de zaken voor het Amerikaanse hooggerechtshof naar haar hand.

Voormalig tweevoudig wereldkampioene Krabbe heeft een nog gecompliceerder weg afgelegd om onder schorsing uit te komen. Dat deed ze met vooral Nederlandse steun succesvol voor wat betreft de aantijging doping, maar vervolgens gooide de IAAF de deur alsnog voor twee jaar in het slot wegens 'onsportief gedrag'. De rechter in München bepaalde vorige maand dat de uitsluiting onrechtmatig is. De IAAF is daar tegen in beroep gegaan, zodat Krabbe's schorsing (tot 23 augustus van dit jaar) verlopen is als de strijd in de rechtszaal (om schadevergoeding) nog in volle gang is.

Onder invloed van een toenemend aantal dreigende schadeclaims is de IAAF zich de laatste jaren steeds zorgvuldiger gaan indekken tegen vormfouten en blunders in haar dopingcontroles. Vermoedelijk daarom kon Erik de Bruin enkele juridische triomfen boeken, die achteraf als Pyrrusoverwinningen kunnen worden beschouwd. De Nederlander werd op 1 augustus 1993 in Keulen betrapt op een verstoorde verhouding testosteron/epitestosteron en het zwangerschapshormoon HCG. Onlangs verklaarde controleur Donike dat ook het gebruik van het anabole steroïde stanozolol was geconstateerd. Stanozolol is het middel waarop de Canadese sprinter Ben Johnson na zijn Olympische triomf in Seoul werd betrapt. De discuswerper heeft altijd ontkend dat hij zich van illegale middelen zou hebben bediend.

De Bruin werd voor vier jaar van wedstrijden uitgesloten, maar de voormalige vice-wereldkampioen vocht die straf aan. De kantonrechter noemde zijn schorsing onrechtmatig, waarna de tuchtcommissie van de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie hem in november 1993 vrijsprak omdat niet onomstotelijk kon worden bewezen dat de discuswerper zich van ongeoorloofde middelen had bediend. Afgelopen vrijdag oordeelde het arbitragepanel van de IAAF dat De Bruin onvoldoende bewijs had aangevoerd om “enige gerechtelijke twijfel” op te roepen over de door Manfred Donike uitgevoerde dopingtesten.

Zorgvuldig

Het is een uitspraak die door velen reeds veel eerder werd verwacht. Maar de IAAF nam haar tijd om tot een zorgvuldig oordeel te komen. Het was voor het eerst dat de IAAF toestond dat de 'verdachte' hangende het onderzoek in wedstrijden uit mocht komen. Veel heeft De Bruin daar niet aan gehad. Hij kwam in die lange periode slechts een keer in de discusring, vorig jaar juni in Hengelo voor een ondermaats worpje van 45 meter. Een blessure vergalde het 'plezier', hij stortte zich vooral op het begeleiden van zijn Ierse vriendin Michelle Smith, een topzwemster. Het was voor de zo gedreven atleet te moeilijk om zich op zijn eigen sport te concentreren, zo verklaarde hij gisteren. “De afgelopen anderhalf jaar was die motivatie er niet meer. Je kunt dan wel hard trainen maar als je voortdurend moet denken aan het feit dat je misschien wel eens niet zou mogen meedoen, is de motivatie snel weg.”

De IAAF houdt star vast aan de eigen regelgeving en procedures. Ze zegt ongegeneerd zich niets aan te trekken van de normale rechtsgang in de vele lidstaten. Toen de IAAF in de zaak Reynolds uiteindelijk gelijk kreeg, noemde IAAF-voorzitter Primo Nebiolo dat 'een erkenning van de uniforme, wereldwijde rechtspraak' van zijn federatie. Kennelijk erkende de advocaat van De Bruin, mr. Wilfred Veldstra, dat pas toen de zaak verloren was. “Waar de tuchtcommissie van de KNAU volgens de gebruikelijke procesregels te werk is gegaan, blijkt het voor de IAAF-arbiters mogelijk op basis van de IAAF-reglementen af te wijken van de regels van een strikte bewijsvoering”, zei hij gisteren. “Bovendien behoefde men geen argumenten te geven voor de uitspraak. Hiermee is eens te meer bewezen dat het een bureaucratische benadering is, die kennelijk groter wordt naarmate het bestuurlijk niveau hoger komt te liggen.”

Erik de Bruin, die gisteren nogmaals bezwoor zich nooit aan doping schuldig te hebben gemaakt, zal zich niet verder verweren tegen de uitspraak, gezien de hoge kosten die dat met zich mee zou brengen. “Ik was beroepsatleet, maar vanaf vandaag is dat passé. Hier sta ik machteloos tegen.”

Wel beraden De Bruin en Veldstra zich op stappen tegen de KNAU, die volgens hen de atleet op geen enkele wijze heeft gesteund. “De omschrijving teleurstelling is te zwak”, aldus de zichtbaar geëmotioneerde De Bruin. “Dat zit veel dieper.”

Precies een jaar geleden - toen eigenlijk al een definitieve uitspraak van de IAAF werd verwacht - dreigden De Bruin en zijn raadsman al een gerechtelijke procedure te beginnen tegen de KNAU, de IAAF en Manfred Donike. Het is er nooit van gekomen. Gisteren noemde Erik de Bruin Donike, wiens rol in een aantal zaken inderdaad discutabel is, als de man die hem beentje heeft gelicht. “Hij heeft fouten gemaakt in de zaak Gert-Jan Theunisse en hij is in de zaak Krabbe door Nederlanders voor schut gezet. Maar voor het arbitragepanel zegt hij domweg dat hij geen fouten kan maken. Die man heeft een enorme macht en hij heeft een wrok tegen Nederlanders.”

Discuswerpen zal De Bruin nog slechts af en toe puur voor zijn plezier. Hij werd wel een monomaan genoemd, die met zijn beperkte middelen puur op eigen kracht tot de wereldtop doordrong. Op het moment dat hij ging oogsten, kwam vlak voor de wereldkampioenschappen van 1993 in Stuttgart het ontluisterende nieuws. Erik de Bruin, hij zal zich nog vaak verbijten bij het lezen van de wetenschap, dat veel kampioenen gebruiken zonder dat zij daarbij betrapt worden.

Deel dit artikel