Onverdraaglijk gevoel dat het in Srebrenica anders had gekund

home

Jacobine Geel

Bosnische vrouwen tussen doodskisten in Potocari . © reuters

Het boek van Srebrenica kan en mag niet worden gesloten. Aan de feiten kunnen we niets meer veranderen, maar misschien kunnen we het verdriet iets zachter maken.

Om te kunnen herdenken, is het nodig dat wij ons toegang verschaffen tot wat in het verleden is gebeurd. Dat wij de feiten kennen, maar meer nog, dat die feiten hun weg weten te vinden naar ons hart.

Drie wegen ontsloten voor mij de geschiedenis van de verschrikkingen die zich vanaf 11 juli 1995 hebben afgespeeld in Srebrenica en daarbuiten.

Allereerst de woorden van mevrouw Naida Ribic. Negentien jaar geleden vluchtte zij uit Bosnië naar Nederland. Negentien jaar lang had zij haar best gedaan om alles te vergeten, maar de nacht voor het proces tegen Ratko Mladic had ze niet geslapen. Alles had zij teruggezien, ze had voor haar gevoel honderd stappen teruggezet in de tijd.

Niemand
Dit was wat ze zei: "Op één dag veranderde alles in jouw leven. Je hád een naam, een adres, familie. Maar opeens ben je niemand meer. En alleen. Jij moet je land verlaten, jij moet je huis verlaten. Jij bent niemand meer."

De tweede weg die mij toegang verschafte tot het hart van de geschiedenis was een van de ooggetuigenverslagen in het indrukwekkende herinneringsboek dat Jehanne van Woerkom een paar jaar geleden samenstelde. Iemand met de initialen H.B. vertelt hoe in totale chaos en paniek vaders, moeders, kinderen vluchtten naar de enige veilige plek op dat moment, Potocari, waar - zo was de verwachting - het Dutch battalion van de VN-vredesmacht Unprofor hen zou verdedigen. Maar dat gebeurde niet. In plaats daarvan: moord en deportatie. Het gevolg was een verpletterend gevoel van verraad. "De hele wereld was passief. Ze deden niks om dit te voorkomen. Wij waren zo overvallen en konden niet geloven dat dit alles voor het oog van de wereld gebeurde."

En tenslotte was daar het dit weekend gepresenteerde fotoboek van Claudia Heinermann, 'Enduring Srebrenica'. Een aantal foto's toont de meterslange stellingkasten met, in plastic zakken, de nog niet geïdentificeerde lichaamsdelen van slachtoffers. Van de ongeveer achtduizend mannen die omkwamen wordt ieder jaar van zo'n vijfhonderd de naam, de identiteit vastgesteld. En pas wie een naam heeft, kan begraven worden. De foto die mij naar adem deed happen, was die van rijen en rijen kisten, allemaal afgedekt met een groen kleed. Vele honderden kisten, een niet te tellen maar nog wel te bevatten aantal. Op het totaal echter nog altijd niet meer dan een handjevol.

Gruwelijke drama
Deze drie wegen verschaften mij toegang tot het gruwelijke drama dat zich op 11 juli 1995 heeft afgespeeld en dat de geschiedenis is ingegaan als 'de val van Srebrenica'. Ineens kon ik erom janken. Misschien nog wel het meest om de onmacht, om het niet te verdragen gevoel dat het ook anders had kúnnen gaan.

Onlangs had ik het met iemand over de hartenkreet van Jezus, toen hij ontdekte dat zijn vrienden, aan wie hij had gevraagd om in zijn moeilijkste uur met hem wakker te blijven, in slaap waren gevallen. "Kunnen jullie niet één uur met mij waken?" Een schrijnende vraag, die we misschien moeten omdraaien in een vraag aan elkaar: "Kan ik misschien één uur met jou waken?" Om die reden zijn we hier immers bij elkaar. Aan de feiten kunnen we niets veranderen, maar misschien kunnen we zo wel het verdriet zachter maken.

Het boek van Srebrenica kan niet worden gesloten. We roepen de engel van de herinnering te hulp, om met zijn handen de rotsen van gisteren en morgen uit elkaar te houden, als de randen van een wond die open moet blijven, die nog niet màg genezen.

Tweemaal
Een mens sterft tweemaal, schreef Heere Heeresma, eenmaal als hij overlijdt, de tweede keer wanneer hij wordt vergeten. De eerste dood kon u niet tegenhouden. Uw geliefde, uw kind, uw vader of moeder, uw dierbare naaste is u afgenomen. Tegen deze eerste, zo gewelddadige, zo veel te vroege dood, had u geen verweer. Maar samen kunnen we minstens proberen een drempel op te werpen tegen de tweede dood, die van het vergeten.

Wij noemen hier de namen van de 520 mensen die in het afgelopen jaar weer een naam, een identiteit kregen, wier stoffelijke overschotten eindelijk aan de aarde kunnen worden toevertrouwd. Als een aanklacht waar geen enkele verantwoordelijke zich doof voor zou mogen houden. Wij noemen de namen, om het boek open te houden, en ook om zelf rust te vinden. En om - wie weet - ergens op de puinhopen het begin te vinden van nieuw leven.

Dit is een verkorte weergave van de toespraak die Jacobine Geel vanmiddag houdt tijdens de jaarlijkse Srebrenica-herdenking. De bijeenkomst begint om 15.00 uur op het Plein in Den Haag.

Lees verder na de advertentie
© reuters
© AP
© afp

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie