Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Onbekend, maar niet vergeten

Home

CYRILLE KLAASSEN

Forensisch rechercheurs zoeken naar de verhalen die horen bij 88 naamloze doden

Bel Tess Azar maakt op 5 november 2003, een dag voor zijn verjaardag, in Amsterdam een einde aan zijn leven. De Braziliaan is dan twintig jaar oud. De familie hoorde pas begin deze maand, twaalf jaar later, van zijn dood. Zijn identificatie is te danken aan het werk van het 'team review & cold case' van de Amsterdamse politie. Dit team gaf inmiddels 23 onbekende doden hun naam terug.

Een datum en een lichaam, meer hebben de forensisch rechercheurs om te beginnen niet. "Dan begint het zoeken en speuren naar een verhaal, en uiteindelijk naar een naam", zegt Carina van Leeuwen, die sinds september 2010 samen met Willem Doorn zoekt naar de namen die horen bij de 88 onbekende doden die in ruim dertig jaar zijn begraven in Amsterdam.

Het gaat om 77 mannen en elf vrouwen. Ongeveer de helft is door een misdrijf om het leven gekomen. Van de 23 geïdentificeerde personen heeft er niet één de Nederlandse identiteit.

"In de meeste gevallen gaat het om toeristen, of mensen die door problemen in hun eigen land naar Nederland komen", zegt Van Leeuwen. "Zo zat er een gelukszoeker uit Spanje bij, een bolletjesslikker uit Kameroen en een Pool die zijn familie in Polen achterliet om vervolgens in Nederland voor de trein te springen. Maar we komen niet altijd achter de doodsoorzaak. Soms is er maar een half lichaam over, of is het lichaam in beton gegoten."

Het grootste deel van de tijd is het team bezig met rechercheren. "We spreken met de agenten die het lichaam hebben gevonden, spitten oude dossiers door en struinen het internet af. We hebben contact met Interpol, e-mailen veel met buitenlandse partners en kijken op sites met vermiste personen."

Verder krijgen Van Leeuwen en Doorn bij hun zoektocht hulp van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). 27 lichamen hebben ze de afgelopen jaren opgegraven en herbegraven, om DNA en vingerafdrukken af te nemen en om onderzoek te doen aan de lichamen.

De DNA-profielen worden opgeslagen in de databank vermiste personen. "Helaas is die databank niet gekoppeld aan buitenlandse databanken, maar in een aantal gevallen heeft het wel een match opgeleverd. In de meeste gevallen komen we achter een identiteit doordat wij of iemand anders een foto of verhaal herkent."

Als een lichaam alsnog is geïdentificeerd, neemt het team contact op met de nabestaanden. Zij worstelen vaak jaren met de vraag wat er is gebeurd: zijn hun naasten uit vrije wil van de aardbodem verdwenen om ergens een nieuw bestaan op te bouwen of zijn ze het slachtoffer geworden van een misdrijf?

Zo ook in het geval van Azar. "Zijn familie was opgelucht. Ze hadden al het vermoeden dat hij niet meer leefde, maar kunnen de vermissing na jaren van wachten nu eindelijk achter zich laten. Zijn ouders hebben geen geld om hierheen te komen, of om het lichaam op te laten sturen. In plaats daarvan hopen we dat zijn zus hierheen komt, zodat zij er op zijn verjaardag bij kan zijn. Komende vrijdag zou hij 33 zijn geworden."

Lees verder na de advertentie

Nomen nescio

Sinds 2010 zijn gemeenten verplicht DNA af te nemen van onbekende doden (nomen nescio) die ze begraven, om identificatie achteraf mogelijk te maken. Het Landelijk Bureau Vermiste Personen probeert intussen zo veel mogelijk onbekende doden die zijn begraven tussen 1920 en 2010 op te sporen om ook bij hen DNA af te nemen. In de landelijke databank zitten ruim zevenhonderd profielen van onbekende doden.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie