Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Omdat aanslagen mislukten, moeten historici Bolívar maar door moord laten sterven

Home

Paul Van Der Steen

Vrijheidsstrijder Simón José Antonio de la Santísima Trinidad Bolívar y Palacios (1783-1830). © TRBEELD
DEJA VU

Als president Nicolás Maduro het Venezolaanse volk toespreekt, kijkt Simón Bolívar meestal over zijn schouder mee. Achter de orerende leider hangt dan een portret van de vrijheidsstrijder (1783-1830). Ook na de moordaanslag op Maduro met een drone, afgelopen weekend, ging het zo.

Bolívar regeerde op het toppunt van zijn macht ook grote delen van het huidige Colombia, Panama, Ecuador en Peru. Het land Bolivia werd bij zijn leven al naar hem genoemd, maar nergens is de verering voor hem zo groot als in zijn geboorteland. Dat noemt zich de Bolivaarse Republiek Venezuela en heeft als munteenheid de bolivar (al tijden lijdend onder hyperinflatie).

Lees verder na de advertentie

Onder Maduro's voorganger Hugo Chávez werd de cultus nog groter. Hij benoemde zich tot rechtstreekse erfgenaam van Bolívars gedachtengoed in de hoop dat de mythe ook op hem zou afstralen. Chávez' eigen leer heette voortaan het bolivarisme. Hij liet een nieuw mausoleum voor de vrijheidsstrijder bouwen. De boodschap: Bolívar was revolutionair en eigenlijk ook al een socialist. Ik ben het ook. Wie mij bekritiseert, bekritiseert de grote vader des vaderlands. Opvolger Maduro zet die lijn voort. Het vrijwaarde beide presidenten van verzet vanuit de Venezolaanse samenleving.

In 1828 ontsnapte Bolívar tot twee keer toe aan een aanslag door de oplettendheid en moed van zijn maîtresse Manuela Sáenz

Strijdlust

Bolívar werd aan het begin van de negentiende eeuw zo'n beetje de verpersoonlijking van de Latijns-Amerikaanse vrijheidsstrijd. Hij toonde strijdlust en leiderschap. Hij zwoer niet te rusten voordat zijn continent bevrijd zou zijn van het koloniale juk en liet het niet bij woorden. Bovendien had Bolívar charisma. Hij was het soort held waar de mensen in het tijdperk van de Romantiek dol op waren.

Maar Bolívar maakte ook vijanden. Vanwege de onafhankelijkheid van Spanje die hij nastreefde, maar evengoed vanwege de nietsontziende manier waarop hij - ook intern - optrad tegen tegenstanders. In 1815 werd tijdens een ballingschap op Jamaica al een aanslag op zijn leven gedaan. Bolívar vluchtte daarop naar Haïti, waar hij op betere bescherming kon rekenen.

In 1828 ontsnapte de leider tot twee keer toe aan een aanslag door de oplettendheid en moed van zijn maîtresse Manuela Sáenz. Bolívar had zich dat jaar uitgeroepen tot dictator van Gran Columbia, de door het voorbeeld van de VS geïnspireerde federatie van Latijns-Amerikaanse staten. Regionale leiders maakten er volgens de president een potje van.

De eerste keer wist Sáenz haar minnaar met gespeeld hysterisch gedrag weg te lokken van een feest, omdat ze had gehoord van plannen om Bolívar daar uit de weg te ruimen. Toen de moordenaars ter plekke kwamen, was het beoogde slachtoffer verdwenen.

Zes weken later kwam een groep gewapende vijanden Bolívar thuis opzoeken. Hij wilde terugvechten, hoewel ze met veel meer waren. Sáenz overtuigde hem dat het beter was om te vluchten. Toen ze bij haar op de slaapkamer kwamen, kon ze naar waarheid zeggen dat ze niet wist waar Bolívar was.

Bolívar overleed ruim twee jaar later, al enige tijd teruggetreden, op 17 december 1830, 47 jaar oud. De gevolgen van tuberculose werden hem fataal, is de door de meeste historici en bronnen ondersteunde lezing. Het Venezolaanse regime kan daar slecht mee leven. Hugo Chávez gaf het aanvankelijk in Colombia en pas in 1842 in Caracas herbegraven lichaam van de revolutionair in 2010 tijdelijk vrij voor onderzoek door wetenschappers. Die vonden geen bewijzen voor een vergiftiging. Er werden weliswaar sporen van gevaarlijke stoffen gevonden, onder meer arseen, maar die waren waarschijnlijk het gevolg van medicatie. Arseen werd destijds ook als geneesmiddel voorgeschreven.

Chávez bleef overtuigd van een moordcomplot, verdoezeld door de bourgeoiskrachten en nog altijd door hen onder de pet gehouden. Hij riep op om het mysterie van Bolívars dood te blijven onderzoeken.

Paul van der Steen bekijkt in Déjà Vu wekelijks het nieuws door een historische bril. Lees meer afleveringen op trouw.nl/dejavu.

Deel dit artikel

In 1828 ontsnapte Bolívar tot twee keer toe aan een aanslag door de oplettendheid en moed van zijn maîtresse Manuela Sáenz