Noord-Korea handelt, maar alleen als het zo uitkomt

home

Marjon Op de Woerd

De nieuwe wijk bij het handelscentrum van Dadong is nog leeg. © Zhang Peng, Getty Images
Reportage

De VN-Veiligheidsraad werd het gisteren eens over nieuwe strafmaatregelen tegen Noord-Korea. Ondanks de sancties blijft het land een handelsnatie. Grondstoffen, dwangarbeiders en toeristen steken de Vriendschapsbrug over. Alles onder strakke controle van Pyongyang.

Noord-Korea is ook een staat van handel en nergens is dat meer te zien dan hier, de stad waar naar schatting zo'n zeventig procent van alle goederen de grens passeert

Onder de stalen brug aan de Yalu-rivier klinkt de Chinese opera die 's ochtends vroeg al door de speakers galmt hard en schel. Het is klokslag acht uur als een kolonne zwaarbeladen vrachtwagens langzaam in beweging komt en zich een weg door de muziek bonkt over de enkele rijstrook van China richting Noord-Korea. Zodra de vrachtwagens gevuld met televisies, koelkasten en bakstenen stapvoets de Koreaanse grenspost van het plaatsje Sinuiju naderen, stapt een groepje douaniers in het beeld van de voor 5 yuan gehuurde verrekijker. Controle van de papieren, een arm schiet gestrekt de lucht in: doorgang naar Noord-Korea toegestaan.

In het Chinese Dandong staan we vlak aan de grens van het land dat bekendstaat om kernwapenproeven, militaire marsen, executies van hooggeplaatste functionarissen en massavereringen van 'Briljante Kameraad' Kim Jong-un. Maar, Noord-Korea is ook een staat van handel en nergens is dat meer te zien dan hier, de stad waar naar schatting zo'n zeventig procent van alle goederen de grens passeert. De sancties die Pyongyang na de meest recente nucleaire testen kreeg opgelegd, hebben zeker invloed op die handelsstromen (zie kader) maar verdwenen zijn ze allerminst. En ondanks het isolement van Noord-Korea weet Pyongyang toch vaak de regie te behouden.

Lees verder na de advertentie

Dwangarbeiders

Het zijn de handel, de export van Noord-Koreaanse arbeidskrachten naar China, de exploitatie van Noord-Koreaanse restaurants over de grens en de nog altijd dichte nieuwe brug naar de overkant van de rivier die onderzoekers Christopher Green en Adam Cathcart keer op keer naar Dandong trekken. Green is verbonden aan de Universiteit van Leiden, doet al jaren onderzoek naar de Noord-Koreaanse economie en spreekt bijzonder goed Koreaans. Vanuit de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul werkte hij lange tijd voor een nieuwswebsite over Noord-Korea en sprak daarvoor met veel Noord-Koreaanse informanten. Cathcart doceert aan de Universiteit van Leeds, focust zich voornamelijk op de relatie tussen China en Noord-Korea spreekt Mandarijn. Met beide expertises gebundeld vormen ze een goed team.

Green en Cathcart moeten voorzichtig opereren, gemakkelijk is het doen van onderzoek in een land als China of Noord-Korea niet. Ze observeren, vergelijken wat ze zien met vorige bezoeken, toetsen de analyses van anderen en praten met zo veel mogelijk verschillende mensen. Soms als zichzelf, als wetenschapper. Vaker incognito om dichte deuren te vermijden. Zo speelt Cathcart vaak de rol van 'cellobouwer', een rol die hem goed past gezien zijn voorliefde voor het instrument en zijn uitgebreide kennis van houtsoorten.

Het veldwerk van de twee heren staat deze dagen onder andere in het teken van het zogenoemde 'nieuwe Dandong', een uit de grond gestampte wijk een paar kilometer buiten de oude stad die de handel met Noord-Korea een nieuwe impuls moet geven. Van die impuls is nog weinig te merken, want de Noord-Koreanen weigeren aan hun kant van de brug een aansluitende weg aan te leggen.

Maar er is meer dan de door vrachtwagens zichtbaar wordende handel: mankracht. Met bijna 25 miljoen inwoners heeft het Noord-Koreaanse regime een grote schat aan arbeid die zij overal ter wereld te werk stelt. Dwangarbeiders, werkzaam in de bouw in Polen, in houthakkerskampen in Rusland of in Chinese mijnen, leven in isolement, ver verwijderd van de bewoonde wereld. Veel verdienen ze niet, het meeste geld gaat via een speciale constructie direct de staatskas in. Voor een aantal Noord-Koreanen, vaak die van de betere klasse, is er werk in Noord-Koreaanse restaurants, winkels en hotels in het buitenland. Zo ook in Dandong, en Christopher Green is hier om daar meer over te weten te komen.

Traditionele Koreaanse figuren luisteren deze vers uit de grond gestampte wijk op. © Zhang Peng, Getty Images
Maar er is meer dan de door vrachtwagens zichtbaar wordende handel: mankracht

Vlagvertoon

Noord-Koreaanse arbeiders maken sportschoenen in een tijdelijke fabriek even buiten Dadong. © Reuters

Achter de ruiten van winkels en restaurants aan de splinternieuwe houten promenade in Dandong verschijnt om de zoveel meter de Noord-Koreaanse vlag. Boven de deur van een winkel met Noord-Koreaanse waar en naast de pui van weer een spartaans ingericht restaurant kleurt de zo kenmerkende rode ster de straten van de stad.

Bij het statige en vijf etages tellende Koryo restaurant, iets verderop aan de boulevard, wappert de blauw-rode vlag zelfs pontificaal vanuit de torenhoge vlaggenmast. Onderzoekers Green en Cathcart steken doelbewust de straat over richting de entree van het naar verluidt beste én duurste Noord-Koreaanse restaurant van de stad.

De drie dames aan de receptie in de marmeren hal veren op bij binnenkomst. Karaoke? Dan mogen ze hun weg via een van de brede trappen aan weerszijden van de balie naar boven vervolgen. Dineren? De dames wijzen simultaan naar de enorme balzaal aan de rechterzijde, waar overigens geen mens te bekennen is.

Het is een rustige avond, zegt de jonge vrouw die serveert en tijdens de dagelijkse muzikale optredens in het restaurant ook zangeres is. Als ze lacht toont zich een perfect wit gebit, alles keurig op rij. Rood kleurt haar lippen, haar huid is fijn en egaal.

Ditjes en datjes

Vragen hoe ze heet, dat gaat niet. Vragen waar de Noord-Koreaanse hier in Dandong woont en hoe ze leeft gaat al helemaal niet. "Het kan haar leven in gevaar brengen", zegt Green, die het restaurant de afgelopen jaren al vaker bezocht. "De meisjes die hier werken rapporteren over elkaar. Iedere avond, na een lange werkdag, schrijven ze alles op dat afwijkt van de norm." Overal waar het meisje is, is ook een ander meisje. En overal waar dat meisje is, is weer een ander meisje. Soms op drie meter afstand, soms vier. Veel verder raken ze niet uit elkaars buurt. Als de serveerster lachend Mandarijn of Noord-Koreaans spreekt, spitst de ander de oren. Niets ontgaat haar.

De jonge vrouw vertelt over haar familie, de goede wijk in de hoofdstad Pyongyang waar ze woonde, en hoe erg ze - na twee jaar in China - haar 'fantastische' thuisland en de grote leider mist. "Dit zijn de typische gesprekken die je hier kunt voeren. Ditjes en datjes, verder gaat het niet", zegt Cathcart wat teleurgesteld. "Als wij haar nu vragen waar ze slaapt, kan dat geïnterpreteerd worden alsof wij haar willen bevrijden van de tirannie en een ontsnappingsactie op touw aan het zetten zijn."

Een van de vele Noord-Koreaanse restaurants in Dandong waar rijst en kimchi op de toeristen wachten. © Reuters
Het kan haar leven in gevaar brengen

Macht

Zicht vanuit Dandong op de oude stalen brug over de Yalu naar Noord-Korea. © Frederic J. Brown, AFP

De meeste Noord-Koreanen die naar het buitenland mogen, verblijven daar volgens Cathcart twee tot drie jaar. Dandong is als een lot uit de loterij, meent hij. "Anderen moeten naar Cambodja, zitten ergens ver in Rusland of werkten tot voor kort bijvoorbeeld tegen een miniem salaris in een van de Zuid-Koreaanse fabrieken in het industriële complex van Kaesong."

Hij doelt op het in februari stilgelegde samenwerkingsverband van Zuid-Koreaanse bedrijven die Noord-Koreaanse arbeiders in dienst hadden. "Dit meisje heeft waarschijnlijk een machtige vader die haar aan de grens heeft weten te stationeren."

Binnen de restaurantbranche domineren de vrouwen. Green: "Vroeger ging het om het verdienen van buitenlands geld, nu horen we vaak dat de vrouwen in de bediening nieuwe vaardigheden willen ontwikkelen. Zo kan vloeiend Chinees leren spreken goed van pas komen bij een carrière in de toeristenindustrie, als ze straks weer thuis is in Pyongyang."

Vluchtelingen

Al deze mensen - zij die loyaal genoeg zijn aan het regime dat ze buiten de landsgrenzen mogen wonen, werken of studeren - worden gezien als de zogenoemde 'uitverkorenen'. Toch slaan er geregeld mensen op de vlucht. Het zijn vaak enkelingen, maar afgelopen april was het een hele groep in een keer. Dertien Noord-Koreanen, een mannelijke restaurantmanager en twaalf vrouwelijke medewerkers, vroegen asiel aan in een Zuid-Koreaanse ambassade.

Volgens de Zuid-Koreaanse minister van hereniging moesten de restaurantmedewerkers steeds meer geld afstaan aan de Noord-Koreaanse regering, omdat andere inkomsten van de staat zijn afgenomen door de zware VN-sancties. Pyongyang houdt er een andere lezing op na. De dertien zouden ontvoerd zijn en tegen hun wil in Zuid-Korea worden vastgehouden.

Noord-Korea verdient naar schatting ruim 1 miljard euro per jaar aan dwangarbeiders die in het buitenland werken, maar wat heeft China bij al deze restaurants en arbeiders te winnen?

Een medewerkster staat in de ingang van een Noord-Koreaans restaurant in Dandong. © Hollandse Hoogte
Al deze mensen worden gezien als de zogenoemde 'uit­ver­ko­re­nen'

Voor wat, hoort wat

In de Chinese munteenheid uiteraard, want Noord-Korea wil nu eenmaal graag harde en waardevaste buitenlandse valuta

Terwijl de serveerster nieuwe koude flesjes van de Noord-Koreaanse bierbrouwer Taedonggang op tafel zet, legt Green uit hoe het werkt. "Sommige restaurants zijn volledig in handen van Pyongyang, andere in handen van Peking en weer andere zijn een soort joint venture tussen Chinese zakenlieden en Noord-Korea."

Noord-Koreanen helpen hun Chinese zakenpartners onder andere aan lucratieve handelsrelaties binnen Noord-Korea en in ruil daarvoor krijgen zij een voorkeursbehandeling in China. Ze betalen lage huren of hun schulden worden kwijtgescholden. Vaak betaalt China een centrale figuur, iemand die waarschijnlijk nooit op de restaurantvloer te zien is, een bepaald bedrag. In de Chinese munteenheid uiteraard, want Noord-Korea wil nu eenmaal graag harde en waardevaste buitenlandse valuta. Een percentage daarvan wordt vervolgens naar Pyongyang gestuurd, aldus Green.

Strijkstok

Een van de grootste misverstanden over Noord-Korea is te denken dat Kim Jong-un een alleenheerser is die alles toekomt. Green: "Van al het geld dat richting Pyongyang gaat, nemen allerlei bestuurslagen en bestuurders eerst hun eigen deel. Lang niet alles komt terecht in de kas van de centrale regering." Ook Noord-Korea kent een klevende strijkstok en concurrerende facties.

Overal in Dandong hangen grote posters van de gloednieuwe brug en de uit de grond gestampte moderne wijk even verderop. Het gemeentehuis, een handelscentrum, woningen, scholen, winkels, restaurants, een universiteit én die gloednieuwe brug naar Noord-Korea - het toekomstige centrum van Dandong heeft het allemaal.

Een goede diplomatieke relatie tussen Peking en Pyongyang, toenemende handelsstromen tussen beide landen en een betere toegang tot elkaars havens maken de grensplaats zo interessant dat er gebouwd wordt aan 'nieuw Dandong'. Niet meer een enkele rijstrook en ellenlange files over de 'Vriendschapsbrug' in het centrum van de stad, maar een gloednieuwe vierbaans over de Nieuwe Yalubrug. Green en Cathcart pakken de taxi om zelf te aanschouwen hoe het er in het nieuwe deel van de stad aan toe gaat.

Het nieuwe Dandong © Zhang Peng, Getty Images
Een van de grootste misverstanden over Noord-Korea is te denken dat Kim Jong-un een alleenheerser is die alles toekomt

Het nieuwe Dandong

De chauffeur zet al na een paar minuten rijden zijn auto langs de kant en zegt - wat onzeker lachend - iets als 'bestemming bereikt'. Green en Cathcart kijken om zich heen en schudden hun hoofd. "Dit is het oude Dandong, we willen naar het nieuwe Dandong", zegt Cathcart nogmaals. De chauffeur kijkt ze niet begrijpend aan. Een nieuw Dandong? Hij belt een vriend, overlegt, belt een andere vriend, knikt en start de auto. Na zo'n 15 kilometer rijden langs de Yalu-rivier komt een gloednieuwe tuibrug in zicht: Dandong 2.0.

Als Green en Cathcart het handelscentrum binnenstappen - in de hoop meer te weten te komen over de nieuwe handelszone en de mogelijkheden om als particulier met Noord-Korea zaken te doen - klinkt het knarsende geluid van piepende schoenen over een gladde vloer. Rechts van de enorme maquette van de nieuwe wijk, achter wat planten en een kamerscherm staat een handvol medewerkers rondom een tafeltennistafel. Liu Huaxin, directeur van Dandong New Area en in het gebied verantwoordelijk voor de economische samenwerking tussen China en Noord-Korea legt zijn batje neer en loopt in volledig zwart trainingspak op de heren af.

De China-Noord-Korea Vriendschapsbrug (l) en de Gebroken Brug (r). © AFP
Als Green en Cathcart het handelscentrum binnenstappen klinkt het knarsende geluid van piepende schoenen over een gladde vloer

Cellohout

Veel mensen komen hier nog niet, is af te lezen aan de verbaasde gezichten. Cathcart steekt zijn hand uit en introduceert zich als cellobouwer die op zoek is naar hout. "Noord-Koreaans vuren of -esdoornhout staat bekend als goed en sterk hout, perfect voor de bouw van cello's en violen. Ik wil dat importeren, maar vanuit Pyongyang gaat het nog te langzaam. Hier in Dandong, met jullie connecties, gaat dat misschien beter", aldus Cathcart, die zich goed in zijn rol inleeft.

Hoeveel hout is er op jaarbasis nodig? Waar worden de cello's geassembleerd? Gebeurt dat hier in Dandong? Hoeveel kantoorruimte is er nodig? En hoeveel mensen staan er op de loonlijst? Liu Huaxin stelt vraag na vraag. Hij is geïntrigeerd, ondanks de kleine schaal waar het om gaat. Deze buitenlandse interesse in Dandong zou hem weleens de waardering van zijn bazen kunnen opleveren.

© TR Beeld
Deze buitenlandse interesse in Dandong zou hem weleens de waardering van zijn bazen kunnen opleveren

Werkmannen

Een van de redenen van zijn bezoek aan Dandong is de vermeende aanwezigheid van grote groepen Noord-Ko­re­aan­se arbeiders

Uit zijn zwarte trainingsjack komt een pakje 727's sigaretten tevoorschijn, een merk vernoemd naar de overwinningsdag aan het eind van de Koreaanse Oorlog in 1953. "De favoriete sigaretten van Kim Jong-Un", zegt Liu lachend terwijl hij er een aanbiedt. Direct stelt hij een lunch voor in een nabijgelegen restaurant, met zijn Engelssprekende assistent en zijn rechterhand. "Hij is niet echt gekleed voor lunch buiten de deur", zegt de assistente nog terwijl Liu alweer aan de tafeltennistafel staat.

"Komen er ook weleens Noord-Koreaanse functionarissen hier in Dandong?", vraagt Green vlak voordat het gezelschap de auto instapt. "Nee", zegt de jonge vertaalster, "maar maakt u zich geen zorgen om het hout, wij representeren de Chinese overheid en helpen u met de import. Hoe dan ook, via welke weg dan ook."

Het Japanse restaurant waar Cathcart en Green getrakteerd worden op lunch is dichtbij. Met de schoenen uit, iedereen in kleermakerszit op de grond en de grote lage tafel volop gevuld met drank, sushi en andere Japanse lekkernijen is de sfeer ontspannen. "Op vriendschap", Cathcart houdt zijn glas bier in de lucht en lacht gul. Ganbei, oftewel proost, klinkt het over de tafel.

Green ziet zijn kans schoon. Een van de redenen van zijn bezoek aan Dandong is de vermeende aanwezigheid van grote groepen Noord-Koreaanse arbeiders. Niet de mensen die werken in een restaurant of in een veredelde toeristenwinkel, maar de werkmannen van wie er volgens bronnen zo'n twintigduizend in de grensstad moeten zijn. Ergens in de achterlanden, in kassen of fabrieken.

Veel mogelijk

Het een zeggen, het ander bedoelen. Het een beloven, het ander doen.

Hij begint over zijn denkbeeldige contact in Zuid-Korea, eigenaar van een kledingfabriek die er aan denkt Noord-Koreanen in dienst te nemen. Is het mogelijk om Noord-Koreaanse arbeiders te regelen? De vertaalster kijkt wat verward en schudt haar hoofd. "Nee, dat is illegaal", zegt ze.

Een paar minuten en wat grapjes later, stelt hij nog een keer dezelfde vraag. Nu net anders geformuleerd. Zuid-Koreaans geld, Chinese grond, Noord-Koreaanse arbeid: hoe is dat te regelen?

"Zelfs als het een grote fabriek is en om veel arbeiders gaat, kunnen wij niets doen. Werknemers moeten via de persoonlijke route geregeld worden, via een contact in Korea. De overheid kan dat niet regelen en is niet betrokken", zegt de Chinese ambtenaar - de rechterhand van Liu Huaxin - stellig aan de lunchtafel. "Wij gehoorzamen de Verenigde Naties", voegt de assistente nog toe.

Maar al snel blijkt er meer mogelijk dan deze stelligheid doet vermoeden. Ze willen helpen. Met het importeren van hout, en met het regelen van Noord-Koreaanse werkkrachten. "We kunnen er zeker over praten", drukt de man Green plotseling op het hart.

Het een zeggen, het ander bedoelen. Het een beloven, het ander doen. China en Noord-Korea zijn er heer en meester in. Gaat het nieuwe Dandong echt het oude Dandong vervangen, zoals de overheid wil doen geloven? Gaat de brug uiteindelijk de handel tussen Noord-Korea en China een nieuwe impuls geven, zoals ooit bij de start van de bouw in 2011 de bedoeling was? "Het zal allemaal heel langzaam gaan", geeft de vrouw toe.

Groeimarkt

Het hangt allemaal af van Noord-Korea. Wij horen eigenlijk nooit iets

Er is volop handel, dat is onmiskenbaar. Bedroeg de totale handel tussen de buurlanden in 2000 omgerekend bijna een half miljard euro, in 2014 was dat al ruim zes miljard. Toch zijn er - ook buiten de sancties van de Verenigde Naties om - barstjes ontstaan in de relatie tussen beiden en houdt Noord-Korea altijd de touwtjes strak in handen.

De omgeving rondom het handelscentrum bewijst dat. De nieuwe wijk is nog leeg, de straten stil, de brug nog altijd ongeopend. De volledig voltooide brug zou oorspronkelijk twee jaar geleden opengaan. Toen zou het november 2015 worden. Nu is dat door de Noord-Koreanen voor onbepaalde tijd uitgesteld.

Het begon als een mooie samenwerking tussen de buurlanden. China financierde de brug (naar verluidt gaat het om 350 miljoen Amerikaanse dollars). Het land promoot Dandong als knooppunt voor internationale handel en kan zelf meer en efficiënter exporteren naar Noord-Korea. Noord-Korea heeft een gratis nieuwe brug en kan zijn handelsvolume met China - en mogelijk andere landen - zo vergroten.

Maar niets is minder waar, al twee jaar komt de nieuwe brug uit in een groen Noord-Koreaans veld. Geen asfalt, zand of weg in welke verschijningsvorm dan ook. Slechts ettelijke rijstvelden, verder niets. "We hebben geen idee wanneer de brug opengaat. Het hangt allemaal af van Noord-Korea", zegt de vrolijke vertaalster in de auto terug naar de stad. Waarom het zo lang duurt, weet zij ook niet. "Wij horen eigenlijk nooit iets."

Aantrekken en afstoten

Toch weten ze het gesprek altijd gaande te houden en gooien ze de deur nooit helemaal dicht

Volgens Green en Cathcart kan er van alles aan de hand zijn. Het stuk land waar de brug in uitkomt kan bijvoorbeeld goede landbouwgrond zijn en belangrijk voor de voedselproductie. Of de grond is eigendom van het Noord-Koreaanse leger, oppert Green. Het is al vaker voorgekomen. De Arbeiderspartij en het Koreaanse Volksleger die met elkaar overhoop liggen om een stuk grond. "Als het leger eigendom van dat stuk land is, wil het misschien wel meer geld krijgen van de partij voor het gebruik daarvan. Of ze willen het verkopen, maar de onderhandelingen zijn stukgelopen."

Een ding is zeker, meent Cathcart, het openstellen van de brug en daarmee de stad kan de hele regio transformeren. "Sinijui kan het toneel van een experiment worden, en dat is eng. De weerstand en angst tegen elke vorm van verandering en buitenlandse inmenging zien we terug in de moeilijkheden die er nu spelen rondom de opening van de brug."

Aantrekken en afstoten, dat spel speelt Noord-Korea volgens Cathcart als geen ander. "Soms komen ze gewoon niet opdagen bij vergaderingen over de economische samenwerking in de grensstreek of als de opening van de brug op de agenda staat. Toch weten ze het gesprek altijd gaande te houden en gooien ze de deur nooit helemaal dicht."

Pyongyang pakt altijd wat het kan, op het moment dat het hen uitkomt. Zo laten ze de brug wel bouwen, maar willen ze zelf beslissen wanneer deze in gebruik wordt genomen. "Noord-Korea doet vaak alsof ze het Chinese model willen overnemen, een model waarbij het verbinden van het centrum en de buitengebieden centraal staat. Maar het is allemaal gebakken lucht", aldus Cathcart. De Noord-Koreaanse strategie is er een van controle, ingegeven door een angst voor verandering. Dandong en Sinijui laten dat zien.

Vakantiekiekjes

Tegen de schemering komt de stroom aan vrachtwagens weer in beweging. Terugkerend uit Noord-Korea met een leeg laadruim rijden ze stapvoets over de enkele rijstrook richting huis. De Noord-Koreaanse zakenmannen houden zich op in hun hotel. De toeristen - vooral Chinezen en Zuid-Koreanen - verplaatsen zich naar een van de vele restaurants waar rijst en het traditionele kimchi op hen wachten. Die middag stonden ze waarschijnlijk in een gehuurd Noord-Koreaans kostuum op de boulevard, voor een vakantiekiekje als herinnering. Nu kijken ze naar de Noord-Koreaanse dames, dansend en zingend op een van de traditionele muziekstukken uit het land.

Aan de overkant van de rivier zijn de douanebeambten weg. De vissers die die middag nog in gescheurde en gerafelde kleding aan de kade stonden en de balletmeisjes die in de zon hun plié-oefeningen deden, zijn allemaal naar binnen. En het kleine reuzenrad dat de vrijwel platte Noord-Koreaanse horizon breekt, staat nog altijd stil. De gekleurde verroeste bakjes in precies dezelfde positie als alle voorgaande dagen.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie
Noord-Korea is ook een staat van handel en nergens is dat meer te zien dan hier, de stad waar naar schatting zo'n zeventig procent van alle goederen de grens passeert

Maar er is meer dan de door vrachtwagens zichtbaar wordende handel: mankracht

Het kan haar leven in gevaar brengen

Al deze mensen worden gezien als de zogenoemde 'uit­ver­ko­re­nen'

In de Chinese munteenheid uiteraard, want Noord-Korea wil nu eenmaal graag harde en waardevaste buitenlandse valuta

Een van de grootste misverstanden over Noord-Korea is te denken dat Kim Jong-un een alleenheerser is die alles toekomt

Als Green en Cathcart het handelscentrum binnenstappen klinkt het knarsende geluid van piepende schoenen over een gladde vloer

Deze buitenlandse interesse in Dandong zou hem weleens de waardering van zijn bazen kunnen opleveren

Een van de redenen van zijn bezoek aan Dandong is de vermeende aanwezigheid van grote groepen Noord-Ko­re­aan­se arbeiders

Het een zeggen, het ander bedoelen. Het een beloven, het ander doen.

Het hangt allemaal af van Noord-Korea. Wij horen eigenlijk nooit iets

Toch weten ze het gesprek altijd gaande te houden en gooien ze de deur nooit helemaal dicht