Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nieuwe Vrijmaking brengt vooral ruzie

Home

Pauline Weseman

De vijfde verjaardag van de ’nieuwe Vrijgemaakten’ wordt gekenmerkt door gerommel in alle negen gemeenten van het genootschap, zeggen de leden. Twee gemeenten zijn al gescheurd, elders zwelt de kritiek aan op het ’hiërarchische bewind’.

’Het kan niet anders, of dit genootschap valt uit elkaar”, voorspelt een aangeslagen ambtsdrager van de gereformeerde kerk hersteld van Bergentheim-Bruchterveld. „Hoe is het mogelijk dat er in een jong genootschap met 1500 leden zo’n hiërarchische structuur is gekomen?”

Het kerkgenootschap viert op 20 september dat het zich vijf jaar geleden ’vrijmaakte’ van de vrijgemaakt-gereformeerde kerken.

Tijdens een rondgang door Nederland blijkt dat tientallen leden van deze nieuwe kerk het erover eens zijn: overal zijn conflicten. Veruit de meesten willen anoniem blijven, om ’de eenheid te bewaren’ of ’de situatie niet erger te maken dan die al is’.

Al in de eerste dagen van het minikerkgenootschap waren er klachten over willekeur en hiërarchie, waaraan sommige leden van de synode en kerkenraden zich schuldig zouden maken. In Zwijndrecht escaleerde het. De gemeente wilde ambten instellen, maar de generale synode, het hoogste bestuursorgaan, besloot om deze kerk te stellen onder het gezag van een buurkerk.

Op de site van de Zwijndrechtse gemeente staat de ’strijd’ die te wijten is aan ’willekeur en hiërarchie op de achtergrond’ uitvoerig beschreven.

In september 2006 plaatste de classis (regionaal kerkbestuur) Zwijndrecht buiten het kerkverband. De gemeente ging met 48 zielen zelfstandig verder.

In Bergentheim schaarden ambtsdragers zich achter Zwijndrecht, omdat het kerkelijke recht volgens hen niet had gezegevierd. Die betrokkenheid leidde ertoe dat een minderheid van drie Bergentheimse ambtsdragers in in april acht medeambtsdragers schorste.

Emeritus predikant P. van Gurp – hij loopt tegen de negentig – was als student betrokken bij de Vrijmaking van 1944 (zie inzet) en is voortrekker van de ’Nieuwe Vrijmaking’ in 2003. Hij was een tijd haar enige dominee. Hij noemde de geschorste mannen in Bergentheim ’bemoeials’ en haalde 1 Petrus 4:15 aan: ’Doch dat niemand van u lijde als een doodslager, of dief, of kwaaddoener, of als een, die zich met eens anders doen bemoeit’.

Dat viel bij velen verkeerd, maar zou volgens Van Gurp slechts als waarschuwing zijn bedoeld. In een officiële verklaring van de classis Noord-Oost wordt gesproken van een geest van een ’verfoeilijk independentisme, dat is onafhankelijk willen zijn’.

Officieel is de kerk in Bergentheim nog niet gesplitst, al kerkt men op twee locaties, een groep van 135 leden in Mariënberg, het restant van 180 leden in Hardenberg. De twee groepen dragen dezelfde naam, vanwege de hoop op een goede afloop.

Maar die hoop is fragiel. Een van de geschorste ambtsdragers noemt het kerkverband ’instabiel’. Er zou sprake zijn van ’manipulatie’, van leden die ’weinig zeggenschap’ hebben, van kerkenraden ’niet tegen kritiek kunnen, niet luisteren naar mensen, niet willen uitpraten en zaken verdoezelen’.

Als voorbeeld noemt de kerkelijk werker het wekelijkse kerkblad De Bazuin waarin ’een select clubje’ mag schrijven en dat voor ieder lid verplichte leeskost is.

In de schorsing van de ambstdragers in Bergentheim zouden ook leden van een zusterkerk in Emmen een aandeel hebben. Een verschil van mening daarover blijkt nu de oorzaak voor tweespalt in de Emmense gemeente. Volgens gemeentelid G. Keep is Emmen ’voor het karretje gespannen’ van Bergentheim.

„De kerkenraad van Bergentheim wilde de betrokken ambtsdragers buiten de classis om, en zonder hun kant van het verhaal te horen, schorsen. Omdat een minderheid dit niet mag doen, is de kerkenraad van Emmen bijgesprongen om het binnen één avond te regelen. Dat mag niet volgens de kerkorde.’’

De kerkenraad van Emmen ontkent dit en daarom is het daar nu ook hommeles. Van de zeventig leden hebben vijf gezinnen, ofwel vijftien personen, problemen met het bestuur, vertelt Keep. „Ik sta zelf op het punt weg te gaan. Ik probeer om bij elkaar te komen. Maar de sfeer is verpest, we worden aangekeken alsof we gevaarlijk zijn.’’

In het Groningse Adorp vertrok een paar maanden geleden ook een groepje mensen uit de kerk. Maar volgens scriba Van der Veen is er niets aan de hand: „Scheuringen had je na elke afscheiding.’’

En in Veenendaal is onlangs ook een groepje vertrokken, vanwege een hiërarchiestrijd.

Naast plaatselijk geruzie zijn er méér verontrustende tekenen, vertellen hersteld gereformeerden. Gemeentelid Keep uit Emmen: „Er zit geen groei in ons genootschap. Er komen geen predikanten bij, die zijn op het laatst afgehaakt. Dat geeft ook te denken.”

Keep heeft wel een verklaring: „We moeten oppassen niet sektarisch te worden. Er worden mensen onder de tucht (kerkelijke sanctie, red.) gezet, omdat ze kritische vragen stellen. Leden moeten brieven ondertekenen waarin ze beloven een bepaalde leer aan te hangen en bepaalde uitspraken naar buiten toe te laten. Dat is censuur. Er zijn ambtsdragers die geen tegenspraak dulden.”

Daarnaast proeft Keep onder kerkleiders een ’krampachtige hang’ naar het verleden, naar eerdere afscheidingen en ’achterblijvers’. „Terwijl ik denk: laten we nu eens gaan bouwen. Sneren uit de pan geven, houdt mensen binnen de vrijgemaakt-gereformeerde kerken tegen om zich daaruit los te maken.”

Andere critici spreken van de ’Van Gurpfactor’: een sfeer van ’kerkisme’ en de overtuiging dat iedereen die niet tot de ’ware kerk’– die van Van Gurp – behoort, subiet zou worden afgeschreven.

Keeps respect voor de voormannen van de Vrijmaking, zoals Van Gurp, is weg. Ook een ambstdrager in Bergentheim heeft ’het vertrouwen in mensen opgegeven’. „Het gaat niet om ons gelijk, het gaat mij erom dat je zo niet met mensen omgaat.”

Deel dit artikel