Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Niet langer gaan anonieme doden Johannesburg ongeïdentificeerd het graf in

Home

Niels Posthumus

Forensisch patholoog Candice Hansmeyer (rechts) en onderzoeker Afrika Moloko (links) brengen een lichaam naar de autopsiezaal. © Bram Lammers

Zuid-Afrika begraaft jaarlijks zo'n 4000 doden zonder identiteit, waarschijnlijk vooral immigranten. Een gloednieuwe database moet ervoor gaan zorgen dat zij vanaf nu ook jaren na hun dood nog kunnen worden geïdentificeerd.

De geur van de dood slaat je in het gezicht als je de autopsiezaal van de forensisch pathologische dienst in Johannesburg binnenloopt. Negen lichamen liggen in een bedompte ruimte op ijzeren snijtafels. Hun borstkassen zijn van onder tot boven opengesneden. In de hal buiten liggen nog meer lichamen klaar voor onderzoek. Vier patholoog-anatomen werken met hun assistenten non-stop door, zodat zij samen per dag de doodsoorzaak van zestien lijken kunnen vaststellen.

Lees verder na de advertentie

Hun rapporten gaan naar de politie of rechtbank. Want ze onderzoeken uitsluitend slachtoffers van een onnatuurlijke of onverwachte dood. Veel slag-, steek- en schotwonden, veel verkeersongevallen ook, en wat mensen die plots op straat in elkaar zijn gezakt. De stroom houdt niet op. Het mortuarium staat middenin Hillbrow, een berucht gevaarlijke wijk.

Wennen doet het beeld van opengereten lichamen nooit, de geur ook niet

Trisha-Jean Mohan (26) loopt in blauwe beschermende kleren en witte abattoirlaarzen tussen de lichamen door naar een aangrenzende ruimte. Daar verwijdert ze haar mondkapje. Nee, wennen doet het beeld van opengereten lichamen nooit, geeft ze toe. De geur ook niet. Maar zij is dan ook geen patholoog-anatoom. Ze snijdt niet in lichamen. Mohan is forensisch antropoloog.

Ze wijst op een kapstok met daaraan een setje rafelige kleren. Een bruine zak met een identificatienummer ligt ernaast. "Dat zijn de kleren van de eerste ongeïdentificeerde dode die we in het kader van het 'Vermiste en overleden migranten proefproject' hebben gedocumenteerd", zegt ze. "Ze hangen te drogen. Daarna maken we foto's en bergen we ze op in de zak."

In Zuid-Afrika sterven jaarlijks 42.000 mensen een onnatuurlijke of onverwachte dood. Bij zo'n 4000 van hen kan geen identiteit worden vastgesteld. Een kwart van die anonieme doden komt binnen bij de acht mortuaria rond Johannesburg, waarvan dat in Hillbrow het drukke centrum vormt.

© Bram Lammers

Migranten

"De Zuid-Afrikaanse grenzen zijn poreus en Johannesburg oefent veel aantrekkingskracht uit op migranten", verklaart Candice Hansmeyer het hoge aantal ongeïdentificeerde lichamen. Ze is de leidinggevende forensisch patholoog in Hillbrow. De bijnaam van Johannesburg is niet voor niets Egoli: stad van goud. Vanuit heel Afrika komen mensen er zoeken naar werk. Vaak gaan ze illegaal de grens over. Ze zijn dus in geen enkel Zuid-Afrikaans systeem te vinden. En ze komen regelmatig alleen. Als zij doodgaan, weet niemand wie zij zijn.

"Bij de term 'vluchtelingenproblematiek' denken we tegenwoordig direct aan de migrantenstroom richting Europa", zegt Stephen Fonseca, forensisch coördinator van het Rode Kruis in Afrika. "En bij anonieme doden denken we bijna automatisch aan verdronken asielzoekers in de Middellandse Zee. Maar de vluchtelingenroute richting het zuiden is al veel langer een enorm probleem." De aandacht voor de anonieme slachtoffers daar is volgens hem zo gering, doordat migranten in en op weg naar Zuid-Afrika meestal één voor één sterven. Een grote ramp met een hele bootlading verdronken migranten valt meer op.

Ongeïdentificeerde lichamen eindigden in een anoniem graf

Eenmaal begraven was tot voor kort de kans op identificatie verkeken. "Ook bij ons bleven anonieme doden hoogstens wat langer in de vriezer liggen", zegt Hansmeyer. "In de hoop dat de politie toch nog iemand zou weten te vinden die de identiteit kon vaststellen. Eigenlijk mogen we lichamen maximaal dertig dagen bewaren. Maar dat liep soms op tot negentig dagen. Daarna moeten we de lijken echt begraven. Anders gaan ze zelfs ingevroren te ver ontbinden en vormen ze een bedreiging voor de volksgezondheid."

Deze ongeïdentificeerde lichamen eindigden dan in een anoniem graf. Na vaststelling van de doodsoorzaak werden zij op geen enkele manier meer geregistreerd of gedocumenteerd. Nooit zouden ze weer een naam krijgen. Nooit zouden familieleden of geliefden nog achter hun tragische lot kunnen komen.

Maar dat geldt niet meer voor de nieuw binnen gebrachte anonieme doden in Hillbrow. De drogende kleren in het zaaltje naast de autopsieruimte zijn daarvan het allereerste bewijs. Hun voormalige eigenaar is nummer één in een gloednieuwe database die opsporing en identificatie van anonieme doden tot vele jaren na het overlijden mogelijk moet gaan maken.

Forensisch patholoog Candice Hansmeyer © Bram Lammers

Het idee voor een database van ongeïdentificeerde lichamen kwam van het Rode Kruis. Eerste keus voor de testfase was Hillbrow: een immigrantenwijk bij uitstek. Fonseca begon er mensen te trainen. "We willen eerst kijken of het idee praktisch haalbaar en betaalbaar is", legt hij uit. "We hopen het systeem uiteraard ooit over het hele Afrikaanse continent uit te rollen. Maar onze financiële middelen zijn beperkt. We proberen het daarom eerst op bescheiden schaal uit."

Fonseca stelde een uiterst gedetailleerde database voor. De werkwijze is afgekeken van Interpol, met nauwkeurige foto's van lichaamsdelen, tatoeages en kleding, een radiologische scan en DNA-afname. De verwerking van al die gegevens wordt gestandaardiseerd. Want alleen als forensische diensten, politieorganisaties en op termijn ook buitenlandse instanties exact dezelfde codes aanhouden, werkt het.

Zeven dagen

Als een lichaam binnenkomt in het mortuarium in Hillbrow is het aanvankelijk onbekend of het geïdentificeerd kan worden. Dat maakt ook niet uit. De forensisch pathologische dienst is er in principe puur om de doodsoorzaak vast te stellen. Een röntgenscan is de eerste stap. Daarna gaan de patholoog-anatomen aan het werk. Als de doden na afloop weer zijn dichtgenaaid, gaan ze de vriezer in. Hansmeyer: "Pas als zich na zeven dagen nog niemand heeft gemeld die een lichaam kan identificeren, bestempelen wij een lijk als anoniem."

Door de nieuwe database krijgen achterblijvers de kans jaren later alsnog hun overleden geliefde te traceren

Maar anoniem wil niet zeggen dat niemand die dode mist, benadrukt Fonseca. "Het is goed altijd te beseffen dat ook iemand die in anonimiteit sterft, bijna altijd ergens in de wereld een dochter heeft die hem mist, of een vader die wordt verscheurd door verdriet."

Door de nieuwe database krijgen achterblijvers de kans jaren later alsnog hun overleden geliefde te traceren. Dat brengt diegene natuurlijk niet terug, en de achterblijvers moeten wel weten dat de mogelijkheid in Hillbrow bestaat, maar toch is het winst. Noodzakelijke winst.

"De Zuid-Afrikaanse grondwet stelt dat iedereen recht heeft op een identiteit en een nationaliteit", legt Hansmeyer het belang uit. "Dat geldt ook voor migranten en andere anonieme doden", zegt ze streng. "En voor families is het heel belangrijk om bij een vermissing op een gegeven moment duidelijkheid te krijgen." Haar stem klinkt plots zachter. "Vaak kunnen ze hun verlies pas dan verwerken."

Menselijke botten liggen opgeslagen in het kantoor van antropologe Trisha-Jean Mohan. © Bram Lammers

Mohan loopt terug door de autopsieruimte. Ze gaat een trappetje op, een gang door en opent de deur van haar werkkamer. Direct om de hoek staan vier zakken met skeletten. Daarin is zij als forensisch antropoloog gespecialiseerd. "We krijgen jaarlijks zo'n 25 lichamen binnen die zo ver zijn ontbonden dat alleen de botten nog bruikbaar zijn voor forensisch pathologisch onderzoek", zegt ze. Mensen vinden deze menselijke overblijfselen bijna altijd bij toeval, op dumpplaatsen of in verlaten panden bijvoorbeeld. Skeletten vallen automatisch onder de noemer 'anonieme doden'.

Afgelopen jaar wist Mohan van vijf geraamtes de identiteit te achterhalen. Haar ogen stralen als ze het vertelt. De beschermende kleren uit de autopsieruimte heeft ze uitgetrokken. "Ook bij skeletten gaat het allereerst om het vaststellen van de doodsoorzaak", zegt ze. "Maar het geeft absoluut een goed gevoel als je daarnaast een familie uitsluitsel kunt geven over een vermissing die hen al tijden kwelt." Hoewel dit doodsbericht feitelijk niet positief is natuurlijk. "Maar toch, je geeft de anonieme dode zo op een bepaalde manier wel zijn geschiedenis, zijn vroegere leven, enigszins terug."



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Wennen doet het beeld van opengereten lichamen nooit, de geur ook niet

Ongeïdentificeerde lichamen eindigden in een anoniem graf

Door de nieuwe database krijgen achterblijvers de kans jaren later alsnog hun overleden geliefde te traceren