Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Niet drie, maar tien kerncentrales moest Nederland krijgen

Home

Paul Van der Steen

Het standbeeld van Domela Nieuwenhuis in Amsterdam tijdens de acties tegen Dodewaard. © ANP
Déjà Vu

Van alle sociale bewegingen die in de jaren zeventig en tachtig hun hoogtepunt beleefden was die tegen kernenergie een van de meest actieve. 

Her en der in het land werkten alleen al zo’n driehonderd basisgroepen. Demonstraties en blokkades (‘Dodewaard moet dicht!’) trokken veel actievoerders.

Lees verder na de advertentie

Tegelijkertijd zat het meest progressieve kabinet sinds de Tweede Wereldoorlog, de in 1973 aangetreden coalitie van PvdA, KVP, ARP, D66 en PPR onder leiding van Joop den Uyl, nog op de lijn van uitbreiding van het aantal centrales. Precies zoals satirisch geweten van Nederland Arjen Lubach en VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff (en met hem naar het zich laat aanzien een Kamermeerderheid) vond men de voordelen opwegen tegen de nadelen. De visie van het kabinet-Den Uyl was een uitvloeisel van een in de jaren vijftig vol overtuiging gemaakte keuze. Overheid, industrie en wetenschap werkten eendrachtig samen. In 2000 moest de helft van de energie nucleair worden opgewekt.

Sinds kort waren er twee centrales in gebruik: een in het Gelderse Dodewaard (sinds 1969) en een in het Zeeuwse Borssele (sinds 1973). Ondertussen was ten oosten van Nijmegen over de grens, in Kalkar, een snelle kweekreactor in aanbouw, een gezamenlijk project van Duitsland (aandeel van 70 procent) en België en Nederland (elk 15 procent), waar veel van de anti-kernenergieprotesten zich op richtten.

Oliecrisis

Ondertussen presenteerde de jonge minister Ruud Lubbers (KVP, Economische Zaken) in 1974 plannen voor nog eens drie kerncentrales. Met de oliecrisis nog vers in de gedachten had de bewindsman haast. Liefst binnen twee, uiterlijk binnen vijf jaar moest er worden begonnen met bouwen. De centrales dienden snel bedrijfsklaar te zijn.

Waar aanvankelijk locaties in de dichtbevolkte Randstad zoals Diemen en de Maasvlakte in beeld waren, bleven uiteindelijk de Eemshaven, Urk, het Ketelmeer, de Wieringermeer en Bath/Hoedekenskerke (bij Borssele) over. Maar het protest tegen kernenergie werd alleen maar luider. Generatie na generatie bleef zitten met radioactief afval en met het ongeluk in de centrale in het Amerikaanse Harrisburg werd ook veiligheid meer dan ooit een vraagstuk.

De polderoplossing heette in dit geval Brede Maatschappelijke Discussie (BDM) Kernenergie. Volgens veel anti-kernenergieactivisten was dat een geraffineerde manier om de centrales alsnog bij de Nederlanders door de strot te duwen.

De door Lubbers beoogde kerncentrales kwamen er nooit

Een echt brede discussie werd het inderdaad nooit. Vooral de mensen die al vaker hun stem lieten horen over dit onderwerp en de nodige beroepsquerulanten mengden zich in het debat. De stuurgroep BDM trok na bijna 2000 inspraakavonden, heel veel papierwinkel en miljoenen guldens aan uitgaven in 1983 een stellige eindconclusie: Nederland zei nee tegen verdere kernenergie.

Niet onder de indruk

Lubbers was inmiddels minister-president. Zijn kabinet nam kennis van het eindrapport, maar toonde zich net als in het debat over kernwapens niet erg onder de indruk van de maatschappelijke weerstand. Het besloot dat Nederland er niet drie maar nog tien centrales bij moest krijgen.

26 april 1986 veranderde alles. Toen vond een ernstig ongeluk plaats met een van de kernreactoren in het Oekraïense Tsjernobyl. De bewoners van de toenmalige Sovjet-Unie hoorden er niets over. Pas door de waarnemingen van Zweedse onderzoekers werd duidelijk dat een radioactieve wolk over Europa trok. De nieuwe Nederlandse plannen gingen de ijskast in.

De door Lubbers beoogde kerncentrales kwamen er nooit. Kalkar werd wel afgebouwd, maar kreeg na de ramp met de centrale in Tsjernobyl de vergunning niet rond. In 1991 ging er definitief een streep door het project (kosten: meer dan 4 miljard euro). Een paar jaar later kocht de Nederlandse ondernemer Hennie van der Most het terrein voor slechts 2,5 miljoen euro. Hij toverde het om in het pretpark Kernwasser Wunderland (later: Wunderland Kalkar).

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Lees ook

Kan kernenergie de oplossing zijn?

De VVD pleit voor meer kerncentrales in Nederland. Daar is het milieu pas echt bij gebaat, stelt fractieleider Klaas Dijkhoff. Een goed idee?

Deel dit artikel

De door Lubbers beoogde kerncentrales kwamen er nooit