Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nederlandse troepen naar Grote Meren

Home

Sjoera Dikkers en Roeland Muskens

Minister van Ardenne wil een 'geïntegreerde aanpak' van het Afrikaanse Grote Meren-gebied. Het sturen van Nederlandse militairen zou daar een onderdeel van moeten zijn. Dat is goed voor de regio en past in het Nederlandse beleid.

Omdat het Afrikaanse Grote-Merengebied speerpunt wordt van het Afrika-beleid reisden de ministers De Hoop Scheffer (buitenlandse zaken) en Van Ardenne (ontwikkelingssamenwerking) in augustus samen naar Rwanda, Oeganda en Congo. Volgens hen kan Nederland, omdat het er geen koloniaal verleden heeft, 'katalysator' zijn voor meer Europese betrokkenheid.

Nederland draagt ruim honderd miljoen euro bij aan een regionaal demobilisatieplan. Een welkom initiatief. Maar helaas geven De Hoop Scheffer en Van Ardenne niet wat de regio op dit moment het meest nodig heeft: een betrouwbare 'sterke arm'. Nederland weigert militair bij te dragen aan een vredesmacht in Oost-Congo.

Vrijwel iedereen is het er over eens dat stabiliteit een voorwaarde is voor ontwikkeling. In het Grote-Merengebied is die stabiliteit ver te zoeken. In de afgelopen tien jaar zijn miljoenen mensen afgeslacht en een veelvoud daarvan is gevlucht. In grote delen van het gebied -vooral Oost-Congo- is hulp onmogelijk. Er is geen overheid. Gewapende milities -soms gesteund door de buurlanden Rwanda en Oeganda- hebben het voor het zeggen. Deze landen spelen bovendien een kwalijke rol bij de plundering van grondstoffen.

Op 1 september worden de Europese troepen van de operatie Artemis afgelost door VN-blauwhelmen, voornamelijk uit Bangladesh (van operatie Monuc). Nederland heeft niet aan Artemis of Monuc meegedaan. ,,Wij zijn niet gevraagd'', was de reactie van De Hoop Scheffer. Een beetje flauw, want hij weet ook dat een land pas wordt gevraagd voor dit soort operaties als het eerst heeft aangegeven er voor in te zijn. De reactie suggereert ten onrechte dat een Nederlandse bijdrage niet nodig zou zijn. De VN hebben juist moeite om Monuc op sterkte te krijgen. Volgens Bill Swing, speciale afgezant van Kofi Annan in Congo, zou een Nederlandse militaire bijdrage 'zeer welkom' zijn. Bovendien geven De Hoop Scheffer en Van Ardenne zelf aan dat Monuc op dit moment 'onvoldoende robuust' is. De ministers maken zich vooral zorgen over de onvoldoende luchtsteun voor de grondtroepen. De soldaten uit Bangladesh nemen slechts één helikopter mee die bovendien niet geschikt is om 's nachts te vliegen. ,,Zonder luchtpatrouilles is het wapenembargo dat nu van kracht is in Oost-Congo een lachertje'', verklaarde Van Ardenne. De vraag is dan onmiddellijk waarom Nederland die luchtsteun niet heeft aangeboden. Een squadron Nederlandse F-16 straaljagers zou de taak van de Franse Mirages prima kunnen overnemen. Wij roepen het kabinet op dit alsnog aan te bieden. Na 'Afghanistan' en 'Irak' mogen Nederlandse soldaten wel weer eens ingezet worden voor een missie zonder geopolitieke bijsmaak.

Een reden voor de Nederlandse weigering is, aldus de ministers, dat de omstandigheden in Congo niet voldoen aan het Nederlandse 'toetsingskader'. Het is duidelijk dat militaire aanwezigheid in Congo niet zonder risico is. De Nederlandse voorzichtigheid bij het uitzenden van 'onze jongens' lijkt na 'Srebrenica' echter iets te ver doorgeschoten. De Tweede Kamer zou er goed aan doen de voorwaarden voor uitzending van Nederlandse troepen kritisch te bekijken.

Het mandaat van Monuc is in orde: VN-resolutie 1493 machtigt de blauwhelmen om 'alle noodzakelijke middelen' in te zetten om veiligheid en stabiliteit te waarborgen. Aan voldoende materieel schort het nog en daar ligt een taak voor Nederland.

Van Ardenne zegt dat zij Afrika geheel anders gaat benaderen: een 'geïntegreerde aanpak', noemt zij het. Niet alleen hulp, maar ook politieke druk, diplomatie, en demobilisatie. De militaire component hoort in dit rijtje thuis.

Door ook soldaten en materieel ter beschikking te stellen bekrachtigt Nederland bovendien de voortrekkersrol die wij volgens De Hoop Scheffer en Van Ardenne in de Grote-Merenregio kunnen spelen. Een rol waar wij het van harte mee eens zijn.

Deel dit artikel