Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nederlandse schrijvers mijden maatschappelijk engagement

Home

Rob Schouten, literatuurcriticus en columnist en dichter

Ground zero, drie dagen nadat twee vliegtuigen in de Twin Towers vlogen. © bruno
Opinie

De meeste grote Nederlandse auteurs hebben nadrukkelijk om de aanslagen van 11 september heengeschreven, stelt criticus Rob Schouten. Toch vallen er, met een lantaarntje, wel wat sporen te vinden.

Tien jaar na elf september 2001 is het allang een volvet cliché om te beweren dat de wereld na die datum definitief veranderd is. Dat ze haar onschuld heeft verloren en dat de dingen op scherp zijn gesteld. Maar heeft 9/11 daarmee ook een zichtbaar spoor in onze literatuur achtergelaten?

Grunberg waagde zich er een beetje aan
Het antwoord moet op het eerste gezicht nee luiden. Niemand schreef bij ons een maatgevende 9/11-roman en grote auteurs leken het onderwerp zelfs nadrukkelijk te mijden.

A.F.Th. van der Heijden bijvoorbeeld meldde in 2007 dat hij van plan was een roman over de moord op de Nijmeegse activist Louis Sévèke te schrijven en kwam met een boek, 'Het schervengericht', waarin een heel ander dramatisch Amerikaans nieuwsfeit, uit de allang vervlogen jaren zestig, de Manson-moorden, centraal stond.

Thomas Rosenboom schreef de afgelopen jaren dan weer boeken over een tycoon in Oost-Groningen ('De sterke man') en vreemde verwikkelingen in Oost-Gelderland, 'Zoete mond'. Een van de grootste bestsellers van de afgelopen jaren, Jan Siebelinks 'Knielen op een bed violen', gaat over een bange man in een sekte, ook traumatiserend ja maar wel iets anders.

Alleen voormalig wonderkind Arnon Grunberg, wantrouwig gadegeslagen door veel van zijn collega's, waagde zich er een beetje aan. 'Tirza' kun je met enige moeite een (post) 9/11-roman noemen.

'Allochtone' schrijvers mijden discussie
Ook de Nederlandse auteurs van allochtone afkomst voelden zich niet geroepen. Toevallig was 2001 ook het jaar waarin het boekenweekthema luidde 'Het land van herkomst. Schrijven tussen twee culturen'. In het bijbehorende essay pleitte Hafid Bouazza voor schrijvers die zich, ongeacht hun afkomst, als schrijver en niet als allochtoon manifesteren.

Bijgevolg stond de multiculturele discussie, die in de maatschappij juist op scherp gezet werd, steeds minder op het programma van de 'allochtone' schrijvers.

Opmerkelijk is bijvoorbeeld dat de tegenstelling tussen westerse en islamitische cultuur nog het sterkst verwoord wordt in een boek van een Nederlandse schrijver, Robert Anker: 'Hajar en Daan'. Autochtone leraar wordt verliefd op Marokkaanse leerling. 9/11 zelf bleek zeker geen reden voor een allochtoon extraatje.

Honderden Amerikaanse romans
Het is ook niet zo gek. Per slot van rekeningen speelden de dramatische gebeurtenissen zich niet in ons land af maar in Amerika. Dat is dan ook het land met de meest prominente 9/11-literatuur. Honderden romans waarin de historische gebeurtenissen van 11 september 2001 op een of andere manier een rol speelden rolden daar van de persen.

Een belangrijk deel kwam ook, in vertaling, in Nederland terecht. Boeken als Jonathan Safran Foers 'Extreem luid & ongelooflijk dichtbij', 'De terrorist' van John Updike, 'Vallende man' van Don DeLillo, haalden ook hier de hitlijsten.

Misschien achtten Nederlandse schrijvers zich wel ontslagen van de plicht er ook zoveel aandacht aan te besteden, nu hun Amerikaanse collega's het onderwerp zo nadrukkelijk uitputten.

Niet goed in geëngageerde literatuur
Nederland is trouwens nooit goed in geëngageerde literatuur geweest. Natuurlijk, ons nationale trauma, de Tweede Wereldoorlog heeft het aanzien van een groot deel van de na-oorlogse literatuur bepaald, maar andere ontwikkelingen stonden nooit prominent op het programma.

Geen groot boek over bijvoorbeeld de Molukse treinkapingen in de jaren zeventig, nauwelijks iets over de wereldwijde ontmanteling van het communisme in de jaren negentig.

Een van de weinige Nederlandse schrijvers die zich in het verleden, de jaren zestig, daadwerkelijk politiek engageerde, Harry Mulisch, kreeg indertijd van zijn smalende collega W.F. Hermans te horen: 'Harry Mulisch, die leidt de wereldrevolutie vanaf het balcon van sociëteit De Kring.'

Open brief van Balkenende
Politiek-maatschappelijke betrokkenheid is geen gewaardeerd goedje onder Nederlandse schrijvers. Zo ondergewaardeerd zelfs dat de de vorige minister-president een open brief waagde aan Harry Mulisch: 'Waar, mijnheer Mulisch, is het maatschappelijk engagement gebleven.' Naar die cri de coeur van Balkenende luisterden de Nederlandse literatoren natuurlijk niet.

Vlak na 9/11 bundelden nogal wat critici hun recensies en essays, Arjan Peters in 2002, Jeroen Vullings in 2003, Hans Goedkoop in 2004; het begrip 9/11 valt niet één keer in hun boeken. Dat doet het wel in Thomas Vaessens studie 'De revanche van de roman', ondertitel 'Literatuur, autoriteit en engagement', dat zelfs helemaal opgebouwd lijkt rond het thema.

Maar Vaessens gebruikt 9/11 vooral om te laten zien dat het gedaan is met het postmoderne relativisme van 'anything goes'; 9/11-romans zelf komen er niet echt in ter sprake.

En in het zojuist verschenen 'Vurige tongen' van de Vlaamse essayist Hugo Bousset dient de ondertitel 'Essays over romans na 11 september' alleen om iets in de tijd te markeren, er had net zo goed 9 november kunnen staan.

We houden niet van hysterie
Kortom, het is zoeken met een lantaarntje naar onmiskenbare 9/11 literatuur in Nederland. Zeker, in menig roman van de afgelopen tien jaar ziet de hoofdpersoon, zoals wij allen, op tv de Twin Towers instorten maar hij leeft vervolgens vrolijk verder, onder de bezielende regie van zijn eigen besognes.

Karakteristiek is misschien wel wat Ronald Giphart schreef in zijn dagboek 'Het leukste jaar uit de geschiedenis' van de mensheid, persoonlijke kroniek 2001, de dag na de dramatische gebeurtenissen: 'Nu al, nog maar de volgende dag, voelen sommigen een lichte gêne over de angst die we gisteren nog hadden voor een grootscheepse wereldcrisis. Gisteren werd er hysterie geschreven.'

En hysterie, daar houden wij niet van. En dus werd 9/11 zelf voornamelijk een decorstuk. Ook de collateral damage van 's wereld grootste terreurdaad in recente tijden, de strijd in Afghanistan en Irak, bleek Nederlandse schrijvers niet echt te inspireren.

Het is minstens opmerkelijk dat in de laatste roman van Robert Anker, een schrijver die zich wel degelijk bezighoudt met maatschappelijke ontwikkelingen, de hoofdpersoon zich meldt voor een oorlogsavontuur ergens in Afrika, waar Afghanistan of een ander 9/11 gerelateerde brandhaard allicht meer voor de hand had gelegen.

Wel sporen nagelaten
Toch heeft 9/11 wel degelijk sporen nagelaten in de Nederlandse literatuur, zij het niet direct zichtbaar. Schrijvers die de reality check pleegden kwamen er achter dat de wereld om hen heen inmiddels de neiging vertoonde op universele waarden terug te vallen.

Kwaad was weer kwaad geworden en goed weer goed. Het relativisme en de ironie van de voorafgaande epoche raakten langzamerhand verdacht.

Dat is zeker ook de achtergrond van Arnon Grunbergs roman 'Tirza', waarin hoofdpersoon Jörgen Hofmeister het spoor kwijtraakt in de huidige maatschappij. Is er dan niets heilig meer? vraagt hij zich af, als hij ziet hoe zijn dochters het aanleggen met oudere kerels en allochtonen.

In het vriendje van zijn dochter Tirza ziet hij de 9/11 terrorist Mohammed Atta, en in zijn waan gaat hij zover dat hij het jonge stel vermoordt. Fundamentalisme bestrijden met angst voor verandering, zo zou je het thema van 'Tirza' kunnen omschrijven

Het was trouwens in Grunbergs eerdere post 9/11 roman 'De asielzoeker' (2003) ook al duidelijk dat de relativerende schrijver inmiddels te licht wordt bevonden. De vermoeide protagonist Beck komt niet zomaar weg met zijn bloederige verhaal over een bom in seksclub Yab Yum en wordt door de media even genadeloos als ongenuanceerd aan het kruis genageld.

Esthetische reactie van Verhelst
Een heel ander verhaal vertelt 'Zwerm' van de Vlaming Peter Verhelst, een kaleidoscopische pil die wel degelijk regelrecht geïnspireerd werd door de aanslagen op de Twin Towers van 9/11 en een kort filmpje van kunstcollectief Pleix: een zonovergoten wolkenkrabber spat uit elkaar en stolt tot een nieuwe monoliet.

In 'Zwerm' wordt geen mening of standpunt verkondigd, het is een autonome en esthetische reactie op een immense gebeurtenis; de desintegratie van de torens wordt als het ware weerspiegeld in de desintegratie van de roman, die met zijn chaotische fragmentatie trouwens ook een regelrechte beproeving voor de lezer is.

Eigen fundamentalisme
Weg met de vrijblijvendheid! Dat lijkt ook de grond voor het succes van twee opmerkelijke boeken die op het eerste gezicht met 9/11 niets te maken hebben, 'Knielen op een bed violen' van Jan Siebelink, en 'Dorsvloer vol confetti' van Franca Treur. Beide schrijvers benaderen hun onderwerp, sektarisme en streng protestantisme, van binnenuit en alsof ze de wortels van ons eigen fundamentalisme willen blootleggen.

Niet langer overheerst in dit soort literatuur het afvallige en afkerige perspectief van de schrijver, zoals bij Jan Wolkers en Maarten 't Hart nog het geval was. Met enige overdrijving zou je kunnen zeggen dat in de jongste romans over het zwarte kousen-milieu Nederland de hand in eigen boezem steekt als het gaat om de onwrikbare geloofsbeleving die ook de terroristen van 9/11 inspireerde.

Icoon van het kwaad
Fundamentalisme, maar dan anderssoortig, staat ook op het programma van Charlotte Mutsaers opmerkelijke roman 'Koetsier herfst', waarvan de titel nota bene ontleend is aan een gedicht van Osama Bin Laden.

Dierenactiviste Do gaat door ruiten en roeien als het om haar ideaal gaat. Ze vergelijkt zich zelfs met de door haar bewonderde Osama Bin Laden, wiens uitspraak over de ongelijke maten van de westerse kijk op de wereld haar inspireert: 'Waarom is uw bloed bloed, en het onze water?'

Het juryrapport van de Librisprijs 2009, die ze ervoor kreeg, schrijft onder meer dat Mutsaers ter discussie stelt 'hoe Bin Laden in de nasleep van 9/11 in het Westen zo gemakkelijk tot icoon van het kwaad uitgeroepen kon worden'. Ook hier dus, net als in Tirza, twijfel aan de waarde van de ongenuanceerde westerse reactie op het terrorisme.

Misschien is dat wel de kern van het bescheiden Nederlandse post 9/11-schrijven: laten zien dat het kwaad niet alleen van buiten komt en dat wij zelf ook niet vrij van smetten zijn.

Rob Schouten is literatuurcriticus, columnist en dichter

Lees verder na de advertentie
© ap
© bruno


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Deel dit artikel