Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nederlandse lenzen veroveren wereld

Home

Vincent Dekker

Lege orderboeken, kelderende export, ontslagen: dat is de trend. Maar er zijn bedrijven die bloeien als nooit tevoren. Deel 1 van een serie: lenzenmaker Anteryon innoveert zich een weg uit de crisis.

Wie wil somberen over de economie, kan in Eindhoven terecht. Tussen de bomen langs de Zwaanstraat staan verlaten bedrijfsgebouwen waarvan zelfs de sloop onder de crisis lijdt. Maar schijn kan bedriegen, want op hetzelfde complex draaien in frisser ogende gebouwen de machines van Anteryon op volle toeren.

Anteryon, een vroegere Philipsdochter die in 2006 door Nederlandse geldschieters werd verzelfstandigd, levert lenzen voor tal van hightech apparaten, variërend van professionele barcodescanners tot goedkope mobieltjes. Vorig jaar enkele tienduizenden, dit jaar enkele tientallen miljoenen, volgend jaar als het goed is honderd miljoen of meer.

Anteryon heeft duidelijk geen last van de crisis. Dankzij een bijzondere technologie kan het gewilde producten als mobieltjescamera’s in massaproductie vervaardigen, en zo spotgoedkoop leveren.

„We mogen niet klagen over belangstelling”, meldt topman Gert-Jan Bloks. „Uit alle delen van de wereld komen fabrikanten naar onze lenzen kijken.” Aan de basis van Anteryons succes liggen de lensjes die Philips in 1987 ging maken voor zijn cd-spelers. Die werden voortdurend verbeterd met behulp van een gemengde glas-en-kunststof techniek. Bloks: „Lenzen worden vaak van glas óf kunststof gemaakt, maar wij leveren glazen lensjes waar een kunststof laagje op is aangebracht, min of meer zoals een contactlens op een oog zit. Daardoor kunnen we goedkoop lenzen leveren waarmee je over 200 meter tot een halve millimeter nauwkeurig kunt meten.”

De lenzen van Anteryon zitten in onderdelen voor de nieuwe straaljager JSF en voor chipfabrieken, maar ook in lasersystemen waarmee bomen heel precies in planken worden gezaagd. Het zijn producten waarvan er per jaar niet meer dan een half miljoen worden gemaakt. Want bij grotere aantallen verliest Anteryon op deze markt zijn kostenvoordeel.

Het laatste geldt niet voor iets minder kritische lenzen in webcams, mobieltjes en wat al niet. Dankzij aanvullende technologische doorbraken kan Anteryon die bij miljoenenoplages juist vele malen goedkoper maken dan bijna de voltallige concurrentie.

„De huidige lenzen in camera’s van mobiele telefoons komen veelal uit China, waar ze handmatig onder een microscoop in elkaar worden gezet. Wij produceren lenzen op een manier die lijkt op het maken van chips, met zo’n 4500 lenzen op een glazen schijf, een wafer. Een ploeg van twaalf mensen kan bij ons net zo veel lenzen maken als 1000 tot 1500 mensen in China.”

Anteryons lenzen uit Eindhoven zijn daardoor toch goedkoper dan de Chinese. „Maar misschien nog belangrijker is dat onze lenzen beter tegen hoge temperaturen kunnen, waardoor ze in één productiegang samen met andere onderdelen op een printplaat van een mobiele telefoon kunnen worden gezet. Daar zit voor fabrikanten een enorme besparing. En ten slotte zijn onze lenzen ook nog eens de helft kleiner, wat weer een kleinere printplaat mogelijk maakt.”

De lensjes zijn inderdaad niet groot: een module met twee lensjes is kleiner dan een luciferkop. „Het kan wat ons betreft nog kleiner, wat ze ook nog goedkoper zou maken. Maar de lensjes moeten passen bij de elektronische beeldsensor die er op vastgezet wordt”, aldus Bloks.

Anteryon is niet de enige die lenzen op wafers kan maken. Ook het Finse Heptagon heeft de technologie ontwikkeld. Desondanks is het eveneens Finse Nokia, de grootste mobieltjesfabrikant ter wereld, nu een van de eerste grote klanten van Anteryons nieuwe lenzen. Op aandringen van Nokia werkt het bedrijf samen met Toshiba, dat de beeldsensors maakt.

Bloks: „Nokia wil in nagenoeg alle telefoontjes camera’s hebben, ook in die voor arme landen. Dan mogen die telefoontjes dus geen honderd dollar kosten. Een ’traditionele’ camera in een mobieltje kost alleen al vier tot zes dollar. Nokia wilde een camera – lenzen plus sensor – voor één dollar. Die kunnen Toshiba en wij leveren. De massaproductie daarvan is inmiddels op gang gekomen. Dit jaar denken we er 25 tot 50 miljoen te maken, daarna gaat het omhoog naar 150 tot 250 miljoen per jaar.”

Deel dit artikel