Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Naast elkaar lopen, als gewone vrienden

Home

Harmen van Dijk

© Patrick Post
Opinie

Wanneer zag u voor het laatst twee mannen op straat hand in hand lopen? Of twee vrouwen, die elkaar zoenden - echt zoenden, op de mond? Mensen van hetzelfde geslacht kortom, die in het openbaar affectie tonen. Het kan goed zijn dat het een paar weken geleden is. Ofwel een paar maanden.

Ik ben er misschien meer op gespitst omdat ik homo ben. Voor mij is het alweer een week geleden. En dat terwijl ik in het centrum van Amsterdam woon.

Gek is dat wel, als je ervan uitgaat dat één op de twintig mensen openlijk homoseksueel is. Ik had natuurlijk zelf mijn vriend ook eens een hand kunnen geven. Maar dat doe ik eigenlijk nooit. Ik was me daar nauwelijks van bewust, tot het laatst ter sprake kwam op een feestje met heterovrienden. Een vriendin was geschokt omdat ze gehoord had dat het in Amsterdam steeds riskanter wordt voor homo's om hand in hand over straat te lopen. "Dat doen wij ook nooit", flapte ik eruit. Er viel een stilte. "Echt niet?", vroeg de vriendin voorzichtig. Ze had het nieuws uit de krant blijkbaar niet in verband gebracht met mij en mijn vriend. En er nooit bij stilgestaan dat wij ons buiten de deur anders gedragen dan binnen. Bijna beschaamd zei ze: "Ik denk er niet eens bij na als ik mijn vriend een hand of een kus geef."

Eerst was ik verbaasd dat zij zo verbaasd was. Dat zij - en de andere aanwezigen - dachten dat het met de homo-emancipatie wel zo'n beetje klaar is in Nederland. "Hoe vaak zien jullie dan homo's hand in hand?", vroeg ik ook de gasten op het feestje, enigszins beschuldigend.

Pas later dacht ik: waarom is het ook alweer, dat mijn vriend en ik zelden in het openbaar laten zien dat we een stel zijn? Ik denk daar eigenlijk maar weinig over na.

Het is nu eenmaal zo dat ik me ongemakkelijk voel als we elkaar een kus geven op het station, wanneer we elkaar daar ontmoeten of afscheid nemen. Soms legt hij zijn hand op mijn rug, als we in de stad lopen. Dan vind ik het wel vervelend dat ik meer bezig ben met de omgeving, dan met dat liefdevolle gebaar. Meestal lopen we naast elkaar als gewone vrienden en daar hebben we het nooit over.

Gay games
Ik heb wel eens staan zoenen midden op het Leidseplein, met een nieuwe vlam. Hij vond dat - zei hij later - best een beetje eng. Mij kon het op dat moment niets schelen. Ik was dolverliefd en ik zag de mensen om me heen niet eens. Maar als verliefdheid overgaat in liefde, zie je de wereld om je heen ook weer helder en voel je de ogen van omstanders in je rug prikken. Of je hoort hun opmerkingen.

Die zoen op het Leidseplein was eind jaren negentig. Ik kan niet ontkennen dat de sfeer in de stad toen anders was. Positiever, veiliger. We hadden net de Gay Games achter de rug. In die week verzamelden homo's uit de hele wereld zich in Amsterdam en ik maakte voor het eerst mee hoe het was te leven in een stad waar 'mijn soort' in de meerderheid was. Overal homo's en lesbo's, hand in hand. Zoenend op straat.

Ik weet nog hoe een paar vrouwen uit Zimbabwe - zwemsters, geloof ik - tot tranen toe geroerd waren omdat ze als stel over straat konden. Voor de eerste keer in hun leven - en waarschijnlijk voor het laatst. Een gewichtheffer uit Oekraïne vertelde me, nog een beetje verbluft, hoe hij bij een tramhalte was aangesproken door een keurige mevrouw met haar dochter. "Ik had een medaille om mijn nek. Ze feliciteerden me. En ze zeiden hoe leuk ze het vonden, al die homo's in de stad."

Ik krijg weer kippenvel als ik dit opschrijf. Zelf vond ik het ook ongelooflijk en ontroerend, hoe heel Amsterdam al die homo's verwelkomde. Met vrienden heb ik het er nog vaak over, hoe bijzonder die week was. Hoe trots we waren op de stad en de inwoners. En op het feit dat de misdaadcijfers aanmerkelijk lager waren dan normaal - terwijl er toch een groot evenement aan de gang was.

Minder zichtbaar?
De positieve sfeer van de Gay Games ijlde nog een paar jaar na. Misschien alleen in onze hoofden, maar het hielp. Ook omdat we ons gesteund voelden door al die hetero-Amsterdammers, die zo positief op het evenement hadden gereageerd. Is het sindsdien onveiliger geworden in de stad? Cijfers zeggen van wel. Zijn homo's en lesbo's sindsdien weer minder zichtbaar geworden? Ik heb sterk de indruk.

Een paar jaar geleden hield het COC van Eindhoven een hand-in-hand-actie. Juist om die zichtbaarheid te vergroten. Of we mee wilden doen, vroeg een vriend. Zonder erover na te denken zei ik ja. Ik liep weliswaar nooit meer hand in hand over straat, maar vond wel dat dat in principe mogelijk moest zijn. "Goeie actie", zei ik.

De avond ervoor merkte ik opeens dat ik bloednerveus was. Vreemd, want ik heb er normaal gesproken geen probleem mee om deel te nemen aan een actie . Maar dit voelde anders dan een roze driehoek opspelden of achter een regenboogvlag aan marcheren. Voor deze actie had ik het liefst afgebeld.

Maar dat deed ik niet, want ik wist hoeveel moeite het de organisatoren had gekost genoeg deelnemers te vinden. Iedereen had het te druk. Sommigen zeiden eerlijk dat ze niet durfden.

Afkeurende blikken
De deelnemende stelletjes verzamelden zich in een café aan de markt en gingen een voor een, hand in hand, de stad in. Het rondje door de binnenstad van Eindhoven viel objectief gezien reuze mee. De winkelende mensen waren voornamelijk geamuseerd door het opvallend grote aantal homostelletjes dat ze die zaterdagmiddag tegenkwamen. Een groep pubermeisjes moest heel hard giechelen en een groep jongens had er, buiten gehoorsafstand, van alles over te zeggen. Bij een ouder echtpaar - van top tot teen in beige - meende ik afkeurende blikken te bespeuren.

Maar de hele wandeling, die nog geen twintig minuten duurde, waren onze verstrengelde handen klam van mijn zweet. Nog een rondje? Nee, het is mooi geweest zo. Opgelucht stapte ik het café in. De andere deelnemers druppelden binnen.

Ook meer onder de indruk dan dat ze van tevoren hadden gedacht of wilden toegeven. Een vriendinnenstel vertelde hoe een moeder haar kind angstig naar zich toe had getrokken. "Ze keek alsof we naakt over straat liepen", zeiden ze alsof het een grap was. Maar niemand moest lachen.

Rotopmerking
Deden de anderen dat vaak, hand in hand lopen? Nee, gaven de meesten toe. Terwijl zich hier toch de meest actiebereide homo's en lesbo's van de stad hadden verzameld.

Bang om in elkaar geslagen te worden, was ik niet geweest. Dat ben ik eigenlijk nooit, zo bar is het in Nederland niet.

Bang om uitgescholden te worden? Ook niet. Ik kan goed terugschelden, al zeg ik het zelf.

De mensen die een rotopmerking maken, bieden altijd wel een aanknopingspunt voor een pittig geformuleerd weerwoord: de een is dik, de ander spreekt met een raar accent. Mijn vriend heeft in zijn jonge jaren wel eens iemand op zijn gezicht geslagen, die meende dat hij zijn afkeer van homo's kenbaar moest maken. Met die weerbaarheid zit het wel goed.

De gevoeligheid - of zeg maar gerust: de angst - zit in iets anders: het tonen van affectie in het openbaar. Ik vind het geen probleem zichtbaar te zijn als homo, maar wel om zichtbaar te zijn als homostel. Ik kan het niet verdragen dat iets, wat voor mij het belangrijkste is in mijn leven, door een willekeurige voorbijganger wordt besmeurd. Het voelt alsof iemand bij je over de drempel komt en je huis bevuilt.

Schaamte
Een paar zomers geleden liepen we aan een Spaanse Costa over de boulevard. "Homo's", siste een Nederlandse jongen in het voorbijgaan. Ik hoopte dat mijn vriend het niet had gehoord. Dan kon ik net doen alsof het niet was gebeurd. Dan was die mooie avond niet bedorven. Maar hij had het wel gehoord.

Op zo'n moment word ik overvallen door een gevoel van schaamte. Niet omdat ik homo ben en al helemaal niet voor ons, als stel. Ik schaam me, tegenover mijn vriend, omdat ik deze aanval niet heb kunnen voorkomen. Dat dit blijkbaar hoort bij ons samenzijn. Dat onze liefde zo'n walging oproept.

Om mijn relatie te beschermen, verberg ik 'm vaak voor vreemde blikken. Ik weet, dit draagt niet bij aan de zichtbaarheid van homo's in het straatbeeld. Aan onze emancipatie. Maar ik kan het niet opbrengen. Als ik hand in hand over straat loop, voelt het alsof ik bezig ben met een minidemonstratie, niet met het tonen van affectie. Het wordt een statement tegenover mensen die een hekel hebben aan homo's. En zelfs tegenover mensen die juist heel nadrukkelijk glimlachen, om te laten zien dat ze er he-le-maal geen probleem mee hebben - hoe lief bedoeld ook.

Dus lopen we naast elkaar. Als gewone vrienden.

Reageren
Denkt u er over na als u uw partner op straat een hand of een kus geeft? En ziet u vaak twee mannen of twee vrouwen hand in hand over straat lopen? Stuur uw reactie in 150 woorden naar tijdpost@trouw.nl.

Deel dit artikel