Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Na Praag komt Azië

Home

Huub van Baar

Niemand die in drie woorden uit kan leggen wat 'Europees' is. Als hij al bestaat weet de Europeaan, balancerend tussen opstandigheid en weemoedigheid, vooral wat hij niet wil. Wat verbindt Europeanen? En waarin verschillen we dusdanig dat wij ons binnenshuis - opgelucht - nimmer Europeaan weten? In Praag weten ze het zeker. 'Wij zijn Europees, wij vormen het hart van Europa, al eeuwen lang.' Tomás Král (29) en Jaromír Mrázek (45), vertellen wat hen bindt met Europa. Maandelijks zoekt Trouw wat de Europeanen bij elkaar houdt, en wat onafwendbaar blijft scheiden. Vandaag: op zoek naar de identiteit van de Bohemer.

In het Strahov-klooster achter de Praagse Burcht is een laat-middeleeuwse kaart te zien waarop Europa als vrouw staat afgebeeld. Italië is één van haar armen, Spanje haar hoofd, en Bohemen, met Praag als hoofdstad, haar hart. Tomás Král zegt het keer op keer. Praag is in alle opzichten een Westeuropese stad, met de allure van Parijs of Amsterdam. In alles wat hij over Tsjechië opmerkt, klinkt het verlangen naar een herziening van de kaart van Europa, met Praag aan de westerse zijde. ,,Tsjechië was altijd al West-Europees. Aan het begin van de eeuw hoorde het bij de vier rijkste Europese landen en in de vijftiende eeuw was Praag zelfs de hoofdstad van Europa.''

Tomás Král komt uit een middenklasse-gezin, groeit op in één van de grauwe Praagse buitenwijken, gebouwd onder het communisme. Zijn ouders bezitten een tweekamerflatje. Eén kamer is de woonkamer en doet dienst als ouderlijke slaapkamer; de andere deelt Král tot 1995 met zijn zus. Na het gymnasium studeert hij korte tijd Tsjechisch. Daarna gaat hij als musicus zijn geld verdienen.

Zijn elektrische gitaar zit in 1991 nog in een uit elkaar gevallen koffer, met touwtjes bijeengehouden. Op zijn kamertje oefent hij zonder versterker. Drie jaar later geeft hij concerten, werkt hij voor een westerse platenmaatschappij, onderhandelt in Londen over de produktie van nieuwe albums. De eerste CD, met vijf vrienden gemaakt, brengt hij in 1993 uit. Drie albums volgen.

Sinds 1995 bewoont hij een eigen appartement in Zizkov, achter het centraal station van Praag. Hij werkt aan de bouw van een professionele studio. Om zijn eigen plannen te financieren, maakt hij muziek bij reclamespotjes, vaak voor westerse bedrijven. ,,Ik verdien in D-marken'', zegt hij zonder vertoon van trots.

Jaromír Mrázek werkt sinds 1990 als docent aan de Karelsuniversiteit. ,,In de jaren tachtig heb ik, nadat ik in Praag was gepromoveerd, lange tijd als computerprogrammeur in een provinciestad gewerkt. Aan de universiteit kon ik niet worden aangesteld, omdat ik de Partij niet steunde.'' De laatste tien jaar kan hij het werk doen wat hij altijd ambieerde. De democratisering in Tsjechië is in zijn ogen grotendeels geslaagd. Als voorbeeld noemt hij het meerpartijenstelsel, de min of meer vrije pers en instellingen als de Hoge Raad, de algemene rekenkamer en de vrij gekozen president. En ook de eerbiediging van de mensenrechten is verbeterd.

Maar de laatste jaren stokt het volgens Mrázek in Tsjechië, het land verkeert in een impasse. Hij wijt dat vooral aan de Democratische Burgerpartij van Václav Klaus, de ODS. Klaus (premier van 1992 tot 1998) is nog altijd één van de invloedrijkste Tsjechische politici. In de periode 1990 tot 1992 verichtte hij volgens Mrázek goed werk. ,,Hij introduceerde het meerpartijensysteem en was de architect van de tweedeling van Tsjechoslowakije, en die is, afgezien van de gevolgen voor Slowakije, goed verlopen. Maar vanaf 1993 is Klaus vooral uit op het behouden van politieke macht.''

De regering Klaus komt ten val en na de verkiezingen van 1998 wordt Milos Zeman, leider van de sociaal-democratische CSSD, premier. Deze gooit het op een akkoordje met Klaus, tegenwoordig voorzitter van het parlement, een invloedrijke positie in de Tsjechische politiek. ,,Klaus en Zeman kennen elkaar al van voor 1989. Ze werkten beiden voor het Planbureau van de Praagse Academie van Wetenschappen. Ze respecteren elkaar nog altijd en spelen vaak onder één hoedje'', zegt Mrázek. ,,De ODS en de CSSD hebben als inzet voor de verkiezingen de angst voor terugkeer naar de communistische tijd. Er is eigenlijk geen alternatief: de communisten en de republikeinen hebben xenofobie en rassenhaat als belangrijkste programmapunt.''

Tomás Král vindt Klaus een 'schurk'. ,,Mijn vader stemt op hem, meent dat Klaus zijn belangen behartigt. Maar dat is onzin. Klaus is een soort communist, wil de invloed van kleine partijen beperken met de invoering van een kiesstelsel, waarbij de grootste partij in een district de winnaar in dat district is. Zo kunnen kleine partijen nooit van de grond komen.''

Král moet niets hebben van politiek, ook al heeft hij de revolutie van tien jaar geleden intens beleefd. ,,In november 1989 heb ik op het Wenceslasplein aan de kant van de studenten gevochten en gedemonstreerd. De oproerpolitie reageerde agressief. Ze pakten mensen op, sloegen met knuppels en er was een dode gevallen, ging het verhaal. De beweging was niet meer te stoppen. Iedere dag waren er meer mensen op de been. Probeer het je voor te stellen: meer dan een half miljoen mensen in het Letná-park. Ik heb nog nooit zoveel mensen bij elkaar gezien. En dan al die sleutels. Dat was een magisch gebaar.'' De demonstranten begonnen destijds spontaan, uit protest tegen het communistische regime, met hun sleutelbossen te rammelen. Dat maakte een oorverdovend geluid.

Het protest was vreedzaam, maar dit rechtvaardigt volgens Mrázek niet om van een fluwelen 'revolutie' te spreken. Het woord 'revolutie' suggereert dat de bevolking zelf de omwenteling in gang heeft gezet. ,,Er is vaak gezegd dat het beleid van Gorbatsjov voor de ondergang van het communisme heeft gezorgd. Ik geloof daar niet zo in. De economie was kapot gedraaid, dat gaf vooral de doorslag. Het communisme werkte niet meer, was door en door verrot. Het Poolse Solidariteit kan wel bepalend zijn geweest voor de ondergang van het communisme. Het politieke bewustzijn in Polen had de economische crisis als voedingsbodem. Ik ben opgegroeid in Noord-Bohemen, dichtbij Polen. Daar was de invloed van Solidariteit duidelijk merkbaar. Thuis lazen we de Poolse verzetskrant Tygodnik Mazowsze. Die gaf ons morele steun. Solidariteit wist arbeiders en intellectuelen bij elkaar te brengen in het besef dat we allemaal waren bedrogen: onze regeringen waren geen regeringen voor de arbeidersklasse, maar regeringen die onze belangen veronachtzaamden, welke achtergrond we ook hadden.''

Král vertelt over zijn jeugd onder het communisme. ,,Op school gingen we eens per jaar naar een bos buiten Praag om te oefenen tegen een westerse atoomaanval. We moesten gasmakers opzetten, maar als de leraar niet oplette speelden we verstoppertje en droegen de gasmaskers op ons hoofd in plaats van voor ons gezicht.''

Op ernstige toon gaat hij verder over zijn vader. ,,In 1974 waren we met ons gezin in Oostenrijk. Mijn vader kreeg via z'n werk de kans daar voor een korte tijd naartoe te gaan. Ze zijn stom geweest, we hadden daar moeten blijven. Mijn zus en ik waren te klein om te kunnen beslissen, maar zo'n kans hebben we nooit meer gekregen. We hadden er een nieuw leven kunnen beginnen.''

Aan Králs woorden lees je de frustratie over het communistische verleden af. Hij heeft radicaal alles afgezworen wat ermee verbonden is. In zijn appartement waan je je in een westers huis: de meubels komen van Ikea, en of het nu scheerschuim, shampoo of chocola is, het komt uit het westen. Typerend voor het communisme vindt hij alcoholisme en verheerlijking van de arbeid. Ook klassieke en folkloristische muziek horen daarbij, vandaar dat hij niet van 'serious music' houdt. ,,Vroeger heb ik viool gespeeld, dat hoorde bij een Tsjechische opvoeding.''

Voor de arbeiders in de Oost-Tsjechische industriestad Ostrava heeft hij geen goed woord over. ,,In de communistische ideologie waren de arbeiders de dragers van de maatschappij. In de industriesteden zijn er nog steeds mensen die deze bullshit geloven. Trouwens, eigenlijk is alles ten oosten van Praag Azië. De mensen leven er primitief, ze drinken en verheerlijken het verleden.'' Král windt er geen doekjes om: wat uit het oosten komt, bedreigt de integratie van Tsjechië in West-Europa.

Král heeft ook geen goed woord over voor degenen die in zijn ogen de toetreding tot het Westen in de weg staan. In zijn eigen wijk Zizkov wonen veel allochtonen, vooral uit Slowakije, Bulgarije, Rusland en Oekraïne. Onder hen ook veel Roma (zigeuners). De 24-uurs supermarkt onder zijn huis is volgens Král eigendom van een illegale Oekraïner. Wijzend op de supermarkt zegt hij: ,,Hier moet je niet kopen, ze horen bij de maffia. De Oekraïners gaan alle winkeliers langs en zeggen dat ze moeten betalen in ruil voor bescherming. In mijn studio heb ik een knuppel liggen. Ze moeten het niet wagen binnen te komen om me te chanteren.'' Trots en kwaad tegelijk loopt hij verder. ,,Ze brengen hier ook drugs. Die komen uit Arabië. De kwaliteit is bar slecht.''

In de keuken van Mrázek eten we een Tsjechische delicatesse: warme pruimenknoedels met suiker en room. Hij verontschuldigt zich. ,,Onze woning is te klein om met z'n vieren in te leven, maar het gaat niet anders. We moeten nog 29 jaar wachten op een ander huis.'' Even later komt het op de kinderen. Mrázeks vrouw Zdenka maakt zich zorgen. ,,We hebben het geld niet om onze dochters naar de universiteit te laten gaan en hun vioollessen te betalen.''

Mrázek wil niet klagen, brengt het gesprek op de politieke malaise van de afgelopen twee jaar. Ik vraag hem naar de 'muur' in het Noord-Boheemse ásti. In oktober besloot de gemeenteraad van ásti tot de bouw van een muur die een wijk afschermt waar Roma wonen. Officieel heet het dat de muur geluids- en stankoverlast van de zijde van de Roma moet beperken.

Buiten Tsjechië is de kritiek niet mals, de muur wordt gezien als een openlijke uiting van racisme. Er is al geopperd dat het de toetreding van Tsjechië tot de EU in de weg kan staan. ,,De Roma-gemeenschap heeft de bouw van de muur aangegrepen om haar slechte positie onder de aandacht van de media te brengen. De muur valt niet te rechtvaardigen, maar ik denk dat er betere voorbeelden zijn om de discriminatie van Roma aan te tonen. De afgelopen jaren zijn verschillende Roma door skinheads vermoord. De politiek heeft weinig doeltreffend op deze moorden gereageerd. Niet alleen in extremistische partijen, maar ook in de ODS en de CSSD doen politici regelmatig racistische uitspraken. Ook Milos Zeman maakt zich daar schuldig aan.''

De communisten maken volgens Mrázek handig gebruik van de problemen met Roma en andere minderheden. In de communistische tijd zouden er geen conflicten met de minderheden geweest zijn, zeggen ze. En in die tijd was er ook geen sprake van illegalen. Mrázek: ,,Migratie was onmogelijk. En wat de Roma betreft; veel zigeuners werkten in de industrie en toen die na 1989 instortte, werden ze vaak ontslagen. Nu Zeman het minderhedenprobleem niet adequaat oplost en de beloofde economische verbetering uitblijft, zijn veel mensen gevoelig voor de retoriek van de communisten.''

Het verklaart ten dele de groei van de communistische partij, die volgens de laatste peilingen na de ODS de grootste partij is geworden. ,,Ja, maar er is een andere, misschien nog belangrijkere reden. Wij hebben hier niet zoiets als de Neurenberger processen gehad. De meeste communisten hoefden geen verantwoording af te leggen voor hun verleden. In die zin is het misleidend over een 'teloorgang van het communisme' te praten. De communistische partij heeft ook na 1989 een sterke positie in het parlement behouden en heeft meer leden dan welke andere partij ook. Ex-communisten bekleden belangrijke posities in het leger, bij justitie en op de universiteit.''

Een terugkeer van de communistische partij in de regering, zou de toetreding van Tsjechië tot de EU bemoeilijken. En veel Tsjechen zijn ook gaan twijfelen over het Westen na het Navo-ingrijpen in Kosovo. Als Navo-lid waren de Tsjechen plotseling medeplichtig. Volgens Mrázek loopt het uiteindelijk allemaal wel los, de meerderheid van de Tsjechen zal zich realiseren dat de toetreding tot de EU nodig zal zijn.

,,In 1989 dachten we dat het EU-lidmaatschap binnen handbereik lag. Het was toen heel helder waar we naartoe wilden, maar nu is het onduidelijk wat ons de komende jaren te wachten staat. De werkloosheid is gestegen en veel problemen die voor typisch westers worden gehouden - zoals drugs, prostitutie, minderheden en milieu - zijn actueel geworden. Maar de perspectieven zijn gunstig, vooral voor jongeren. Mijn dochters behoren tot de eerste generatie die niet onder het communisme opgroeide. Ze houden zich minder met politiek bezig. Zij zullen zich proberen te ontplooien waar dat voor ons onmogelijk was. Voor mijn generatie blijft het verleden actueel. Ik doe weliswaar het werk dat ik altijd heb willen doen, maar mijn salaris is lager dan voor 1989 en ligt onder het gemiddelde inkomen in Praag. Maar er staat veel tegenover. We leven in een democratie en kunnen vrij reizen. Dat is de toekomst van mijn dochters. Misschien dat mijn generatie er ook nog de vruchten van kan plukken.''

Ook Král weet dat hij bij een overgangsgeneratie behoort. Op de opmerking dat hij vergeleken met zijn leeftijdgenoten een riant leven leidt, reageert hij ontkennend. ,,Er zijn er meer die zo leven als ik. Ik ben een soort gemiddelde. Voor jonge mensen in Praag zijn de mogelijkheden goed, maar je moet handig zijn en soms idiote beslissingen durven nemen. Een vriendin heeft gestudeerd, maar werkt nu als secretaresse voor een westers bedrijf. Ze had ook bij een Tsjechisch bedrijf gesolliciteerd waar ze op haar eigen niveau had kunnen werken. Maar ze boden daar nog niet de helft van het salaris dat ze nu verdient, en dat zou nooit genoeg zijn om haar huur van te betalen.''

In zijn studio laat Král een opdracht horen die hij die dag heeft afgerond. Het is de muziek bij een reclame voor een Japans automerk, waar hij zelf overigens de spot mee drijft. ,,Dit is niet wat ik wil blijven doen'', haast hij zich te zeggen, ,,het is voor het geld.'' Over de komende jaren zegt hij: ,,Eerst wil ik genoeg geld hebben om betere apparatuur te kopen en mijn studio uit te breiden. Daarna zie ik wel verder. Je kunt het beste van dag tot dag leven. Meerjarenplannen zijn nergens goed voor. Dat is mijn filosofie. Ik ken in ieder geval geen betere.''

Deel dit artikel