Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Na Daryll-Ann groeit Anne Soldaat verder in Do-The-Undo.

Home

door Hans Nauta

De Amsterdamse bovenwoning van Anne Soldaat, voorman van de band Do-The-Undo, is niet alleen een thuis en een muziekstudio, maar ook een klein museum. Enkele opstaande Daryll-Ann-singles herinneren aan de lange periode waarin hij gitarist en songschrijver was van die band uit Ermelo die in 2004 stopte, niet lang nadat de cd ’Don’t Stop’ verscheen. Verder foto’s van muzikale voorbeelden en veel instrumenten, zoals het harmonium bij de deur, net zoeen als er vroeger thuis stond in het Groningse Middelstum, waar hij woonde tot zijn ouders naar Ermelo verhuisden. Het is oud en mocht het ooit dienst weigeren, Soldaat heeft alle klanken van het instrument gesampled in de computer. „Probleem is alleen dat je bij elke opname ook de blaasbalg hoort zuchten. Bij het spelen van meerdere tonen wordt dat een flinke bries.”

Iets verderop staan een antieke Philicordia van Philips, een handzaam orgeltje met buizen, en enkele gitaren, veelal van het merk Gibson, omdat die ’veel echter’ lijken dan die van Fender. Hij haalt de Gibson Les Paul Special tevoorschijn waarmee hij voorop de cd ’Daryll-Ann Live’ staat, op de foto heeft hij een verbeten trek rond de mond. Dit is voor Soldaat de archetypische rockgitaar. „Carlos Santana speelde ermee op Woodstock en ook had Pete Townsend hem lange tijd.” Zijn eigen instrument is opnieuw afgesteld en voelt onwennig. „Ik moet hem weer leren kennen. Maar hij klinkt fantastisch, zelfs als je hem hoort zonder versterker.”

Dat komt goed uit, want sinds Soldaat een nieuwe benedenbuurvrouw heeft, kan hij zich niet meer zo uitleven. Bij de opnames van de zangpartijen van zijn onlangs verschenen cd ’Do-The-Undo’ kwam ze klagend de wenteltrap op. „Je kunt niet altijd zachtjes zingen, bij een stampend powernummer moet je in je stem wel laten horen dat je wordt meegesleept.” Maar hij begrijpt haar wel. Niks erger dan iemand zonder begeleiding steeds hetzelfde regeltje horen zingen. Zijn huis isoleren, daar begint hij niet aan, hij haat klussen, en dus hebben ze nu een keurig tijdschema opgesteld.

Een ballad als ’Two Sides’ doet erg aan Daryll-Ann denken, maar verder is ’Do-The-Undo’ vooral een aanstekelijk, opzwepend rockalbum, waarop je hoort dat Soldaat zich meer verdiept heeft in roots-achtige muziek. „Ik heb veel geluisterd naar de vroege opnames van Elvis Presley en Chuck Berry, maar ook naar J.J. Cale. Dat zet je net op een ander spoor dan alleen The Byrds en The Beatles.” In het soleren is Neil Young een leermeester voor hem. „Hij brengt emotie en techniek perfect samen. Je moet jezelf verliezen maar tegelijk de omgeving niet vergeten.”

Achter de kast tovert hij een gebutste gitaar tevoorschijn, zijn eerste elektrische, voor vijfentwintig gulden gekocht van zijn leraar klassiek gitaar. „Die was me toen gelijk kwijt als leerling.” Op de draagbare versterker die erbij hoorde zitten nog de stickers, sommige zelf getekend, van bands van wie hij toen hield. Zoals Status Quo, „heel indrukwekkend”, en hij herinnert zich hoe op klassenavonden ’Down Down’ werd gedraaid. „Sommigen zaten dan op de knieën in een kring, bijna als in een seance, en schudden met de haren, als een soort headbangen.” Soldaat deed niet mee, zijn haar was te kort en bovendien is hij van nature nogal introvert. Gezien zijn karakter was zijn rol in Daryll-Ann hem op het lijf geschreven, namelijk die van gitarist en vocalist net buiten het bereik van de schijnwerper.

Daryll-Ann was een tijdlang de beste band van Nederland, maar bereikte nooit een heel groot publiek. Begin jaren negentig dreigde een doorbraak in Engeland, toen ze een contract tekenden bij Hut Records en bijvoorbeeld in het voorprogramma stonden van The Smashing Pumpkins. Maar na één album stonden ze weer op straat. „Het kwam te vroeg. Rond de albums ’Daryll-Ann Weeps’ (1996) en ’Happy Traum’ (1999) zouden we meer klaar zijn geweest voor zo’n stap.”

Soldaat schreef samen met Jelle Paulusma de nummers die in sfeer en stijl van The Byrds, The Beatles en Neil Young leenden. De directe aanleiding voor het einde van de band was een interview waarin Soldaat zich beklaagde over de scheve verhouding in de band. „Het zat me dwars dat Jelle steeds meer zijn eigen pad ging. Dat interview was de vonk die het buskruit deed ontvlammen.” Het was niet zo gek dat Paulusma zijn eigen plan trok, want na ’Happy Traum’ had Soldaat gezegd te willen stoppen. „Ik zei gewoon: ik ga weg.” Hij begon te experimenteren met elektronica en funkachtige dance, iets wat hij nog steeds doet. Toen hij toch weer ging meespelen, voelde het anders dan voorheen.

Daryll-Ann straalde wel vaker uit een band te zijn van muzikanten die wat stroef met elkaar omgingen maar wel de prachtigste dingen maakten. Zoals toen bij ’Happy Traum’ de ritmesectie niet wist dat de rest aan het opnemen was. „Niet handig van ons en niet zo leuk.”

Het is gelukkig niet zo dat hij zonder Jelle niks uit zijn handen krijgt. „We schreven ook nooit samen, ieder leverde zijn eigen liedjes.” En dat lukt hem nu nog even goed, zo bewijst Do-The-Undo. Contact hebben ze tegenwoordig ’amper’. Paulusma stuurde hem vorig jaar zijn eerste soloalbum. Soldaat heeft nu zijn envelop al klaar liggen. „Er is geen wrevel of weerzin. Maar we hoeven van mij niet elk weekend nostalgisch te gaan terugblikken.”

Bevrijdend is een te groot woord, maar het is goed voor zijn persoonlijke groei dat hij nu zanger is van zijn eigen band. „Dat ik zelf het publiek bij de lurven moet grijpen. Heel leuk is dat, maar ik moet nog wel groeien in die rol.” Als het goed gaat beleeft hij een optreden als een roes. Zit hij niet lekker in zijn vel, dan is het hard werken en ziet hij zichzelf van een afstandje staan ploeteren. „Dat zijn de ergste optredens, dan zie je iedereen kijken en denk je, dit gaat niet goed, je bent verkeerd bezig.” Eerder gaf hij dan op. „Maar dat is niet professioneel en bovendien kom je zelf teleurgesteld uit de strijd. Inmiddels heb ik geleerd hoe je zoiets ten goede keert. Doorgaan, positief blijven en opnieuw op die golf belanden. En het publiek meenemen in die roes.”

Deel dit artikel