Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Muskietengat

Home

ELIAS VAN DER PLICHT

Afstraffingen herinneren we ons nu eenmaal liever niet

We kennen de Verenigde Oost-Indische Compagnie van de handel in specerijen uit de Indische Archipel. Dat de VOC ook belangen had in de Cambodjaanse hertenhuidenhandel is niet echt bekend. John ter Horst rook een verhaal toen hij over de aanwezigheid van Hollandse koopmanslieden in dit Aziatische land hoorde, en schreef 'Muskietengat. Een vergeten geschiedenis van de VOC in Cambodja'.

De ondertitel dekt niet helemaal de lading: het boek gaat net zo goed over het hedendaagse Cambodja. Bovendien, zo vergeten is de geschiedenis ook weer niet. Geef Google een simpele zoekopdracht en je komt direct uit bij een kinderboek uit 2007 over Cambodja, waarin de rol van de VOC (kort) wordt besproken.

Maar goed, laten we niet kleinzerig zijn: Ter Horst heeft gelijk als hij beweert dat de VOC-strapatsen in Cambodja niet echt zijn doorgedrongen tot het collectieve geheugen. "De VOC is toch onze nationale trots? Indonesië, Ceylon, Malakka, Mauritius, de Molukken. Waarom staat Cambodja daar niet bij?", vraagt hij zich af. Het antwoord is simpel: genoemde koloniën waren kansloos tegen het militaire geweld van de Nederlanders, terwijl de VOC in Cambodja smadelijke nederlagen leed. En afstraffingen herinneren we ons nu eenmaal liever niet. Keer op keer werden de Nederlanders weggejaagd. "Ende op die maniere is de Compagnie dan nu weder uyt Cambodia geraeckt."

Cambodja werd een koloniale afgang. Misschien wel de grootste ooit, denkt Ter Horst. Eerder al deed hij er onderzoek. In 2008 promoveerde hij op een proefschrift over de organisatie van de zijdeweefhandel in het land. Bij toeval kwam hij achter de Hollandse inmenging in het Cambodja van de zeventiende eeuw.

Hij besluit de Hollanders van toen achterna te reizen. Wie waren ze? Wat deden ze? Wat hebben ze nagelaten? Ter Horst is geen historicus, maar antropoloog. De lokale bevolking vertelt hem oude verhalen die soms te mooi zijn om waar te kunnen zijn. Onderweg wordt hij geconfronteerd met de recentere geschiedenis van Cambodja. De invloed van de communistische Rode Khmer, met zijn afkeer van geld, moderne techniek, kranten en onderwijs is nog overal voelbaar. Hongersnood, staatsterreur en Amerikaanse bombardementen, de Cambodjaanse bevolking heeft veel te lijden gehad.

Ter Horst weet de plaatsen waar hij komt mooi te karakteriseren. Een kleurrijk stadje dat hij in het noordoosten van het land bezoekt, ziet eruit 'alsof Gaudí hier heeft bijgeklust' en als hij één van de ranzige hotelletjes beschrijft, waant de lezer zich zijn reisgezel. Al snel weet je niet wat erger is: de zure lucht van de schimmel of de ratten die door de rioolbuizen lopen wanneer de douchekraan opengaat. Ter Horst kan er wel tegen. Met een ironische toon heeft hij het allemaal smakelijk opgeschreven.

Het recente conflict tussen Cambodja en Thailand over een grensgebied weet hij simpel en doeltreffend uit te leggen. Het is als met het sprookje van de kikkerkoning. Cambodja was ooit een knappe prins, maar is door de tand des tijds in een lelijke kikker veranderd. Thailand is altijd een aantrekkelijke prins gebleven. "De ironie is dat het welvarende Thailand wellicht de Cambodjaanse kikker de kus kan geven die het nodig heeft, maar de kikker maakt uitgerekend met de verlossende prins ruzie."

Vier eeuwen geleden werd er net zoveel ruzie gemaakt. Over hertenvellen. Hoewel er in sommige jaren flink werd verdiend aan de huiden, overheersten de magere jaren. Oorlog en sjacherende Portugezen zorgden voor moeilijkheden, om nog maar te zwijgen over de malaria. Alles wat mis kon gaan, ging mis. Daarbij kwam dat de Nederlandse kooplieden weinig gevoel hadden voor de lokale verhoudingen, waardoor ze de Cambodjanen schoffeerden en lucratieve handel misliepen.

Helaas voor Ter Horst is er niet veel meer te zien van de aanwezigheid van de VOC'ers, zijn speurtocht levert weinig op: waar het Nederlandse pakhuis stond, is een tempel opgericht; er vaart geen boot meer op de rivier die de kooplieden voor hun handel gebruikten, de gloednieuwe snelweg is namelijk veel sneller; en het opschrift van het graf van een kolonist is weggevaagd. Alles is verdwenen, foetert Ter Horst.

Maar dan komt hij tot een inzicht: Zoals het voor de Rode Khmer onmogelijk was om terug te keren naar een tijd waarin iedereen nog boer was, zo is het onzin om de tijd van Nederlandse kolonisten te willen conserveren. Dat is de les van 'Muskietengat'. En de handel in huiden? Die is ook al lang voorbij. Er is geen hert meer te bekennen in Cambodja. Maar dat komt meer door Amerikaanse bommen dan door de VOC.

John ter Horst: Muskietengat. Een vergeten geschiedenis van de VOC in Cambodja. Atlas Contact, Amsterdam; 253 blz. euro 21,99

-waardering-

Het is te merken dat de auteur antropoloog is en geen historicus, maar de verhalen zijn er niet minder smakelijk om



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie