Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Moestuin slaat aan

Home

Kees de Vré

Het is nog niet zo heftig als in de Verenigde Staten, waar men het gladgeschoren gazon de oorlog heeft verklaard, maar Nederland is weer gek op de tuin.

Steeds meer mensen gaan hun eigen groenten kweken, thuis maar vooral in moestuincomplexen. Met name in en rond de grote steden is het een trend aan het worden. Tuincentra kunnen soms niet aan de vraag naar groenteplantjes en -zaden voldoen. Opvallend is dat vooral jonge gezinnen zich melden. Gezondheid, fun, kinderen leren waar het eten vandaan komt, zijn zo de motieven.

Nederland volgt daarmee in zekere mate landen als Engeland en de VS. Daar spreekt men al van een groene revolutie. De groentezaden zijn in Engeland niet aan te slepen. De verkoop ervan heeft die van bloemenzaden voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog overtroffen. In de VS is een beweging gaande die de oorlog verklaart aan de vele gladgeschoren voortuinen. Die moeten worden omgetoverd in moestuinen. Deze ’guerrilla-gardening’-beweging vindt dat de dertig miljard dollar die daar jaarlijks wordt besteed aan gras voortaan aan het kweken van eigen groenten moet worden uitgegeven. Een gezaghebbend voedselexpert als Michael Pollan, zelf ooit begonnen als tuinier, ziet in de eigen moestuin zelfs een mooie bijdrage aan het terugdringen van het klimaatprobleem. Dat alles heeft wellicht te maken met het armzalige menu dat in die landen doorgaans uit de keuken komt. Het nieuwe tuinieren daar is een statement. De consument keert zich steeds meer af van de fabrieksvoeding die de supermarkten hem voorzetten.

In Nederland reageert men toch wat nuchterder. „Ik wil niet spreken van een rage. Het is eerder een sluipend proces, dat de laatste jaren aan het versnellen is’’, zegt tuinbouwexpert Christ Tielemans, medewerker van het blad Moestuin en docent aan de Hogere Agrarische School in Den Bosch. „Ik zie het aan de volkstuincomplexen. Die stonden eerst leeg, nu zijn er wachtlijsten. Ik merk het ook aan de groeiende belangstelling voor allerlei tuinbladen, zoals Moestuin.”

Herman Vroklage van de koepel van volkstuinverenigingen AVVN bevestigt de toegenomen belangstelling voor het zelf groenten kweken. „Opvallend is nu de combinatie siertuin en moestuin. Voorheen koos men voor óf een siertuin óf een moestuin. Nu maken mensen met een siertuin een hoekje vrij voor wat groenten en kruiden.’’ Van een rage wil Vroklage niet spreken. „Het aantal moestuinen neemt niet toe. Tussen 1993 en 2003 is het aantal volkstuinen, de moestuin valt daaronder, zelfs met 15 procent afgenomen. Nu is het al een aantal jaren stabiel op 240.000. Ruwweg twee derde daarvan is moestuin, die vooral buiten de Randstad zijn te vinden. Bij grote steden zijn het toch vooral siertuinen.’’

Als het gaat om particuliere tuinen constateert Herman Vroklage zelfs een trend naar verstening. „De druk op het openbaar groen wordt almaar groter. Zeker in Vinex-locaties zie je de tuin kleiner worden. Huizen worden belangrijker gevonden. En dat stukje tuin dat overblijft, is aan het verstenen. Bij moestuinen kan dat gelukkig niet. Dat wordt beperkt door strenge regels.’’

Ileen Montijn, schrijfster van het boek ’Naar buiten!’ – over de 19de- en 20ste-eeuwse wooncultuur tegen de achtergrond van ’het verlangen naar landelijkheid’ –, vindt de trend van verstening die van de vergroenting overtreffen. „Het zijn de hoogopgeleide stadsbewoners die buiten de stad een plekje zoeken. Vooral hun tuinen worden meer en meer buitenkamers met tegels en bankstellen, soms zelfs hele keukens. Af en toe wordt er ook ruimte gemaakt voor wat groenten en kruiden. Het is een teken van welvaart. De tuin wordt dan beschouwd als een verlengstuk van het huis. Buiten zitten is een statussymbool, vergelijkbaar met terrassen in de stad. Ik vind het jammer dat het zo gaat.’’

Inkoper Richard Nijveldt van Tuincentrum Overvecht, een van de grote tuincentra in Nederland, ziet op zijn lijsten wel degelijk een groeiende verkoop van groentezaden en -planten. „Het is al enkele jaren gaande, maar vorig jaar was er een sprong van 10 à 15 procent te zien. 2007 is echt een omslagpunt, en dan met name bij de planten. Mensen willen snel resultaat. De voorlopige cijfers van dit jaar laten zien dat het aanhoudt.” Vooral kruiden en kleurige groenten zijn in. Nijveldt: „Dan moet je denken aan citroenmelisse, salie, maggiplant bij de kruiden en rode sla en bietjes bij de groenten. Het moet leuk ogen. Maar ook paprika, aubergine en courgette stijgen snel. Ik verwacht dat het doorzet. Soms kan ik niet aan de vraag voldoen.’’

Waren voorheen de moestuiniers vooral mannen van boven de 55 jaar die langs de spoorbaan hun sperziebonen stonden te oogsten, nu zie je steeds vaker gezinnen met kinderen met hun handen in de aarde wroeten. „Dat is inderdaad opvallend. Vooral door hen ontstaan de wachtlijsten bij de volkstuincomplexen in en rond de grote steden’’, zegt onderzoekster Agnes van den Berg, werkzaam bij Alterra, kennisinstituut voor de groene ruimte en onderdeel van de Wageningen Universiteit. „Hun motieven zijn er meerdere: een veilige speelplek voor de kinderen, ze laten zien waar het eten vandaan komt, ongerustheid over bestrijdingsmiddelen, gezonde voeding in het algemeen. Gestegen voedselprijzen spelen niet zo mee. Het is meer een kwestie van lifestyle.”

De onderzoekster verbaast zich wel over de groeiende populariteit van het moestuinieren. ,,Je moet er best wat van weten. De kennis die vroeger van vader, moeder, opa of oma kwam, is nu niet meer vanzelfsprekend aanwezig in elk gezin. Bovendien kost het ook veel tijd om zo’n tuin bij te houden.” Bladmanager Mileid Rahder van Onze EigenTuin: „Welnee, gewoon beginnen, al doende leert men. Als je iets niet weet, kun je het toch gewoon vragen.’’

Vroklage van de volkstuinenkoepel AVVN: „De nieuwe instroom onderschat het tuinieren. Het is meer dan een paar zaterdagen de plantjes water geven. Ik denk dat een deel het ook weer opgeeft. Daarom hebben sommige verenigingen coaches aangesteld voor de begeleiding.’’

Moestuin-redacteur Tielemans: „Het nieuwe tuinieren is mede op fun gericht. Het moet leuk zijn. Ik vermoed dat men er iets te gemakkelijk tegenaan kijkt. Het is echt een handenbinder. Het verloop zal daarom groter zijn dan vroeger. Maar dat is iets wat je ziet in de hele samenleving. Er wordt constant gezapt.’’

Deel dit artikel