Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Minister heeft haast met pensioenplan, maar de twijfel groeit

Home

Lidwien Dobber

Minister Henk Kamp van Sociale Zaken bij het SER-gebouw in Den Haag. Op de achtergrond FNV-voorzitter Agnes Jongerius (L) en voorzitter van VNO-NCW Bernard Wientjes (R). © anp

Minister Kamp wil dat de Tweede Kamer voor het zomerreces, eind volgende week, zegt of ze dit najaar haar zegen geeft aan de pensioenafspraken die hij met werkgevers en werknemers heeft gemaakt. Vandaag beslist de Kamer of ze de minister ter wille is.

Ondertussen zwelt de kritiek aan, vooral op de afspraken die werkgevers en werknemers anderhalve week geleden maakten over de aanvullende pensioenen. En de kritiek komt niet langer alleen van bonden. Economen, pensioendeskundigen en zelfs De Nederlandsche Bank en het Centraal Planbureau uiten grote twijfels. Waar zit de pijn?

1 Risico is de norm

Hoewel het woord 'prudent' negen keer voorkomt in het 22 pagina's tellende document, is het pensioenakkoord gestoeld op het nemen van risico. Want wie zijn geld prudent op een spaarrekening zet, haalt bij lange na niet de rendementen die pensioenfondsen nodig hebben om aan hun verplichtingen te voldoen.

Fondsen krijgen de ruimte om risicovoller te beleggen en hopen op mooie opbrengsten, maar vergroten zo ook de kans dat het een keer flink misgaat.

Daar hebben gepensioneerden en werknemers last van, maar het schaadt ook de economie als geheel, waarschuwt Lex Hoogduin, directeur van De Nederlandsche Bank. "Pensioenfondsen waren altijd een bron van stabiliteit." Nu ze worden geprikkeld om risico te nemen, worden ze ook gedwongen sneller op marktontwikkelingen te reageren. Ze zijn geen partij meer van de lange adem, die de schommelingen in de economie dempt, vreest Hoogduin.

2 Fonds mag rekenen met zonneschijn

Een tweede voordeel - en potentieel gevaar - van risicovol beleggen is dat het verwachte rendement hoog is. Fondsen mogen met die hoge verwachting rekenen, waar ze nu nog moeten uitgaan van de dagrente, die veel lager ligt.

Een voorbeeld: heeft een fonds een verplichting van 103 euro en rekent het met de rente van 3 procent, moet het 100 euro in kas hebben. Als het rekent met een verwacht rendement van 8 procent, hoeft het maar 95 euro te reserveren.

Wordt dat mooie resultaat niet gehaald, dan is er een dubbel probleem: het fonds moet het tekort aan rendement compenseren en het heeft minder reserves in kas om de klap op te vangen.

3 Jongere weet niet waarvoor hij betaalt

Hoeveel geld hebben de fondsen nog over tegen de tijd dat de jongeren van nu met pensioen gaan? Die vraag speelt, omdat fondsen niet langer verplicht zijn om buffers aan te houden. Het wordt ze aanbevolen, niet meer dan dat. Gaat het mis op de beurs, dan kan de verleiding groot zijn om met de reserves, die nodig zijn om ook over veertig jaar nog pensioenen uit te keren, de pijn voor de huidige gepensioneerden te verzachten. Fondsen krijgen tien jaar de tijd om hun tekorten aan te zuiveren. En dan maar hopen dat de beurs dan weer crescendo gaat...

Het is de vraag of we niet doorschieten, zei Casper van Ewijk, adjunct-directeur van het Centraal Planbureau, onlangs in 'Buitenhof'. Een fonds kan er straffeloos voor kiezen om de huidige pensioenen te indexeren, ook als dat betekent dat er dan minder overblijft voor later. Van Ewijk: "Als je meer uitdeelt aan ouderen, blijft er voor jongeren minder over."

Zijn uitspraken zijn pikant omdat het CPB op dit moment in opdracht van de minister bekijkt hoe het pensioenakkoord uitpakt voor de verschillende generaties. Dat onderzoek zou oorspronkelijk in februari 2012 klaar moeten zijn, maar wordt nu versneld uitgevoerd, zodat de deadline van minister Kamp niet in gevaar komt. Hij wil dat het nieuwe pensioenstelsel op 1 januari 2013 wet wordt.

Deel dit artikel